Nieuw? VVD sprak al langer over waarden

Verkiezingscampagne

Met de uitspraken van premier Rutte en minister Schippers lijkt de VVD de angst te betuttelen te hebben verloren.

Demonstratie van studenten in 2011 op Malieveld in Den Haag tegen bezuinigingen hoger onderwijs. Symbool van individuele en democratische vrijheid. Robin Utrecht/ANP

Natuurlijk melden zich ondernemers bij de cursussen die Patrick van Schie geeft, hij is directeur van het wetenschappelijk bureau van de VVD. Die willen vooral zo veel mogelijk regels uit de weg hebben. En er zitten ook liberalen met „onbeschaamde politieke ambities” bij. Maar tijdens het voorstelrondje hoort Van Schie ook vaak een inhoudelijk verhaal: „VVD’ers die willen praten over welke waarden ons binden, over wat Nederland nog Nederland maakt.”

Het cliché dat alle liberalen gruwen van normen en waarden klopt niet, wil hij maar zeggen. Het bleek deze week: de top sprak zich uit. Premier Rutte zei dat de Nederlandse samenleving „geen cafetariamodel” is, waarbij migranten kunnen kiezen welke westerse vrijheden ze overnemen. En minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) riep op tot een „vrijheidscoalitie” vóór de Nederlandse kernwaarden.

Is die normen-en-waarden-discussie binnen de grootste regeringspartij echt zo nieuw? Welnee, zegt Van Schie. De afgelopen jaren lag de nadruk nogal op het herstel van de economie en dat noemt hij „niet onbegrijpelijk”. Maar de suggestie in de media dat normen en waarden een heel nieuw thema vormen voor de VVD noemt hij „natuurlijk onjuist”.

Frits Bolkestein begon er 25 jaar geleden al over, zegt Van Schie. En het was Mark Rutte zelf die in 2008 met een nieuwe beginselverklaring kwam, waarin beschreven is wat de VVD onder goed burgerschap verstaat: „Dat de Nederlandse samenleving haar oorsprong vindt in de joods-christelijke traditie, het humanisme en de Verlichting.”

Geen spruitjeslucht

Niet te vergeten: in juni vorig jaar hield Rutte ook al eens een toespraak over de waarden „van hardwerkend Nederland”. Hij sprak zijn irritatie uit over de ‘dikke ik’, over hufterigheid en egoïsme. „Als je onverschillig bent over het gedrag van jezelf en van anderen, halen we niet de volle potentie uit onze samenleving.”

En het bezwaar van spruitjeslucht dan? Van betutteling van het individu? Daarover hoor je VVD’ers heus niet als het om de verdediging van fundamentele rechten gaat, zegt de Amsterdamse wethouder Eric van der Burg. „We gaan pas sputteren als de overheid wil bepalen dat we niet op zondag mogen sporten of winkelen.”

Schippers sprak vooral over de radicale islam en hoe die volgens haar tot zelfcensuur leidt, maar Van der Burg trekt de discussie breder. Hij vindt dat Nederlanders veel te soft voor elkaar zijn geweest, de afgelopen jaren. „Als op een inspraakavond over de komst van een asielzoekerscentrum wordt geroepen dat ergens een piemel in moet? Dan moet je elkaar aanspreken, dan moet een burgemeester ingrijpen.”

Dit aandachtsgolfje voor normen en waarden vanuit de VVD-top wordt in de media overwegend neergezet als campagnetaal, als alvast kiezers van de PVV en het CDA trekken. Dat is dan maar zo, zegt Van der Burg: „Het gaat toch echt verder dan dat. Iedereen is dit soort verhuftering zat, of je nou van het CDA, D66 of de VVD bent. Daarom is het toch goed dat Mark en Edith dit benoemen.”

Het lastige zit voor de VVD in de vraag wat de overheid moet of kan doen om die waarden – Van der Burg: „Dat is dat je kunt zijn wie je wilt zijn in dit land” – te verdedigen.

Liberalen zijn van nature terughoudend met wetten en regels. Zoals Van der Burg opgewekt zegt: „Je kunt gewoon niet alles van de overheid verwachten”. En al helemaal niet waar het om de maatschappij gaat. Want volgens Ruttes beginselverklaring wordt het „bezielend verband” in onze samenleving niet van bovenaf opgelegd, maar komt dat tot stand „dankzij vrijwillige relaties tussen vrije mensen”.

Onderwijs belangrijk

De klassieke manier om die Nederlandse cultuur over te brengen is volgens Patrick van Schie vooral via het onderwijs. „Geschiedenis. En aan nieuwkomers moeten we niet alleen het Nederlands leren dat nodig is om een uitkering aan te vragen, maar ook bijbrengen hoe we met elkaar samenleven. Wil je hier kunnen functioneren, dan vragen we wel wat van jou.”

Wethouder Van der Burg noemt ook het onderwijs als belangrijkste middel om bij te sturen. Hij vertelt dat hij wel eens zelf voor de klas is gaan staan op een school waar leraren moeite hadden informatie te geven over homoseksualiteit. „Om een statement te geven. Zulke dingen móéten op school besproken worden, net zoals de Holocaust of het conflict in het Midden-Oosten er echt aan bod moeten kunnen komen.’