Constant schilderde, de familie ruziet

Nalatenschap

De schilder Constant Nieuwenhuys wilde dat zijn kunst publiek bezit zou worden. Maar in zijn laatste maanden kreeg zijn vierde vrouw alle zeggenschap. Een volslagen verrassing voor zijn kinderen. „Volgens mij begreep hij niet wat hij had ondertekend.”

Foto Bram Wisman

Als ze de deur uitgaat struikelt ze regelmatig over haar overleden vader; de stad hangt vol affiches van de tentoonstellingen van Constant in het Cobra Museum en in het Gemeentemuseum Den Haag: Constant Nieuwenhuys (1920-2005), een kunstenaar die net als Rembrandt aan zijn voornaam genoeg had. Hij was een van de oprichters van de schildersbeweging Cobra en maakte internationaal naam met zijn visionaire architectuur onder de naam New Babylon.

De affiches ergeren Eva Nieuwenhuys, de jongste van de vier kinderen van de gevierde kunstenaar. In de musea wordt, zegt ze, een onjuist beeld van haar vader geschetst. Vooral de recent gemaakte documentaire die daar wordt getoond, De oneindige stad. Constant’s New Babylon, stoort haar. „Ik krijg braakneigingen van de mythe die daar wordt gecreëerd. Van alle nog levende mensen die voor Constant van belang zijn geweest, komt in deze film alleen zijn weduwe aan het woord. En die kwam pas kijken toen New Babylon al decennialang in kisten in het depot van het Gemeentemuseum stond opgesteld.” Waarom, vraagt zij zich hardop af, zijn die musea „met publieke gelden marketing aan het bedrijven voor de private kunstcollectie van de weduwe”.

1009ZATconstant01

Dit wordt een verhaal over een onverkwikkelijke familieaffaire. Een jarenlange brouille tussen de vier kinderen uit eerdere huwelijken van de kunstenaar en hun stiefmoeder, Constants vierde en laatste echtgenote, Trudy Nieuwenhuys-Van der Horst. Volgens de kinderen heeft de weduwe een „vuil spelletje” gespeeld. Door met haar dementerende en alcoholverslaafde echtgenoot vlak voor zijn dood naar een notaris te gaan, zeggen zij, heeft ze het eigendom en de zeggenschap over een belangrijk kunsthistorisch oeuvre naar zich toe getrokken, om dat vervolgens te beheren op een wijze die in strijd is met de wensen zoals de gezonde Constant die decennialang heeft uitgedragen.

De weduwe wil geen vragen beantwoorden over wat ze in een verklaring een „strikte privé-aangelegenheid” noemt „zonder publiek belang” (zie kader pagina 32). In een radiodocumentaire over de kwestie verweet zij de kinderen vorig jaar dat ze „de liefde voor hun vader materieel uitdrukken”.

Constant zelf is elf jaar na zijn dood groter dan ooit. De internationale aandacht voor zijn werk groeit en de museale tentoonstellingen en boekpublicaties rijgen zich aaneen, met als belangrijkste pleitbezorger overigens de weduwe. Zij is na zijn dood afgestudeerd als kunsthistoricus en werkt nu aan zijn oeuvrecatalogus.

Je bent nooit een goed huisvader, nooit een toegewijd echtgenoot. Dat heb je met kunstenaars.

Maar van Constants marxistische ideaal – zijn kunst als publiek bezit in een nieuwe, betere wereld – is ruim elf jaar na zijn dood nog weinig terechtgekomen. De vele honderden kunstwerken die hij heeft nagelaten zijn het persoonlijk bezit van de weduwe. Diverse belangrijke stukken uit de nalatenschap zijn de afgelopen jaren door haar verkocht, en een aanbod voor een Constant Museum in het museumkwartier in Amsterdam heeft ze afgeslagen, waarover later meer.

Huisvader

De familievete komt niet uit de lucht vallen. In juli 2004, een jaar voor zijn dood, keek Constant Nieuwenhuys in een radio-interview terug op zijn leven. Als echtgenoot en vader was hij tekortgeschoten. Dat heb je met kunstenaars, zei hij: „Je bent nooit een goed huisvader, nooit een toegewijd echtgenoot, het werk heeft altijd voorrang boven alles.”

