Intolerantie

Schippers’ betoog is te naïef

illustraties cyprian koscielniak

NRC vindt de oproep van Edith Schippers om een coalitie te vormen tegen de intolerantie van de fundamentalistische islam verfrissend, maar constateert ook tevreden dat haar boodschappenmand leger is dan die van de doorsnee politicus. (NRC 6/9) En daar gaat het mis. Het is goed dat Schippers in heldere taal duidelijk maakt wat Nederland religieus en cultureel onwenselijk vindt. Maar dat is wel de taal van een predikant en niet die van een politicus. Haar betoog is voor een politicus te naïef. Ze vindt onze cultuur terecht superieur, maar lijkt niet te beseffen dat het fundamentalisme in de islam zich niet laat bestrijden met een stevig debat, omdat het debat als strijdmiddel aan die cultuur vreemd is. De strijd die Schippers voorstaat, zal ongelijk blijven, omdat zij die wil voeren op basis van grondrechten die de tegenstander niet erkent. Het enige wat in een rechtsstaat als de onze tegen dergelijke dreigingen helpt, is ingrijpende wetgeving, ook als sommigen die discutabel vinden. Schippers is als politicus onderdeel van de wetgevende macht, en het zou de frisheid van haar betoog niet hebben geschaad als zij tenminste een paar suggesties in de sfeer van wetgeving had gedaan.

Zoals in 1848 de grondwet ingrijpend moest worden aangepast om een aantal fundamentele vrijheden te scheppen moet die nu misschien worden aangepast om juist die vrijheden te kunnen beschermen. Immers wie het actuele religieuze en culturele strijdperk overziet moet constateren dat we wellicht eeuwen dreigen te worden teruggeworpen.