De arm van Erdogan

©

Amsterdam zucht van de hitte. Van Oost tot West worden de bruggen nat gehouden om uitzetting te voorkomen. Mannen fietsen in korte broek, vrouwen laten hun jurkjes wapperen in de nazomerse warmte. Maar op dit schoolplein in Osdorp hangen de gewaden tot op de grond. De grotendeels Turkse vrouwen handhaven hun vrome beginselen, weer of geen weer. Dus ook op woensdagochtend tegen twaalven als het tijd is de kinderen van school te halen.

Vrijwel iedereen praat Turks. Ook de kleine minderheid van hoofddoekloze, westers geklede vrouwen met nagellak doet dat. Soms knijpt een woordje als ‘hoest’ er tussenuit: kennelijk gaat het over de dingen waarover het meestal gaat op schoolpleinen, over kindergedoetjes. Niet over Fethullah Gülen, de islamitische denker en pedagoog die volgens de Turkse president Erdogan verantwoordelijk was voor de couppoging in juli. Basisschool Witte Tulp zou een Gülenschool zijn en als gevolg daarvan belandde het zomaar op de golven van het landelijke nieuws. Net als op andere ‘Gülenscholen’ liepen de spanningen hoog op; ouders werden onder druk gezet om hun kinderen van school te halen.

Terwijl de gemeenteraad op het punt staat lang en stormachtig te vergaderen over de namenlijsten die op scholen als Witte Tulp zouden rondgaan, kletsen de Turkse moeders dat het een aard heeft. Blauwe stalen voetbaldoeltjes, klimrekken boven zachte tegels: niets bijzonders te zien. Maar een enkele moeder geeft toe dat er onderhuids veel speelt. „Het is nog veel erger dan iedereen denkt”, zegt ze zachtjes. „Ouders gingen op vakantie naar Turkije en daar was het eerste wat ze hoorden: op welke school zitten je kinderen? Zo lang is de arm van Erdogan. Heel beklemmend.”

In multicultureel Osdorp is Witte Tulp, vlakbij het winkelcentrum, een vrijwel geheel Turkse school met een Turkse directeur. Door de grimmige sfeer na de mislukte coup verloor de school een derde van haar leerlingen. Een moeder zegt dat de klas van haar zoon plotseling gehalveerd was. „Ineens waren zijn vriendjes weg, hij kon niet eens afscheid van ze nemen. En ik ook niet van hun ouders. Anders was dit altijd een warme school, en nu deze kilte. Vreselijk.”

De ‘Erdogan-ouders’, zegt de moeder, die op geen enkele manier beschreven wil worden, zo diep zit de angst, waren net als de meeste anderen zeer tevreden over deze school, de kleine klassen, de gemotiveerde leerkrachten, de duidelijke structuren. „Ze wilden hun kinderen dolgraag hier houden. Maar veel Turken zijn ondernemers en die vreesden hun klandizie te verliezen nu Witte Tulp op de lijst met Gülen-instellingen bleek te staan.”

Naar wie de vrouwen op deze ‘Gülen-school’ ook luisteren, in ieder geval niet naar de directeur. Iedereen negeert zijn gebod om hier Nederlands te praten. De invloed van buiten, of het nu een omstreden moslimdenker is of een Turkse president, reikt tot voorbij de hoge stalen hekken en woekert op het schoolplein, langs de kinderwagens, onder de hoofddoeken — en in het gebabbel dat mogelijk toch ernstiger is dan je als voorbijganger vermoedt.

Auke Kok is schrijver en journalist.