Dochter Eva Nieuwenhuys: „Mijn vader zei vaak: ‘Het huwelijk is gruwelijk’, en: ‘Kinderen zijn hinderen’. Maar ja, wel vier keer getrouwd en vier kinderen op de wereld gezet. Hij noemde zich marxist, maar hij was een utilist: hij gebruikte iedereen. Een nare, gekke man, als vader soms horribel.”

Haar zussen hebben haar eens gevraagd de vuile was niet buiten te hangen, maar Eva Nieuwenhuys wil een publieke discussie. Zij zegt: „Was Constant bijna heel zijn leven een hypocriete leugenaar met zijn verhalen over ‘kunst voor de mensheid’? Of heeft de weduwe misbruik gemaakt van de situatie?”

Constant Nieuwenhuys is vier keer officieel getrouwd geweest. De eerste drie huwelijken sloot hij in gemeenschap van goederen. Bij de boedelverdelingen oefende hij steeds druk uit op zijn toekomstige ex-echtgenotes. Hij wilde dat ze afzagen van hun recht op de helft van de kunstwerken die hij tijdens die huwelijken had gemaakt. Dochter Eva Nieuwenhuys: „Hij schroomde niet de voogdijrechten over de kinderen in de strijd te gooien. Toen ik hem als volwassen dochter daarover eens ter verantwoording riep, zei hij dat zijn oeuvre koste wat het kost bijeen moest blijven.”

Dat beaamt zijn derde echtgenote, de kinderloze 86-jarige Nel Kerkhoven, die 22 jaar met Constant getrouwd was. „Samen zijn we naar een notaris geweest, voor een stichting waarin zijn kunst zou worden ondergebracht. Dat was zijn levensbeschouwing: zijn kunst mocht niet versjacherd worden en moest worden bewaard voor de mensheid.”

In juni 1997 trad de 77-jarige Constant voor de vierde keer in het huwelijk, ditmaal buiten gemeenschap van goederen. Zijn echtgenote was de 21 jaar jongere Trudy van der Horst, een bewust ongehuwde moeder die hij drie jaar eerder bij een boekpresentatie had ontmoet. De echtelieden voerden geen gezamenlijk huishouden; zij woonde in Utrecht, hij in Amsterdam.

Op 29 juli 2004, een jaar voor zijn dood, liet de hoogbejaarde en, volgens zijn kinderen, aan ernstig geheugenverlies lijdende Constant, een nieuw testament opmaken. Niet bij zijn vaste notaris, maar bij notaris A.D.G. Heering uit Amsterdam.

In zijn nieuwe testament maakte Constant de volwassen dochter van zijn nieuwe echtgenoot in erfrechtelijke zin tot kind, dus erfgenaam. Ook ontnam hij zijn vier eigen kinderen de zogenoemde wilsrechten, waardoor zij na zijn dood geen aanspraak meer konden maken op goederen uit zijn nalatenschap, maar slechts op een vordering in geld op de ‘langstlevende’, in casu de weduwe.

Terminaal

Twee maanden voor zijn dood, op 23 mei 2005, ging de inmiddels terminaal zieke Constant opnieuw naar de notaris. Ditmaal om zijn huwelijkse voorwaarden te wijzigen en al zijn kunst in te brengen. Door die aanpassing werd zijn echtgenote direct eigenaar van de helft van zijn kunstcollectie. Na de dood van Constant liet de notaris aan de erven weten dat de achterliggende gedachte van deze wijziging „vooral de besparing van successiebelasting” was.

In de akte zelf werd maar één reden genoemd: het feit dat de comparanten „met elkaars hulp, steun en inbreng in staat zijn geweest om de verzamelingen van voorwerpen van kunst, de waarde en de bekendheid daarvan te maken zoals deze nu is”.

Dat deze motivatie in strijd lijkt met de historische feiten – was Constant al niet een gevestigd kunstenaar lang voor de eerste ontmoeting met zijn vierde echtgenote? –, doet niet ter zake. Een notaris legt vast wat beide partijen hem vertellen. Wel moet een notaris zijn diensten weigeren als een cliënt niet wilsbekwaam is. Direct na de dood van Constant liet notaris Heering de erven in een brief weten dat hij in een aantal gesprekken „zeer wel kennis had genomen” van de gedachten van de overledene.

