Verouderen

Als John de Mol weer eens een nieuw format heeft verzonnen schuift hij tegenwoordig aan bij de publieke omroep om de boel op voorhand als het zoveelste succes te verkopen. Maandag besprak hij met Matthijs The Story of My Life.

Als we ontroerd wilden raken, moesten we die avond maar eens op RTL4 afstemmen waar zijn zus met een zestig jaar ouder geschminkte Wesley en Yolanthe ging babbelen.

In tegenstelling tot zus Linda, bij wie je maar op een knop hoeft te drukken om haar te ontroeren of te doen schaterlachen, en zijn zoon Johnny, die ik een half uur later tussen vier probleemgezinnen en al hun voorspelbare ellende op een onbewoond eilandje zag highfiven, doet de televisiemaker niets om de kijker te behagen. De man is er duidelijk niet op uit om harten te stelen.

Hij deed denken aan die groenteboer op de Albert Cuyp die zijn perziken met een minzaam glimlachje steevast als sappig verkoopt en die als de waar onverhoopt tegenviel met hetzelfde gezicht zei dat er inmiddels een nieuwe, betere lading binnen was.

Op de vraag hoeveel mensen er moesten kijken om ervoor te zorgen dat hij prettig wakker werd mocht Matthijs het getal anderhalf miljoen noteren. Dat viel tegen.

De vraag drong zich ook op hoe het Wesley Sneijder ondertussen verging. Zouden de andere selectiespelers in hun hotel in Zweden zonder te lachen naar hun geschminkte aanvoerder en zijn vrouw hebben kunnen kijken?

Of is dat inmiddels een heel ouderwetse gedachte, dat ze bij het Nederlands elftal gezamenlijk naar programma’s op televisie kijken?

In de tijd dat ik nog wel eens voor de lol naar een training van voetbalclub Vitesse ging kijken werd Victor Sikora – hij speelde zes interlands – ooit voor de gek gehouden door het programma Bananasplit.

Bij de jaarlijkse medische keuring lieten ze de spits geloven dat hij zwanger was. De grap had wat mij betreft nog wel verder doorgevoerd mogen worden. Ik had graag ook nog even gezien dat Victor het in de kleedkamer in de groep had verteld, maar er zaten waarschijnlijk grenzen aan de grap. Niet voor de vijftig Arnhemmers die de trainingen bezochten overigens.

Als Victor Sikora naar het trainingsveld liep, keek hij voortaan angstig om zich heen, wachtend op het moment dat hij vreesde en dat zich dagelijks herhaalde. Een heel dikke Arnhemmer in een geel-zwart trainingspak die hard ‘domoor’ riep als hij passeerde. De humor zat ’m niet in de opmerking, maar in de speler die net deed alsof hij het niet hoorde.

Nog nooit iemand zo snel zien verouderen.