‘Divers’ gala viert het toneelvak

Gekleurde vakmensen deelden op het Gala van het Nederlands Theater de toneelprijzen uit. Dit was het begin van een hoognodige correctie op de praktijk. Nu de winnaars nog.

Hans Kesting (R), winnaar van de Louis d'Or, en Wine Dierickx (3eL), winnaar van de Theo d'Or tijdens de uitreiking van de VSCD toneelprijzen in de Stadsschouwburg. Foto Lex van Lieshout/ ANP

Laat dit de laatste keer zijn dat zoiets als opmerkelijk feit wordt gebracht, maar het Gala van het Nederlands Theater had dit jaar een opvallend ‘divers’ tintje. Want wie deelden op het podium van de Amsterdamse Stadsschouwburg de toneelprijzen uit? Manoushka Zeegelaar Breeveld en Mike Libanon. Noraly Beyer. Dionisio Matias en Michiel Blankwaardt. Eran Ben Michäel en George Tobal. Sadettin Kirmiziyüz en Meral Polat. Stuk voor stuk Nederlanders met óók, of ooit, wortels elders: Suriname, Curaçao, Kaapverdië, Tanzania, Israël, Syrië, Turkije en Koerdistan.

Statement

Dat was natuurlijk een statement, maar daar werd verder niet gewichtig over gedaan: dit is vanzelfsprekend, luidde de respectabele boodschap. Kirmiziyüz en Polat maakten er nog een grapje van door in het Turks over hun aanpak te ruziën. En Ben Michaël en Tobal leverden vilein commentaar op het diversiteitstreven door elkaar de Gouden Davidster (voor de best betaalde jood in het kleine zalencircuit) en de Zilveren Bomgordel (voor de meest obscure autobiografische voorstelling van een Arabier) uit te reiken. White privilege en wat eraan te doen; het blijft heikel. Maar dit was het begin van een hoognodige correctie op de praktijk, zoals een schouwburgzaal bevolkt met roomblank publiek. Hulde. Nu de winnaars nog.

Driesterrenrecensie

Presentatrice Eva van der Gucht zong de avond aan elkaar als een ware musicalvedette: ‘dit is het mooiste vak van de wereld! Een acteur kan alles worden, een actrice alles zijn.’ Hoewel, niet alles, moest ze tot haar spijt bekennen: nog nooit had ze haar droomrol als Annie gespeeld. In het slotnummer werd dit goedgemaakt, in een medley van ‘It’s a hard knock life’ en ‘Tomorrow’, met ook een vleugje Ciske de Rat. In een Nederlandse raptekst (van Daan Windhorst) bezong Van der Gucht het zware leven van de jonge theatermaker/entrepeneur, met als dieptepunt de ‘driesterrenrecensie’. Daarop werd ze geïnterrumpeerd door Volkskrant-criticus Hein Janssen, die plots vanuit de zaal ook een stukje rapte: die slechte recensies waren het gevolg van zouteloze schouwburgprogrammering. Dat kwam hem op gerapte repliek te staan van Melle Daamen, oud-directeur van de Stadsschouwburg. Waarop plots oud-politicus Boris van der Ham uitbarstte in een variant van ‘Ik voel me zo verdomd alleen’, uit Ciske de Rat. Die vernuftige vereniging van sectorzelfspot en spektakel, daar heeft het gala de laatste paar jaar smakelijk patent op.

“Dit was het begin van een hoognodige correctie op de praktijk, zoals een schouwburgzaal bevolkt met roomblank publiek. Hulde.”

Afkeer van het prijzencircus

Hilarisch was de speech van Ilke Paddenburg, winnares van de Colombina voor beste vrouwelijke bijrol voor haar rol in Een soort Hades. Ze had maar een klein speechje, zei ze, passend bij haar „piepkleine carrière”. En tot de jury: „wat idioot dat jullie mij deze prijs geven!” Om daarna, in haar dankwoord voor haar vriendin, geestig door te ratelen over planten in huis („anders kan ik niet ademen”), klamboes, en een muggenstekker.
Risto Kübar, winnaar van de Arlecchino voor beste mannelijke bijrol, kwam zijn prijs niet ophalen, en liet in een curieuze e-mail, voorgedragen door collega Bert Luppes, min of meer zijn afkeer van het prijzencircus doorschemeren.

Maar andere winnaars waren wel gewoon dankbaar. Wine Dierickx (Theo d’Or) dankte haar vriend, haar dochtertje, en haar collectief Wunderbaum. En Hans Kesting (Louis d’Or) vond de prijs een bekroning voor „een fantastisch jaar.” „Ik ben iedere dag blij dat ik acteur ben.” Opvallend was dat vrijwel niemand iets sombers zei over subsidieperikelen – alleen in de liedjes kwamen speldenprikjes voorbij. Het mooiste vak van de wereld, inderdaad. Gisteren mocht dat weer even gevierd worden.