Voor de kinderen kwamen het nieuwe testament en de nieuwe akte huwelijkse voorwaarden als een verrassing. Constant had hun nooit verteld over zijn laatste notarisbezoeken. Integendeel, hij hield zijn kinderen soms voor dat ze na zijn dood heel rijk zouden worden. Oudste zoon Victor, die zijn vader vijftien jaar als maquettebouwer en fotograaf heeft geassisteerd bij zijn New Babylon-project: „Een paar maanden voor zijn dood stonden we samen nog voor zijn huis aan de Kromme Waal. ‘Hier kom je straks te wonen’, zei hij. Volgens mij begreep hij niet wat hij had ondertekend.”

Beverig handschrift

1009ZATconstant_nellie

Op 10 juli 2005, drie weken voor zijn dood, stelde Constant in beverig handschrift een verklaring op, gericht aan zijn nieuwe notaris. De volledige tekst: „Mijn vrouw, Trudy, heeft mij in de afgelopen 12 jaar van ons samenzijn persoonlijk zeer goed verzorgd en mijn zakelijke belangen uitmuntend behartigd. Mijn wens is dan ook dat zij in de toekomst de behartiging van deze belangen zal voortzetten, in het bijzonder het onderzoek, de samenstelling en de redactie van de oeuvre-catalogus. In het afgelopen jaar, gedurende mijn ziekte, heeft zij mij – als enige – uitstekend verpleegd, zodat mijn laatste wens – niet in het ziekenhuis te hoeven sterven – kan worden gehonoreerd.”

De kinderen moeten lachen om dat briefje. Op de vraag naar het waarom van deze verklaring verwijzen zij naar de weduwe: „Vraag het haar maar.”

Bij een familiebijeenkomst twee jaar voor zijn dood verwisselde Constant een avond lang twee van zijn dochters: hij hield Olga voor Martha. En zo zijn er meer pijnlijke anekdotes. Aan het eind van zijn leven zag zijn vader „de realiteit niet meer scherp”, zegt zoon Victor Nieuwenhuys. „Af en toe gingen we samen uit eten, steeds in hetzelfde restaurant waar je alleen cash kon betalen. Iedere keer legde hij zijn creditcard op tafel en schopte hij weer een rel, was hij het vorige bezoek vergeten.”

Ook Eva Nieuwenhuys meent dat Constant dementeerde, net als zijn eigen vader. „Heel zijn leven heeft Constant mensen gebruikt en uiteindelijk is hij in zijn eigen zwaard gevallen. Zijn echtgenote en haar dochter gingen in zijn laatste levensjaren liefdeloos met hem om. Zij beschouwden hem als een winstgevend product, hebben hem ontmenselijkt.” Ze wijst daarbij ook op nota’s die mevrouw Nieuwenhuys-Van der Horst haar man in de laatste jaren van zijn leven stuurde voor ‘verrichte werkzaamheden’, waarbij het soms ging om bedragen van duizenden euro’s.

Derde echtgenote Nel Kerkhoven, die nog altijd woont in het huis in Amsterdam waar zij ruim twintig jaar met Constant woonde, zag haar ex-man in zijn laatste levensjaren regelmatig. „Zijn vrouw woonde in Utrecht en bracht het niet op om voor hem te zorgen. Geregeld kookte ik daarom voor Constant. Leuk was dat niet altijd, want hij kon flink hijsen. Zelf draaide hij hooguit een blikje witte bonen in tomatensaus open. Op het laatst was hij echt ondervoed. Waarom hij afstand heeft gedaan van zijn kunstcollectie? Een paar jaar voor zijn dood zei hij op een boos moment eens over Trudy dat ze ‘al helemaal klaar was om de weduwe te worden’. Later raakte hij zijn wilskracht kwijt en veranderde zijn houding. ‘Zoek het maar uit’, zei hij vaak. Hij had er geen zin meer in.”

1009ZATconstant02

De aan alvleesklierkanker lijdende Constant verbleef de laatste maanden van zijn leven in het huis van zijn vrouw, in Utrecht. Daar mochten de kinderen hem in haar bijzijn ontmoeten. Eva Nieuwenhuys: „Hij lag gaga in zijn bed in de erker, zij zat in de kamer ernaast met de televisie aan. Op zijn sterfbed moest mijn vader nog allemaal grafiekbladen signeren.”

Rechtszaak

Na de dood van de kunstenaar hebben de erven een strijd gevoerd over de taxatie van de nalatenschap. Op bankrekeningen had de kunstenaar bijna 900.000 euro staan, er was een woonhuis ter waarde van 740.000 euro en voor ruim 3 miljoen euro aan kunst.

