PVV gunt kiezer wel heel ruim mandaat

Referendum

De PVV wil vier keer per jaar referenda, bindend bovendien. Elk onderwerp is mogelijk, ook afschaffing van de zwaartekracht.

Foto Kees van de Veen

Na het Oekraïne-referendum van april heeft de PVV de smaak te pakken. Dinsdag presenteerde de partij een plan om voortaan vier keer per jaar naar de stembus te gaan voor een bindend referendum, over onderwerpen die de bevolking mag aandragen.

Waar het Oekraïne-referendum nog ‘raadplegend’ was – kiezers werd advies gevraagd over een bestaand associatieverdrag – gaat de burger wat Wilders betreft ditmaal op de stoel van parlement en regering zitten. Slagen actiegroepen erin 300.000 handtekeningen te verzamelen voor een bindend referendum over Nederlandse uittreding uit de Europese Unie? Dan komt dat referendum er.

Een volksraadpleging over sluiting van alle moskeeën? Een verbod op hoofddoekjes? Alle onderwerpen zijn mogelijk wat de PVV betreft, zelfs een referendum over afschaffing van de zwaartekracht. „Hoewel het onwaarschijnlijk lijkt dat een dergelijk voorstel de 300.000 ondersteuningsverklaringen verwerft, heeft een stemming daarover ook weinig negatief effect en hoeft het dus niet te worden verboden”, zo staat in het voorstel dat in opdracht van de PVV werd geschreven door het Forum voor Democratie van Thierry Baudet.

Behoefte aan een correctie

Het Oekraïne-referendum kostte meer dan 30 miljoen euro, dus dat negatieve effect van onzinnige referenda zou er wel zijn. Los daarvan, is dit PVV-plan een zegen voor de democratie? Onderzoekers stellen keer op keer vast dat burgers meer gehoord willen worden bij de besluitvorming. Eens in de vier jaar naar de stembus om volksvertegenwoordigers aan te wijzen is veel mensen niet genoeg. „Referenda kunnen voorzien in een behoefte aan een correctie op langjarige mandaten”, zegt hoogleraar staats- en bestuursrecht Wim Voermans van de Universiteit Leiden. Maar hij voorziet grote ongelukken als het PVV-plan in een keer wordt ingevoerd. Volgens Voermans trekt de PVV een „valse parallel” met Zwitserland, waar de referendumcultuur zich ruim 150 jaar heeft kunnen ontwikkelen. „Uitvoeren van deze plannen zou mogelijk tot grote instabiliteit in Nederland leiden”, zegt Voermans, die door Baudet om advies is gevraagd bij het opstellen van het rapport.

Voermans vreest dat boze burgers bindende referenda zullen gebruiken om „de scalp” van de regering te eisen. Zo vreest hij dat Nederland binnen een mum van tijd buiten de Europese Unie belandt: „Er zou geen land zijn dat daar meer spijt van krijgt dan Nederland.” Hij bepleit meer raadplegende referenda, zodat Nederland een referendumcultuur kan ontwikkelen. Voermans: „Bij het afgelopen referendum zag je dat de Oekraïeners door het nee-kamp werden geframed als karpatenkoppen die allemaal frauderen. Het ja-kamp had nog geen idee hoe daarop te reageren.”

Dat Nederland een bindend referendum krijgt over nieuwe wetgeving is niet uitgesloten. De Eerste en Tweede Kamer hebben al ingestemd met een voorstel hiertoe van PvdA, D66 en GroenLinks. Omdat dit wijziging van de Grondwet vereist, moet er in de volgende zittingsperiode in beide Kamers een tweederde meerderheid voor zijn.

Hoogleraar bestuurskunde Frank Hendriks (Universiteit Tilburg) verwacht niet dat die er komt. „Zeker na het Oekraïne-referendum denk ik dat de politieke en bestuurlijke elite bevreesd is dat dergelijke referenda worden gekaapt door populisten”, zegt Hendriks.

Ook Voermans denkt dat het voorstel het niet gaat halen. Volgens hem zitten alle kampen na het Oekraïne-referendum met een kater. Voorstanders omdat de initiatiefnemers van het referendum het verdrag gebruikten om de onvrede over de EU aan te wakkeren, tegenstanders omdat nog niet duidelijk is wat er met de uitslag gebeurt. De toegenomen terughoudendheid bij de middenpartijen tegenover referenda maakt het veel radicalere PVV-plan in de huidige politieke verhoudingen helemaal onhaalbaar.