Zomer

Je ziet het ijdele mannen in de trein vaak doen. Ze houden de krant met gestrekte armen zo ver mogelijk vóór zich omdat ze hun leesbril niet willen opzetten. Afstand kan een remedie zijn. Net zo zou je je soms willen distantiëren van de actualiteit om de ontwikkelingen die zich voordoen in de wereld scherper te kunnen zien.

Het is een luxe die ik mij de afgelopen maanden heb kunnen permitteren. Er was sprake van een zomerstop voor deze column omdat de redactie van deze krant had besloten om minder pagina’s te maken in de zomermaanden. In de zomer is er toch nooit nieuws, zo wisten ze met al hun journalistieke ervaring. Na de aanslagen en schietpartijen in Nice, Orlando en München, de moord op een Britse politica, het Brexitreferendum, de uitverkiezing van Donald Trump als Republikeinse presidentskandidaat, een mislukte staatsgreep in Turkije, de presentatie van het verkiezingsprogramma van de PVV en de aardbeving in Italië is de nieuwsarme, zorgeloze zomer dan toch ten einde.

Als we de gebeurtenissen van de afgelopen zomer, uitgerust van onze welverdiende vakantie en opgefrist van een heerlijke duik in de Middellandse Zee – waar de stroom vluchtelingen onverminderd doorging, dat is geen nieuws meer, dat willen we niet horen – van een afstand beschouwen en in grote lijnen trachten te duiden, wat zou dan onze analyse zijn?

Her en der wordt de zomer van 2016 de zomer van de angst genoemd. Dat is geen geheel ongepaste samenvatting, zij het dat het gaat om opgeklopte angst. We zijn doodsbang geworden voor moslimterrorisme. Kijk maar naar al die aanslagen. Maar het lijkt mij niet onbelangrijk om te beseffen dat geen van die schietpartijen en aanslagen van de afgelopen zomer was ingegeven door fundamentalistische islamitische motieven. De gevreesde Islamitische Staat of de islam als wereldreligie hebben er niets mee te maken. Maar intussen zijn we ongemerkt beland in een politiek klimaat waarin je dat helemaal niet eens meer mag zeggen. Deze krant publiceerde de afgelopen zomer een statistiekje waaruit bleek dat er in deze tijd heel veel minder aanslagen plaatsvinden dan in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. De pleuris brak uit. De ombudsman moest eraan te pas komen en de krant moest door het stof, want moslimterrorisme mag je niet relativeren. Terwijl de krant alleen maar feiten had gepresenteerd. Maar feiten zijn ook niet meer wat ze geweest zijn. Alles is een mening geworden en feiten zijn alleen feiten als ze overeenkomen met de mening die wenselijk wordt geacht.

De angst die deze zomer zo heeft gekenmerkt, is een gecreëerde angst en het gevolg van dagelijks drenzende propaganda. Er zijn politici die baat hebben bij onze angst. Voor Trump, Wilders en de populisten die de Brexit op hun geweten hebben, vormt angst voor moslims een machtsbasis en minachting voor de feiten een voorwaarde voor electoraal succes. De propaganda heeft haar doel bereikt. We vinden het intussen volledig normaal dat mensen die we geradicaliseerd noemen, wat wil zeggen dat ze een standpunt aanhangen dat niet het onze is, zonder dat ze een misdaad hebben begaan worden opgepakt en opgesloten. Als je geradicaliseerd bent in een ander standpunt, bijvoorbeeld als PVV’er, mag je vrijelijk haten en hitsen en word je zelfs beschouwd als een stem van het volk waarnaar we moeten luisteren.

De vrijheid en rechtsstaat worden ondergraven door de propaganda van de angst. Dat is wat er deze zomer is gebeurd.