Drie jaar voor de doodrijder op de A2, is dat weinig?

Drie vragen Neil van der L. reed een man dood en verwondde vijf anderen. Drie jaar cel, sprak de rechter – tot frustratie van de nabestaanden.

Foto Ginopress/ANP

„Een zware tegenvaller” noemde de vader van het dodelijke slachtoffer de uitspraak van de rechter tegen Neil van der L. maandag. De 46-jarige Neil veroorzaakte vorig jaar op de A2 een dodelijk ongeluk toen hij onder invloed van speed met ruim 200 kilometer per uur bij Maarssen achterop een auto reed. Een vader kwam om het leven en vijf inzittenden van de auto raakten zwaargewond.

Het Openbaar Ministerie eiste acht jaar celstraf voor doodslag, maar de rechtbank oordeelde maandag dat er geen sprake was opzet, wel van „grove schuld”, en legde drie jaar celstraf op. „Wel érg weinig”, vond de nabestaande.

Straffen die na een dodelijk verkeersongeluk worden opgelegd leiden vaker tot onbegrip. In 2013 belaagde woedend publiek in de Haagse rechtszaal een verdachte toen de officier van justitie een taakstraf eiste voor het doodrijden van een 13-jarige jongen. De rechtbank legde uiteindelijk een hogere straf op: negen maanden cel. Een jaar later gooide een vader een stoel naar de rechter toen een 33-jarige man werd veroordeeld tot een taakstraf van 120 uur na het doodrijden van een opa en oma en hun tweejarig kleinkind in Meijel. De man werd in hoger beroep alsnog veroordeeld tot vijftien maanden cel.

De incidenten waren vorig jaar aanleiding voor de Vereniging van Verkeersslachtoffers om toenmalig staatssecretaris van Justitie Fred Teeven een petitie aan te bieden met ruim 25.000 handtekeningen. Mensen die zo’n ernstig verkeersongeluk veroorzaken mogen niet wegkomen met zo’n lichte straf, vonden de ondertekenaars.

1| Wat was er op de A2 gebeurd?

Neil, een fervent cannabisgebruiker, was in een psychose beland nadat hij speed had gebruikt. Hij was de volgende dag in zijn Volkswagen Golf gestapt en had het gaspedaal ingedrukt totdat hij met 237 kilometer per uur over de linkerrijstrook van de A2 reed. Voorafgaand aan de wegversmalling zag hij de borden met ‘Ritsen vanaf hier’ over het hoofd en toen hij eenmaal de vangrail moest ontwijken reed hij zonder te remmen de rechterbaan op, tegen de achterkant van een Citroën aan. De Citroën met zeven inzittenden draaide met de achterzijde linksom en schraapte een aantal meters langs de vangrail, waarna hij om zijn as rolde en meters op het dak over het wegdek schoof. „Ik wist dat het niet goed was, mijn rijgedrag”, verklaarde Neil naderhand. „Maar ik deed het wel.”

2| Waarom deze straf?

De rechtbank vond – anders dan de officier van justitie – dat de man niet opzettelijk op de auto was ingereden. De man voerde meerdere manoeuvres uit om auto’s te ontwijken. Omdat hij niet opzettelijk handelde was er geen sprake van doodslag, wel van dood door schuld, vond de rechtbank: omdat hij zo hard over de A2 reed, was de kans op een dodelijk ongeval groot. De man was volgens de rechters volledig toerekeningsvatbaar. Dat hij door het gebruik van speed in een andere gemoedstoestand kon komen, wist hij van tevoren.

3| Waarom leiden verkeersongevallen tot deze emoties?

In het Nederlandse rechtssysteem wordt de straf afgestemd op de mate van schuld en niet zozeer op de ernst van het gevolg. Bij een verkeersongeval kan dat grote invloed hebben op de strafmaat – en het rechtsgevoel. Is er alleen sprake van ‘gevaarlijk rijgedrag’, dan heeft de verdachte slechts een overtreding begaan en past hooguit een werkstraf. Is er sprake van een ‘ernstige mate van verwijtbare onvoorzichtigheid’ – een enkele verkeersovertreding begaan is daarvoor niet genoeg – dan is sprake van een misdrijf. Dan kan, zoals bij de A2-rijder, een gevangenisstraf worden opgelegd. Bij ‘opzet’ kan de rechter een langere celstraf opleggen, maar dat wordt in het verkeer niet vaak bewezen geacht.