En dan schakelen we nu over naar de bezemkast

Voetbalcommentaar

De voetbalcommentator zit lang niet altijd meer in het stadion als hij een wedstrijd verslaat. Dat heeft nadelen. Maar ter plaatse zijn is duur.

De presentator en commentator van Ziggo Sport tijdens de voorbeschouwing van Manchester United - Manchester City, afgelopen zaterdag. De twee zitten in dezelfde studio, op zo’n tien meter van elkaar.

„Goede reis”, zei Matthijs van Nieuwkerk vorige week na afloop van zijn gesprek met voetbalcommentator Wytse van der Goot in DWDD. Van der Goot zou namelijk in het weekend Manchester United - Manchester City van commentaar voorzien voor Ziggo Sport. Tijdens het gesprek had Van Nieuwkerk hem ook al gevraagd te fantaseren over hoe de stad er tijdens de beladen derby uit zou zien, „morgen, als jij er aankomt”. Aan het eind van het item besloot Van der Goot hem toch maar te corrigeren: hij zou er zelf helemaal niet zijn. Hij zou verslag doen vanuit een „bezemkast” in Amsterdam.

De verwarring was veelzeggend. Tot een paar jaar terug was het vanzelfsprekend dat de voetbalcommentator de kijker toesprak vanuit het stadion. Daar krijgt hij immers veel meer mee van de wedstrijd dan met alleen een televisie voor zijn neus: overtredingen buiten beeld, iemand die gaat warmlopen, de sfeer op de tribune. Bovendien kan hij voor en na de wedstrijd spelers en coaches interviewen.

NOS zit er meestal wel

Alle partijen die in Nederland uitzendrechten van belangrijke competities hebben, beamen de voordelen. De NOS (Eredivisie, WK’s en EK’s), SBS/Veronica (Champions League), RTL (Europa League) en Ziggo Sport (de Engelse en Spaanse competitie) stellen alle vier: de commentator naar het stadion sturen is zonder enige twijfel beter. Arno Vermeulen, chef commentatoren – en zelf ook commentator – bij de NOS: „Je bent niet afhankelijk van de televisieregisseur, want je kunt zelf naar het veld kijken.”

Tv-commentatoren van de NOS zitten vrijwel altijd in het stadion, zowel bij live wedstrijden als bij eredivisie-samenvattingen. De enige uitzondering, zegt Vermeulen, is als er tijdens de laatste twee speelronden negen wedstrijden tegelijk aan de gang zijn. „Dan bemannen we pakweg zes wedstrijden ter plaatse en drie in Hilversum.” Die verslaggevers zitten dan ‘off tube’, zoals dat in vaktermen heet.

Ook bij de Champions League-wedstrijden – vorig jaar bij SBS 6, nu bij zusterzender Veronica – zit de commentator „in principe” gewoon in het stadion, zegt een woordvoerder van de omroep. Slechts bij hoge uitzondering blijft de commentator thuis. Zoals eind deze maand, als PSV helemaal naar het Russische Rostov moet voor een uitwedstrijd. Die reis is te ver om de commentator er drie dagen voor uit te laten trekken.

En als Feyenoord donderdagavond in de Europa League tegen Manchester United speelt, hoort de kijker Leo Driessen ‘gewoon’ vanuit de Kuip. Maar dat is een wedstrijd in Nederland. RTL, dat de rechten voor de Europa League bezit, zet de commentator van dienst bij uitwedstrijden met regelmaat in een Hilversumse ruimte. Voor elke wedstrijd wordt besloten of er een verslaggever heengaat (die op locatie presenteert en interviews kan afnemen) of een commentator. Een verslaggever heeft meestal de voorkeur: die „heeft meer toegang tot spelers en trainers”, aldus een woordvoerder. Panathinaikos - Ajax, ook deze donderdagavond, wordt voorzien van Hilversums commentaar. RTL schat in wat het meeste oplevert voor de kijker „binnen het budget”.

Zo’n plek is duur

Waarmee de belangrijkste reden voor de trend genoemd is: geld. Dat gaat op voor alle zenders – ook het budget van de NOS staat onder druk. Het kost alles bij elkaar „duizenden euro’s” om een commentator op een speciaal daarvoor ingerichte plek te zetten en een verbinding tot stand te brengen met het thuisfront, zegt Wytse van der Goot, die naast Ziggo Sport ook voor SBS en Veronica werkt. De sportzender van Ziggo heeft de rechten voor de Engelse en Spaanse competitie, die vrijwel altijd vanuit Nederland van commentaar worden voorzien.

Afgelopen zaterdag zat Van der Goot dus in een Amsterdams hokje, op slechts een paar meter van de studio met de presentator en de analist. De term ‘bezemkast’ is wat overdreven, maar veel scheelt het niet. „Formaat kleine badkamer”, zegt Van der Goot. „Ik heb een paar vierkante meter met een bureau, een pc, een Full HD-tv en wat ruimte voor papieren.” In dat hokje ziet hij exact hetzelfde als wat de kijker ziet. Valt de verbinding weg, dan heeft ook hij geen idee wat er zich op het veld afspeelt.

Toch leek het zaterdag alsof hij in het stadion zat. De kijker zag tijdens de voorbeschouwing een ‘split screen’ met links de presentator en rechts Van der Goot, koptelefoon al op, met achter hem een plaatje van een stadion. „Een vormkeuze”, zegt Van der Goot. Zou Ziggo daar géén bordkartonnen stadion achter hangen, dan zou de tv-kijker een schuimrubberen isolatiewand zien. „Dat is gewoon niet aantrekkelijk. Ziggo doet dat niet om de kijker in het ootje te nemen.” SBS zegt: „We gaan geen toneelstukje opvoeren of er geheimzinnig over doen. Maar we hoeven het ook niet constant te melden.”

Van der Goot wil zelf ook niet net doen alsof hij bij de wedstrijd is. Hij zou daarom nooit afsluiten met iets als ‘terug naar Amsterdam’. ‘Dit was Manchester’ vindt hij dan weer wel kunnen. De kijker heeft immers negentig minuten lang naar Manchester zitten kijken.

Nog iets verder gaat zijn Ziggo Sport-collega Sierd de Vos, die de kijker tijdens wedstrijden van de Spaanse competitie met regelmaat, vanuit de bezemkast, restaurants aanraadt als je ‘hier’ toch bent. In Madrid dus, of Sevilla, of Malaga. Van der Goot: „Sierd is in al die stadions al minstens tien keer geweest. Voor hem gelden andere regels.”