Voor Juncker is het nu of nooit

EU Na heftige zomer – Brexit, terreur, Turkije – moet Commissie-voorzitter Juncker in jaarrede EU inspireren. Kan hij dat?

Jean-Claude Juncker tijdens een speech voorafgaand aan de G20-top in China. Foto China Daily/Reuters

Jean-Claude Juncker houdt woensdagochtend in Straatsburg de belangrijkste toespraak van zijn vijfjarige termijn als Commissievoorzitter. Eerste doel: het besmettingsgevaar beperken van Brexit, het Britse besluit uit de EU te stappen. Tweede: Europa ervan overtuigen dat hij de juiste man is in de strijd tegen de alom dreigende neerslachtigheid.

Anders dan de ‘State of the Union’ in de Verenigde Staten heeft de Europese variant nooit op veel enthousiasme kunnen rekenen. Met degene die de rede (sinds 2010) elke september uitspreekt, de voorzitter van de Europese Commissie, voelen Europeanen nu eenmaal minder binding dan Amerikanen met hun president. Toch zal morgen extra goed worden geluisterd.

„Het is in feite de eerste keer dat Juncker zich uitspreekt na een heftige zomer”, zegt Europarlementariër Bas Eickhout (GroenLinks).

„Brexit, aanslagen, Turkije – het was druk, en nu regent het fundamentele vragen over het nut van de EU en van de Commissie. Daarop moet Juncker antwoord gaan geven.”

Volgens Manfred Weber, leider van de Europese Christendemocraten, is het „nu of nooit.”

Commissie met lege handen

Juncker trad in 2014 aan met twee beloftes: zijn Commissie zou ‘politieker’ worden en zich meer als een gelijkwaardige gesprekspartner van EU-lidstaten gaan gedragen. Ook zou ‘Brussel’ minder ‘overbodige’ wetgeving produceren, door zich meer op hoofdzaken te richten. Dat laatste is aardig gelukt, als je afgaat op het geklaag van het Europarlement over het gebrek aan nieuwe voorstellen.

Het eerste streven – Europa de weg wijzen – is minder geslaagd. Tijdens de vluchtelingencrisis wilde de Commissie een hoofdrol spelen, maar lidstaten stonden dat niet toe. Ook rond Griekenlands financiële problemen wist Juncker het initiatief niet naar zich toe te trekken. Resultaat na twee jaar: een Commissie die in de hoofdzaken ook weinig invloed meer lijkt te hebben. Een EU-bestuur, kortom, met pijnlijk lege handen.

Eickhout is vaak zeer kritisch over Junckers koers, maar een zwakke Commissie is volgens hem slecht nieuws, vooral ook voor kleinere landen als Nederland:

„Je ziet nu al dat de grote landen meer macht naar zich toetrekken.”

In aanloop naar de top die EU-leiders vrijdag houden in het Slowaakse Bratislava, zijn het vooral Parijs en Berlijn die proefballonnen oplaten, zoals het idee om militair intensiever samen te werken.

Niet alleen kommer en kwel

Het is niet alleen maar kommer en kwel. Het door Juncker gelanceerde investeringsfonds, waarbij de EU-begroting als garantie wordt gebruikt om investeerders over de streep te trekken en de Europese economie aan te zwengelen, lijkt te werken. Van de 315 miljard euro aan beloofde extra investeringen in drie jaar tijd waren er in juli, na één jaar, al ruim 115 miljard gegenereerd. Mogelijk kondigt Juncker woensdag aan dat het fors zal worden uitgebreid.

Dat Commissieplannen, zoals op het gebied van asielbeleid of diepere economische integratie, niet meteen aanslaan, betekent niet dat ze er ook nooit komen. Europees beleid is vaak een kwestie van zaadjes planten en emmers geduld. De oprichting van een gemeenschappelijke grens- en kustwacht leek nog niet zo lang geleden potsierlijk, maar is intussen, onder druk van de asielcrisis, een feit. Ook dat kan Juncker claimen als succes.

Desondanks zit de 61-jarige Luxemburger toch vooral in het verdomhoekje. De Commissie is altijd al een populaire boksbal voor nationale politici die het zelf ook allemaal even niet meer weten, en sinds Brexit zijn er daar veel meer van. Wat niet hielp is de wijze waarop Juncker in juni zelf reageerde op het Britse referendum: bits, uit de hoogte en verongelijkt, als een bedrogen minnaar. Geruchten over vermeende gezondheidsproblemen deden de rest. Opeens was hij aangeschoten wild.

Terugvechten

Woensdag vecht Juncker terug. Sterker nog: hij is daar al mee begonnen. Vorige week trok hij persoonlijk een voorstel terug over de afschaffing van roamingtarieven, na kritiek dat het bereikte compromis vooral de telecomsector diende, en niet de consument. Maandag, ook weer na een stortvloed aan kritiek, kondigde hij een intern (ethisch) onderzoek aan naar de omstreden benoeming van zijn voorganger, José Manuel Barroso, bij zakenbank Goldman Sachs.

De steeds weer terugkerende boodschap: dit is de Commissie van de gewone man. Begripvol, niet elitair, dienstbaar. Ook de ‘boete’ van 13 miljard euro die de Commissie oplegde aan belastingzondaar Apple past in dat patroon.