Olympische twist over kindermoord

Antropologie

Mag de Braziliaanse overheid ingrijpen in het leven van geïsoleerde indiaanse gemeenschappen? Ja, zeggen de bestrijders van infanticide.

Foto Adriana Huber/Survival

De organisatoren van de Paralympische Spelen in Rio de Janeiro hebben een lans gebroken voor een omstreden wetsontwerp ter preventie van zuigelingenmoord bij inheemse volken. Als de wet wordt aangenomen zou er een einde komen aan de praktijk dat de Braziliaanse autoriteiten niet tussenbeide komen in de aangelegenheden van geïsoleerd levende indiaanse gemeenschappen in het Amazonegebied.

Een van de fakkeldragers tijdens de openingsceremonie was een spastisch indiaans meisje, Iganani Suruwaha. Toen zij zes jaar oud was en nog steeds niet kon lopen, is haar moeder door de gemeenschap onder druk gezet om het kind achter te laten in het bos. De moeder, Muwaji, heeft het meisje vervolgens meegenomen naar een naburige zendingspost, waar men zich over hen heeft ontfermd. Sindsdien is Iganani een poster child geworden van de zending, die met haar verhaal aandacht vraagt voor traditionele praktijken van geïsoleerd levende indiaanse volken die zouden indruisen tegen de mensenrechten.

In een persbericht beschuldigen de organisatoren van de Paralympische Spelen de inheemse volken van Brazilië van infanticide (zuigelingenmoord) en andere ‘schadelijke traditionele praktijken’. Zij wijzen op de zogenoemde ‘Muwaji-wet’, die al is goedgekeurd door de Kamer van Afgevaardigden en nu in behandeling is bij de Senaat. Volgens het persbericht moet die „de grondrechten van inheemse volken garanderen”. Deze politieke zet van ‘Rio 2016’ heeft geleid tot protesten van Survival International, een Britse ngo die opkomt voor de rechten van inheemse volken en grote bezwaren heeft.

Op initiatief van evangelische zendingsorganisaties bevat de wet een bepaling die autoriteiten machtigt indiaanse kinderen weg te halen bij hun families. Hij verplicht ook alle leden van inheemse gemeenschappen, ook familieleden, om aangifte te doen als zuigelingen ‘risico lopen’, op straffe van vervolging voor nalatigheid. Zodra hun kind is meegenomen en aangeboden voor adoptie, mogen ouders dit besluit niet aanvechten. Het wetsontwerp breekt met de heersende praktijk, waarin de Braziliaanse overheid wet- en regelgeving niet kan opleggen aan geïsoleerd levende indiaanse gemeenschappen die vallen onder de Funai, een overheidsdienst voor de bescherming van inheemse volken op Braziliaans grondgebied.

Muwaji en Iganani zijn Suruwahá, een kleine indiaanse gemeenschap die teruggetrokken leeft aan de Poros, een zijrivier van de Amazone, in de deelstaat Amazonas. De gemeenschap, die niet meer dan 150 zielen telt, bestaat uit leden van verschillende volkjes die zich in de eerste helft van de twintigste eeuw hebben onttrokken aan contacten met de buitenwereld waarmee ze slechte ervaringen hadden opgedaan.

Bij Amazonevolken worden zuigelingen die worden beschouwd als niet-levensvatbaar, in de zware omstandigheden van een bestaan van jagen en verzamelen, vanouds achtergelaten in het bos. Infanticide komt nog overal ter wereld voor. Het laatste grote onderzoek is in 2000 uitgevoerd door Simon Mays, verbonden aan de universiteit van Southampton. Zijn steekproef omvatte 400 volken en hij stelde vast dat in 80 procent infanticide voorkomt. Daarbij zijn gevallen van fatale verwaarlozing niet meegerekend. Over het algemeen vindt de gemeenschap infanticide toelaatbaar op gronden van levensvatbaarheid of overspel.

Volgens de Braziliaanse antropoloog Miguel Aparicio Suárez, die jaren met de Suruwahá heeft gewerkt, komt infanticide daar hoogstzelden voor. Hij verwijt fundamentalistische zendingsgenootschappen dat zij met dit verhaal aandacht willen trekken sinds de regering hun heeft verboden te werven onder indiaanse gemeenschappen

    • Dirk Vlasblom