Marsboek Joris van Casteren ‘galerij van uitzonderlijke persoonlijkheden’

Non-fictie

Vallen de mensen die een enkeltje Mars willen onder een bepaald type? Joris van Casteren bezocht wereldwijd de personen die de derde ronde hebben gehaald in de strijd om een ticket.

Aan welke eigenschappen moet een ontdekkingsreiziger voldoen? Ik las eens Ontdekkingsreizen van eenige der vroegere togtgenooten van Columbus (1834) van de Amerikaanse schrijver Washington Irving. Daaruit bleek dat de geldschieter de kandidaten liet screenen. Zo kwam ene Diego de Nicuesa in beeld, volmaakt hoveling, voormalig voorsnijder van de oom van de koning. Hij had een natuurlijke aanleg, opvoeding en manieren waren in orde. Verder: een regelmatige en vaste lichaamsbouw, uitstekende wapenbehandeling, de gave om een paard ritmisch te laten bewegen op de klanken van een viool. Aangenomen. Het komt er immers op aan, bij ongewisse omstandigheden in den vreemde.

Dat laatste geldt ook voor Mars One, de modernste aller ontdekkingsreizen – Mars One will settle men on Mars. Het toekomstbeeld van een dorp op de rode, zuurstofloze planeet: vrouw in ruimtepak zwaait naar man die in een broeikas bloemkool inspecteert. Maar ook hier zouden de deelnemers zich eerst moeten onderwerpen aan minutieuze sollicitatierondes. Joris van Casteren reisde langs de kandidaat-ontdekkingsreizigers die ronde drie bereikt hadden (of net niet) en schreef er een verbijsterend boek over: Mensen op Mars.

©

Mars One als idee bracht bij velen groot enthousiasme teweeg. Nobelprijswinnaar Gerard ’t Hooft vond „de jonge mensen” die het project begonnen „echt fantastisch”, reality tv-icoon Paul Römer zag er gigantisch veel Big Brother-potentie in (de oorspronkelijke zou verbleken bij een Mars-versie ervan). De ex-nazi en latere NASA-directeur Werner von Braun meende in 1963 dat het in 1986 mogelijk zou zijn een bemande Marsvlucht uit te voeren. Hij zag een retourvlucht voor zich, want „niemand wil de ruimte in om alleen maar een heenreis te maken”. Dat laatste bleek echter niet het geval. Maar liefst tweehonderdduizend mensen meldden zich aan als toekomstig Marsbewoner, ook al zou het slechts een enkele reis betreffen – een plaats in de geschiedenisboekjes telde zwaarder.

Ruimte-Lego

Joris van Casterens Mensen op Mars is een galerij van uitzonderlijke persoonlijkheden. Zo ontmoeten we de Enschedese casino-croupier Martijn Kroezen, een van de negen Nederlandse kandidaten. Hij heeft op een Marsforum op het internet gelezen over Mars One. Altijd al in het buitenaardse geïnteresseerd geweest? Zeker, als kind al veel met ruimte-Lego gespeeld. De gegevens op internet overtuigden hem dat Mars One een solide project betrof: ‘Ik ben iemand die ingecalculeerde risico’s neemt.’

Bas Lansdorp, een van de twee Nederlandse initiatiefnemers verlichtte zijn jeugd ook al met ruimte-Lego (net als medeorganisator Arno Wielders), maar is tegenwoordig windtechnoloog. Hij is verbaasd dat sommigen hun plannen verwerpelijk vinden: je stuurt toch geen mensen naar Mars zonder retourmogelijkheden. Wielders: ‘Mensen moeten zelf beslissen.’ Maar kunnen ze dat wel? Afgaand op de lange reeks kandidaten die Joris van Casteren (1976) bezocht, tot diep in Amerika en Rusland, op zichzelf een ontdekkingsreis an sich, vinden we weinig gelijkenis met Columbus’ ‘togtgenoot’ Diego de Nicuesa.

De Engelsman Ryan MacDonald (‘I only masturbate for medical reasons’) roept enige twijfels op, net als de transseksuele taxichauffeur Melissa Ede, of Deens systeembeheerder Christian Knudsen. Die is liefhebber van post-apocalyptische role-play waarin hij als kapitein Crovius verkleed een tegenstander martelde met een rubberen hamer: ‘Het ging heel makkelijk, daar schrok ik wel van.’ De negenendertigjarige Zwitser Günther Golob heeft de derde ronde van de Mars One-sollicitaties gehaald en is bewonderaar van Elon Musk, de miljardair die beweerde dat in 2100 een miljoen mensen op Mars zullen wonen. Vreemd is wel dat Golob in de tweede ronde de medische keuring had gehaald – bij een ongeluk brak hij eerder bijkans alle botten, in eentje ervan zit nog een titaniumpin. Dat hij voor de beoogde drugs- en alcoholvrije Marskolonie straks zijn bier en joints moet laten staan, vindt hij geen punt. Later in Los Angeles is Van Casteren bij ‘derde ronder’ Andrew Tunks: ‘Drugs helpen je juist om uit je mindset te komen.’

Droom & daad

Het proza van Van Casteren past in de categorie ‘literaire non-fictie’, wat hij zelf zo omschrijft: „Alles is waar gebeurd, mijn personages bestaan echt. Ik hanteer een eigen manier van kijken en schrijven, waardoor er van objectiviteit, zo die al bestaat, niet altijd sprake hoeft te zijn.” Van Casteren hanteert een hoogst persoonlijke, ironische pen en net als in al zijn eerdere boeken beweegt hij zich in de wereld tussen droom en daad, bevolkt door mensen die net een tikje (of erger) naast de werkelijkheid lopen. Mensen op Mars is heerlijke, uiterst verslindbare literatuur.

Maar gaan we nou naar Mars?

In 1986 is het er niet van gekomen, het Mars One-project lijkt bij een „manmoedige poging” te blijven – de ‘daad’ laat op zich wachten, maar de droom leeft voort.