Hillary’s hoest

Foto Andrew Harnik/AP

Zou dat dan de treurige ontknoping van de Amerikaanse presidentsverkiezingen worden? Hillary Clinton tijdens een van de tv-debatten met Donald Trump half stikkend in een verscheurende W.F. Hermansachtige hoestbui, terwijl Trump haar met een voor hem ongekende vriendelijkheid een glaasje water aanreikt?

Het zou haar definitieve ondergang zijn.

Kiezers houden niet van ongezonde kandidaten – en dat is nog begrijpelijk ook. Toppolitiek is als topsport, wie niet fit is krijgt een uitstraling van zwakheid en wordt kwetsbaar tegenover zijn tegenstander. De politicus die zich voortdurend ziek moet melden, verspeelt zijn geloofwaardigheid als krachtig bestuurder.

De politici weten dat en handelen ernaar. In de Verenigde Staten worden alweer herinneringen opgehaald aan president Roosevelt, die tijdens zijn herverkiezingscampagne in 1944 de ernst van zijn kwalen verzweeg. Artsen diagnosticeerden te hoge bloeddruk, arteriosclerose en ernstige hartproblemen, maar zijn lijfarts liet officieel weten dat de gezondheid van de president perfect was. Een half jaar later overleed Roosevelt aan een beroerte.

Wrang is ook het voorbeeld van John F. Kennedy, die nog op de dag van zijn verkiezing tot president tegen een verslaggever desgevraagd zei dat hem niets mankeerde. In 2013 onthulde het tijdschrift The Atlantic dat de kwalen waaraan Kennedy leed, zoals zijn rugproblemen en de ziekte van Addison, veel ernstiger waren dan hij had doen voorkomen. Hij werd bijgestaan door een batterij van artsen die hem de meest uiteenlopende medicijnen voorschreven; Jackie moest zelfs waarschuwen dat er een medicijn bij was dat haar man depressief maakte.

Zijn politieke tegenstanders kwamen zijn medische problemen op het spoor. Er zijn in het verkiezingsjaar 1960 twee inbraken geweest bij artsen van Kennedy waarbij tevergeefs naar zijn dossiers is gezocht. Het vermoeden bestaat dat Richard Nixon, zijn tegenstander, achter die inbraken heeft gezeten – het was een kolfje naar zijn hand, zoals later bleek uit de Watergate-affaire.

Het is onvermijdelijk dat een presidentskandidaat met zicht- en hoorbare (!) medische problemen in grote moeilijkheden komt. Je voelt dat ook aan de paniekerige reacties van het team rond Hillary. Eerst een langdurige hoestbui tijdens een openbaar optreden relativeren, vervolgens pas na de instorting van zondag toegeven dat ze al op vrijdag de diagnose ‘longontsteking’ had gekregen; een kwaal die riskanter is voor mensen boven de 65 jaar, voor wie het weken kan duren voor ze er helemaal van hersteld zijn.

In 2012 liep Hillary een hersenschudding op. Volgens haar lijfarts was ze daar binnen twee maanden vanaf, maar Bill Clinton vertelde later dat het een half jaar van ‘zeer zwaar werk’ had gekost voor ze helemaal hersteld was.

Ook Hillary’s eerste verschijning na de instorting van zondag was weinig geruststellend. Verslaggevers die riepen: „How are you feeling?” „What happened?” en Hillary maar krampachtig antwoorden: „Great, great! It’s a beautiful day in New York!” Dat was het vooral voor Donald Trump, over wie een lezer van The New York Times schreef: „Het fatsoenlijkste wat Trump zou kunnen doen is haar spoedig beterschap wensen.”

Hillary mag hopen dat ook Trump het een en ander te verzwijgen heeft over zijn eigen gezondheidstoestand.