Kennis is soms onmacht

©

Gek dat juist tijdens de Vuelta een debatje ontstond over de vermogensmeters op de fietsen van de heren renners. Moeten ze niet verboden worden? De cijfers op de schermpjes nemen volgens sommigen een flink stuk van het sportieve spektakel weg. En dat is niet fijn voor de mensen langs de kant en voor de televisie. De Vuelta was een wedstrijd van grote gevechten, het verlangen naar een verbod is geen moment in me opgeborreld.

Het begon met een vluchtige opmerking van Nairo Quintana: er zou een verbod moeten komen op het gebruik van zulke apparaatjes. Hij vindt dat ze het spektakelgehalte verminderen; er wordt te voorzichtig gekoerst. De ratio bepaalt het tempo, niet het temperament of de intuïtie.

Nog een die voor een verbod is: Alberto Contador. Dezelfde argumenten. En hij is niet van plan op zijn leeftijd iets aan zijn onbesuisde koerswijze te veranderen. Contador haalt zijn neus op voor de hermetische, wetenschappelijk gemotiveerde strategieën waarmee Team Sky sinds 2012 de Tour lamlegt. Toch tuurden de knechten van Froome de laatste Vuelta ver in de achterhoede op hun dashbord. Ik vond het behoorlijk spectaculair.

Froome zelf noemt dit een onzinnig debat: „Laten we dan ook maar ouderwets met een vast verzet gaan fietsen.” Desgevraagd wilde hij er iets dieper op ingaan. „Ik ben me heel goed bewust van de getallen, maar op het einde van een lastige dag moet ik toch echt op mijn gevoel afgaan.”

Er worden vaak grappen gemaakt over het schuddende hoofd van Froome boven het wattagemetertje: hij ziet de hele dag alleen maar cijfertjes dansen. Ik acht het niet uitgesloten dat de getalletjes in Spanje een demoraliseerde uitwerking hadden. Kennis is macht, maar als klimmersbenen hun glans verloren hebben is kennis vooral onmacht.

Getallen zijn maar een deel van het verhaal, zegt zijn ploegleider Dario Cioni. In de koers zit er niets anders op dan behalve naar getallen ook te kijken naar wat de concurrentie doet. Een vermogensmeter neemt heus de vermoeidheid niet weg.

Bij de ploeg IAM Cycling hebben ze een aparte strategie bedacht: de schermpjes op het stuur worden met folie afgeplakt. Elke renner beslist zelf of, en wanneer de getallen zichtbaar worden. Ik denk dat het daar zo gaat: wie zich goed voelt rukt het folie eraf, en wie zich slecht voelt wil niet weten hoe slecht. Ploegleider Mario Chiesa, oud-renner, denkt dat de vermogensmeters hetzelfde lot beschoren zijn als de hartslagmeters uit zijn dagen. Iedereen zwoer erbij, tot ze erachter kwamen dat de hartslag bepaald werd door een veelvoud van factoren; die dingen bleken te onbetrouwbaar om je tempo mee te bepalen.

Ik kan er de ironie wel van inzien: op sommige dagen kan een renner harder dan de dwingende getallen voorschrijven. Maar hij vertikt het boekhoudkundig.

Peter Winnen is oud-profwielrenner en schrijver.