Verknocht aan de beurs

Reportage Beleggingsstudieclubs

Als de koersen stijgen, stappen meer particulieren in aandelen. Het aantal huishoudens dat belegt kruipt richting de 1 miljoen. Maar het aantal beleggingsclubs slinkt. „Je moet beleggen zonder emoties.”

‘ArcelorMittal is een groot drama. Misschien moeten we eens zeggen: Weg daarmee”, vertelt Willemijn Hiemstra, verwijzend naar de ongeveer 5 euro waarop de aandelenkoers van de staalproducent staat. En dan, met een knipoog: „Want ik weet niet of wij er nog zijn voordat Arcelor weer op de 17 euro staat waarvoor we het kochten.”

Elf dames, in leeftijd variërend van 57 tot 78 jaar, zitten in een carré-opstelling in een vergaderzaaltje van de Agnus Dei Kerk in het Brabantse Waalre. De een heeft een dikke multomap voor zich, de ander een iPad. Koffie en koekjes staan op tafel.

Zo zitten ze daar iedere tweede woensdagochtend van de maand. Dan komen ArcelorMittal, Adecco, Shell en ander bedrijven in hun aandelenportefeuille voorbij. Dan bespreken ze interessante nieuwe investeringen.

Jeanne Raaphorst: „Ik stel voor om in Philips te investeren, die hebben een nieuw apparaat voor ouderen die langer thuiswonen. Het herinnert ze bijvoorbeeld eraan wanneer ze hun pillen in moeten nemen en er zit ook gps in. De overheid juicht thuiswonen voor 150 procent toe, dus dat is interessant.”

Hiemstra: „Snappen ze het ook, die bejaarden?”

Raaphorst: „Die zijn net zo oud als jij, dus als jij het snapt...”

De dames zijn lid van De Geinige Gulden, de oudste nog actieve beleggingsclub in het land. Dit jaar viert zij haar 45-jarig jubileum. Vorig jaar boekte De Geinige Gulden een rendement van 13,5 procent, dankzij het met winst verkopen van aandelen in onder meer Apple, GrandVision (brillen) en Shell. In portefeuille zitten momenteel aandelen in tien bedrijven ter waarde van zo’n 14.000 euro.

Geen astronomisch bedrag, maar dat moet ook niet, want anders wordt het toetredingsprijs voor nieuwe leden te hoog. „Het draait om het leren en oefenen van beleggen”, zegt Paul Hoelen, de beleggingscoach van De Geinige Gulden.

„Wat moet ik met al die dames”, dacht Hoelen (71) toen hij ongeveer veertig jaar geleden door een directielid van ABN bank, waar hij als beleggingsadviseur werkte, werd gevraagd om coach voor de club te worden. Al snel was hij enthousiast. „Ze zijn heel leergierig en voelen zich verknocht aan de beurs.”

Voor Rita Jager, lid sinds 1995, geeft het een extra dimensie aan haar leven. „Het is interessant om de financiële situatie in de wereld in de gaten te houden, ik kom in aanraking met innovatieve bedrijven waar ik anders nooit van had gehoord. Als je alleen maar kunst bestudeert of zogenaamd leuke dingen doet, ben je heel eenzijdig bezig.”

Jonge garde

Beleggingsstudieclubs zijn na de Tweede Wereldoorlog komen overwaaien uit de Verenigde Staten. Veel studieclubs van het eerste uur in Nederland, zoals De Geinige Gulden, waren vrouwenclubs. Vrouwen werden vroeger namelijk zelden betrokken bij de financiën van het huishouden. „En als de echtgenoot dan overleed, zaten de dames met de handen in het haar”, zegt Hiemstra, die jaren geleden actief was bij de Nederlandse Centrale Vereniging van Beleggingsstudieclubs (NCVB).

Die NCVB is inmiddels opgegaan in de Vereniging Effecten Bezitters (VEB) en is minder actief dan vroeger. Het aantal clubs is ook flink achteruit gehold. Op het hoogtepunt, rond de millenniumwisseling, waren er zo’n 1.200 clubs actief. Bij de VEB schat men het huidige aantal beleggingsstudieclubs op tussen de 320 en 350.

Met de stijgende beurs trekt het aantal clubs iets aan, zegt de VEB. Maar de structurele trend, een daling, lijkt niet te keren. Hoelen denkt dat „de jonge garde” minder voor beleggingsstudieclubs te porren is, omdat je tegenwoordig via internet kunt leren beleggen en er alles kunt vinden. „Nu weet iedereen meteen alles over bedrijven. Vroeger duurde het een dag of drie voor je het in de krant las.”

Minder clubs dus, maar aan de naamgeving wordt nog steeds veel aandacht besteed. Duitenberg, De Boterham, Het Luchtkasteel en Mijn Laatste Stuiver. Eén naam is verreweg het populairst, leert een blik in het register van de Kamer van Koophandel. Er zijn maar liefst vijftien clubs die de naam Pecunia Non Olet (geld stinkt niet) dragen.

Garageboxen

„Aan die naam dachten wij eerst ook”, zegt penningmeester Edwin Gels van beleggingsstudieclub De Zilveren Tulp in Zwolle. Maar toen de vijf leden zagen dat er daar al meer van waren, vonden ze dat niet origineel genoeg en werd het dus De Zilveren Tulp? Gels: „Tulp vanwege de tulpenmanie. En zilver omdat het na goud komt. De Gouden Tulp vonden wij een beetje te ordinair klinken en te veel verwachtingen scheppen.”

