CDA wil het normen-en-waardendebat naar zich toe trekken

„Nederland zit niet op zulk taalgebruik te wachten,” zei CDA-leider Buma over de teksten van premier Rutte.

Foto's Tammy van Nerum

Er moet een minister van Familie- en Gezinszaken komen. Er moet een ouderbijslag komen. Meer flexibel zorgverlof. Voer een sociale ‘dienstplicht’ in. De basisbeurs moet terug voor het vervolgonderwijs, voor mbo, hbo en universiteit. ‘Voorkom tweedeling!’

Deze en tientallen vergelijkbare plannen opperden duizend CDA-leden deze zaterdag. In Amsterdam-Noord hielden de christendemocraten voor het eerst de CDA1000, een brainstorm over hun verkiezingsprogramma. Duizend leden mochten meedenken met als belangrijkste bedoeling draagvlak voor de nieuwe CDA-standpunten te versieren. De vijftien voorstellen met de meeste stemmen komen ook echt in het programma terecht – dat lijstje maakt de partijtop maandag bekend.

„Dit is democratie in het klein”, zei partijvoorzitter Ruth Peetoom trots bij de dagopening. Het was dan wel een democratie met een nogal homogene samenstelling. De Nederlanders met een niet-westerse achtergrond waren op één hand te tellen, de rest was blank en meestal van middelbare leeftijd. Het was wel een vrij goede afspiegeling van het CDA, want elke afdeling mocht twee leden afvaardigen.

Meedoen, opkomen voor zwakkeren, mensen kansen bieden en vooral de nadruk leggen op die negentig procent van de mensen die wél wil meedoen. De „inclusieve samenleving”, daar kwamen de meeste plannen die de CDA’ers in groepjes samen opstelden op neer. Alles ademde normen en waarden.

Precies daarom was zaterdag een prima gelegenheid voor partijleider Sybrand van Haersma Buma om eens uit te halen naar premier en VVD-leider Mark Rutte. „Nederland zit niet op zulk taalgebruik te wachten”, zei Buma. Rutte gebruikte vorige week zondag woorden als ‘pleur op’ en ‘lazer op’, toen hij sprak over Turkse Nederlanders die deze zomer een verslaggever van de NOS lastigvielen. „Als je minister-president wil zijn, gedraag je dan ook als een minister-president”, zei Buma. Applaus.

Buma moest wel even, want de VVD en Rutte richten zich tot nu toe vooral op de PVV van Geert Wilders en andersom. Buma wil daar tussen komen met deze boodschap: kiezers die liever politici hebben die het netjes houden, kunnen bij hem terecht. En dat valt probleemloos samen met Buma’s karakter – „dat soort woorden zitten niet gewoon in mij”.

En, dat benoemde Buma ook, waar het gaat om overlast van jongeren, kunnen politici ook vaak weinig dóén. Inhoudelijke verschillen zijn er op dit onderwerp met de VVD bijna niet. Dus hoe erg is het, dat sommige CDA’ers zaterdagmiddag zeiden dat de tijden van oud-premier Jan Peter Balkenende lijken te herleven? Buma: „Dat lijkt mij prima”.

cda-3
Jan Grijpma (73) uit Raalte

Welk punt móét volgens u in het CDA-verkiezingsprogramma?
„Ik geloof dat het CDA zich weer duidelijk vóór de Europese Unie moet uitspreken, al is dat geen populaire boodschap. Waar dat kan, moeten we samenwerken. Ik ben voor een Europa van twee snelheden. Het CDA is hier een paar jaar geleden een zijweg ingeslagen.”

Werkt deze manier van inspraak? Deze CDA1000 is een nogal homogeen gezelschap.
„Ja, wij zijn christendemocraten, dat is nu eenmaal zo. De meeste mensen hebben een christelijke achtergrond, al is dat geen voorwaarde. Maar deze bijeenkomst vind ik een stunt. Echt heel goed. In Italië kennen ze de pleindemocratie, waar de leiders de kwaliteit van hun ideeën afmeten aan het applaus op het plein. Zoiets is dit ook.”

Is het CDA klaar om weer mee te regeren?
„Het moet niet, maar ik verwacht van wel. Als de verkiezingsprogramma’s van andere partijen de mogelijkheid tot consensus bieden, dan moet het lukken.”

cda-2
Daniël Huising (34) uit Goeree-Overflakkee, docent gymnastiek

Welk punt móét volgens u in het CDA-verkiezingsprogramma?
„Wij willen graag dat mensen meedoen, maar we komen op voor de cultuur en eigenheid van iedereen. Bij een islamitische school in een wijk met veel moslims moeten we bewaken dat er een open cultuur op die school blijft bestaan, die opleidt tot kritische burgers. Dat vind ik op een christelijke school net zo belangrijk: dat kinderen bijvoorbeeld mogen zeggen: wacht even, maar ik geloof dit niet.”

Deze CDA1000 is een nogal homogeen gezelschap. Werkt deze manier van inspraak?
„Dat vind ik lastig te zeggen. Ik ben vorig jaar lid geworden en dit is voor mij een manier om de partij wat beter te leren kennen. Lokaal zie ik het belang van een politieke partij absoluut in, maar ik vraag me wel af of zulke gesprekken aan tafel zoals hier echt werken.”

Is het CDA er klaar voor om weer mee te regeren?
„Ja, dat moet wel de doelstelling zijn. Het CDA heeft zijn structuur volgens mij prima op orde.”

Eline Wester (23) uit Den Haag, één jaar CDA-lid, studeert integrale veiligheid

Welk punt móét volgens u in het CDA-verkiezingsprogramma?
„Burgerschapsonderwijs. We moeten de onderlinge verschillen die we allemaal voelen, bespreekbaar durven maken in de klas. De maatschappelijke stage moet terug. Onderwijs bestaat niet alleen uit leerlingen gewoon klaarstomen voor de arbeidsmarkt, ze moeten burgerschap meekrijgen.”

Werkt deze manier van inspraak? Deze CDA1000 is een nogal homogeen gezelschap.
„Wij zijn een brede volkspartij, we zorgen voor elkaar. Maar de etnische diversiteit is een lastig onderwerp, zeker. Het moeilijke is dat we moeten laten zien dat lager opgeleiden, al vind ik dat een verkeerd woord, óók een stem hebben. We moeten hen erbij halen. De mensen die dingen verzinnen en die ze kunnen uitvoeren, moeten weer samenwerken.”

Is het CDA er klaar voor om weer mee te regeren?
„Absoluut. Wij weten hoe we een samenleving sterker kunnen maken. Die kans moeten we grijpen als die er ligt.”