De vier echte kinderen van Constant, die in leeftijd weinig schelen met stiefmoeder, hadden slechts vorderingsrecht op de weduwe, die dankzij het nieuwe testament alle activa en passiva van het vermogen van Constant kreeg toebedeeld. Ieder kind had recht op een vordering ter waarde van een zesde van de nalatenschap, uit te betalen op het moment dat de weduwe overlijdt.

Als executeur-testamentair stelde de weduwe notaris Heering aan als boedelnotaris. Gezien de complexiteit van de familieverhoudingen voelden de kinderen zich door die aanstelling benadeeld. Werd door zijn bemoeienis met de wijzigingen van het testament en de huwelijkse voorwaarden niet de schijn van partijdigheid geschapen? Notaris Heering vond zelf van niet. In een brief aan twee van de kinderen liet hij weten dat het „evident was dat hij als boedelnotaris en niet als partijnotaris optrad”.

De weduwe liet een onderhandse boedelomschrijving opmaken. Dat resulteerde voor ieder van de kinderen in een voorlopige vordering op de weduwe ter waarde van 260.595 euro, in 2008 verhoogd naar 337.901 euro.

Met die waardebepalingen namen de kinderen geen genoegen. Met de Franse slag opgesteld, met opzet door de weduwe zo laag mogelijk gehouden en ook incompleet, vonden ze. Desgevraagd somt Eva Nieuwenhuys diverse voorbeelden op. De waarde van de beeld- en auteursrechten van Constant waren bijvoorbeeld als ‘nihil’ opgenomen. Op verzoek van de weduwe had Christie’s de kunst uit de nalatenschap getaxeerd. Hoewel de waarde van Constants grafiekbladen enorm uiteen kan lopen, had het veilinghuis de 250 nagelaten bladen grafiek en bloc gewaardeerd op 100.000 euro.

De vier kinderen eisten een deugdelijke notariële boedelbeschrijving. In een door haar notaris opgestelde brief liet de weduwe in maart 2009 nog weten dat ze bereid was onder ede te verklaren dat de boedelbeschrijving van 2008 echt volledig was en dat zij geen goederen had verduisterd.

Op last van de kantonrechter kreeg notaris Klein in Amsterdam in april 2010, vijf jaar na de dood van Constant, de taak de door de kinderen geëiste notariële boedelbeschrijving te maken. Die nieuwe taxatie viel aanmerkelijk hoger uit. De weduwe bleek „abusievelijk” en door ziekte („legionella-longontsteking gepaard met hoge koortsen”) toch verschillende vermogensbestanddelen te zijn vergeten.

Ook de nieuwe taxaties van Christie’s pakten hoger uit. Neem alleen al de grafiek. Toen de 250 bladen stuk voor stuk werden gewaardeerd, een vereiste bij een notariële boedelbeschrijving, leidde dat tot een gezamenlijke waarde van 188.420 euro, 88.420 méér dan bij de eerste bepaling.

Contre coeur

Ruim zeven jaar na de dood van hun vader kregen de vier kinderen te horen dat hun erfdeel was vastgesteld op 412.873,42 euro per kind. In oktober 2012 tekenden zij een notariële akte met hun vorderingsrechten.

Eva Nieuwenhuys deed dat contre coeur. De nalatenschap is volgens haar nog altijd te laag getaxeerd, en dan met name de kunst (zie kader over de Stichting Constant). Maar de kinderen waren moegestreden, zegt ze. „Met Constants miljoenen had de weduwe zich omringd met een team van deskundigen. Een notaris, een advocaat, een accountant en een fiscalist. Wij kinderen moesten het doen met de medewerkers van een rechtsbijstandsverzekering.”

Ze rekent er niet op, ooit iets van haar erfdeel te zien. Haar broer Victor evenmin: „De weduwe staat in het kunstcircuit bekend als Die Lustige Witwe. Zij en haar dochter nemen het er goed van.” Langzaam, zegt hij, wordt het oeuvre opgesoupeerd.

‘Constant – New Babylon: Aan ons de vrijheid’, nog t/m 25 sept in het Gemeentemuseum Den Haag‘Constant. Ruimte + Kleur’, nog t/m 25 sept. in het Cobra Museum in Amstelveen. Luister ook naar de VPRO-radiodocumentaire ‘Constants nalatenschap’ van Tom Rooduijn, op 17 mei 2015 door de NTR uitgezonden. Daarin komen alle hoofdrolspelers aan het woord.