De Zilveren Tulp wordt gevormd door vijf mannen van begin dertig. Vrienden van vroeger uit Zwolle en omstreken die in 2012 besloten om samen te gaan beleggen om meer vermogen op te bouwen en kennis te delen.

„Ons doel is gezelligheid en vermogensopbouw op de lange termijn”, zegt voorzitter Danny Manning. Flesjes Brand en borrelnootjes staan op de langwerpige houten tafel in de vergaderkamer van Webba, het internetbedrijf van de penningmeester aan een Zwolse gracht.

De Zilveren Tulp bewijst dat ook de jongere garde aan beleggingsstudieclubs doet. De club pakt het financieel zelfs zeer serieus aan. De leden zijn begonnen met een inleg van 3.000 euro per persoon en ze leggen maandelijks extra geld in. Inmiddels zit er 85.000 euro in de pot. De afgelopen vier jaar werd gemiddeld 10,14 procent rendement gehaald.

De Zilveren Tulp houdt er een andere beleggingsfilosofie op na dan De Geinige Gulden. 70 procent van het geld wordt belegd in ETF’s – ook wel trackers genoemd. Die zijn populair, omdat je er goedkoop mee kan beleggen in bijvoorbeeld de AEX. Zo’n tracker bevat alle aandelen van de AEX in de juiste verhouding, waardoor je ze niet los hoeft aan te schaffen.

De Zilveren Tulp investeert in trackers van aandelen met een hoog dividend en in aandelen uit opkomende markten. De overige 30 procent wordt in principe in afzonderlijke aandelen gestoken, maar het aantal bedrijven is beperkt.

Uranium-tracker

Momenteel heeft de club aandelen in fietsenproducent Accell, bouwbedrijf Bam en energieconcern Shell. En er zit nog wat geld in Lightcoins (een alternatieve Bitcoin) en een uranium-tracker. Van de 2.300 euro die in de splijtstof-ETF is gestoken, is nu nog 1.140 euro over. „Dat mag Klaas uitleggen”, grappen de aanwezigen.

De investering stamt nog uit de tijd dat in Japan alle kerncentrales werden gesloten na Fukushima, zegt Klaas Houwaard. „Ik had verwacht dat er bij het weer openen een tekort aan uranium zou ontstaan.” En trouwens, op het faillissement van Imtech verloor de groep veel meer.

Maar dat zijn oude koeien. Deze vrijdagavond staat op de agenda hoe ze hun nieuwste aanwinst gaan exploiteren. Sinds enige tijd heeft De Zilveren Tulp namelijk een nieuw terrein ontdekt: vastgoed. Garageboxen, om precies te zijn. Na de twee boxen in Emmen, die de club vorig jaar aanschafte, volgde twee maanden geleden de aanschaf van twee boxen in Veendam voor 16.000 euro.

„Zo’n garagebox is goed voor de spreiding, maar ook om het leuk te houden in de club. Als je alleen in trackers belegt hoef je ook niet bij elkaar te komen”, zegt Manning. Het rendement op de reeds verhuurde boxen is 5,5 procent netto. „Dat is echt prima en in zeventien jaar heb je de hele box terugverdiend.”

Sinds een paar weken staan de nieuwe boxen op Marktplaats, maar er is nog geen huurder. Dat zorgt voor enige zorgen bij Gels: „Leegstand kost geld”. Maar Houwaard en Manning vinden dat hij niet zenuwachtig moet worden. „We zijn de enigen die garageboxen verhuren in Veendam. De woningcorporatie doet het voor 48 euro, maar zij heeft een wachtlijst. Als je direct een box zoekt, zijn wij de enige partij.”

Rustig blijven

Enkele mogelijke nieuwe investeringsgebieden passeren de revue, maar worden allemaal afgeschoten. Oldtimers? Te afhankelijk van overheidsbeleid. Obligaties in een bedrijf dat er zeldzame whisky mee koopt? Klinkt als teakhout kopen op Costa Rica.

Meer aan crowdfunding doen? „Waarom zouden we zoveel risico lopen voor 6 tot 8 procent? Voor zoveel risico wil ik 20 procent rendement. Als wij hier in Zwolle een garagebox kopen pak je ook 8 procent, alleen is die garagebox binnen een maand verhuurd en loop je geen risico”, zegt Manning.

Risico minimaliseren is belangrijk. Maar de belangrijkste leidraad bij de Zilveren Tulp is: rustig blijven en een lange beleggingshorizon hanteren. Het is beter stabiele bedrijven die een goed dividend uitkeren lang in portefeuille te houden, dan continue te kopen en verkopen.

Dat is ook een van belangrijkste lessen van coach Hoelen van De Geinige Gulden. „Het meeste geld wordt verdiend door niets aan je portefeuille te veranderen. Je moet goede bedrijven kopen en je niet laten leiden door de waan van de dag.”

En na ruim veertig jaar als beleggingsadviseur weet hij het juiste moment om te kopen: als de beurs naar beneden gaat. „Je moet beleggen zonder emoties, het juiste moment om in te stappen is als het bloed door de straten stroomt.”