Criminaliteit: aangeleerd en deels ook aangeboren

Goedemiddag lieve jonge ouders en hartelijk welkom bij de ‘Opvoedcursus Tegenwicht’, aangeboden door het Veiligheidshuis, de Kraamzorg en de Kinderbescherming. Ja, ik zeg nu wel ‘aangeboden’, maar niet iedereen is hier even vrijwillig, haha! Maar dat geeft helemaal niks, het gaat hier om uw kindertjes. Onze cursus is gebaseerd op de net verschenen negende druk van Actuele Criminologie, een SDU-uitgave, met de laatste inzichten over preventie, oorzaken en verklaringen voor criminaliteit. Willen diegenen die een bewijs van deelname moeten inleveren dit straks door mij laten aftekenen? En uw kind wordt dus hiernaast opgevangen, in de dagcrêche van Justitie, juist ja.

Goed! Lieve mensen, hoe kunt u voorkomen dat uw kindertjes later voor de strafrechter moeten komen? Best wel een aantal van hen zal namelijk anti-sociaal gedrag gaan vertonen. Natuurlijk was het niet fijn om te horen waarom juist ú bent uitgenodigd – en des te moediger dat u bent gekomen. Daarmee is al zóveel gewonnen! U vertegenwoordigt namelijk zelf een risicogroep; en uw kinderen dus ook. Daar kunt u zelf maar deels iets aan doen – niemand kiest zijn ouders of zijn milieu, niet waar.

Eerst maar even het grote misverstand. Nee, criminaliteit is niet aangeboren. Erfelijkheid is wel een factor; en ook geen onbelangrijke. De rest zit in omgeving en milieu. Maar dat genetisch potentieel voor asociaal gedrag bestaat dus wel degelijk. Of dat er ook ‘uit’ komt, wordt grotendeels bepaald door de opvoeding en de sociale omgeving. Daarom zijn we hier – inderdaad, om tegenwicht te bieden!

Bij psychische aandoeningen is de erfelijke component trouwens groter. Is uw kind dus net als u gevoelig voor ADHD, depressie en verslaving, dan is de kans op anti-sociaal gedrag ook navenant groter. Dat is dus iets om rekening mee te houden. Het lijkt er overigens op dat genetisch potentieel op jonge leeftijd nog stevig kan worden ingedamd, maar daarover straks meer.

Wat wel is aangeboren, lieve mensen, is slaan, schoppen en bijten! Fysieke agressie bij kleine kinderen begint bij zes maanden en neemt toe tot 17 maanden. Agressie is dus voor een mensenkind normaal gedrag. Zo, dat lucht op, he! Na de leeftijd van 3 jaar neemt het weer af en wel omdat de omgeving ingrijpt. Agressie is dus een kwestie van afleren, niet aanleren. Helaas leert 5 tot 7 procent van de kinderen het niet af.

En zo komen we toe aan uw kwaliteiten als opvoeder. Vertoont u zelf anti-sociaal gedrag, bent u permissief of gevoelig voor depressies, dan bent u ook niet zo goed in het consequent opleggen van regels of in straffen en belonen. En dat speelt een belangrijke rol. Een kind dat niet consistent wordt gestraft of beloond, ontwikkelt namelijk een gevoel van gebrek aan controle over het eigen leven. Dat kind concludeert dan dat alleen het onmiddellijk grijpen van elke kans om te scoren zin heeft. Zo’n kind wordt dan een impulsieve behoeftebevrediger. Nou, die zien we elke dag, hierboven bij de rechter!

Nu gebruikte een aantal van u tijdens de zwangerschap drugs, tabak of alcohol. Dat is een belangrijke risicofactor voor ADHD en dus ook voor anti-sociaal gedrag. Als uw kind daadwerkelijk een gedragsstoornis heeft – met opstandigheid, ongehoorzaamheid en agressiviteit – dan moet u pas écht vroeg bij zijn. Hoe vroeger dat gedrag zich voordoet, hoe groter de kans op later delinquent gedrag en, helaas ook, hoe ernstiger dat gedrag. Ik hoor nogal wat lawaai hiernaast… kan iemand even gaan kijken?

Overigens, ik begrijp best dat u zich nu schuldig voelt, maar hoe een kind zich ontwikkelt is altijd het gevolg van een intensieve interactie tussen omgeving en aanleg. Sterker, genetische aanleg, bijvoorbeeld voor agressie, kan door intensieve opvoeding worden gecamoufleerd of ‘uitgezet’. In muizen is dat al aangetoond. En verder moet er voor anti-sociaal gedrag ook gelegenheid zijn. De ‘macht van de situatie’, heet dat. Zo, nog vragen? Dan volgt hiernaast de praktijkcursus belonen en straffen!

De auteur is juridisch redacteur en commentator. T @folkertjensma.nl