Tuchtrechter berispt advocaat Korvinus

Voormalig VARA-voorzitter Cees Korvinus heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld in zijn optreden als advocaat van klokkenluider Ad Bos.

Klokkenluider Ad Bos en zijn advocaat Cees Korvinus in de rechtbank in Rotterdam in 2005. Foto ANP / Robin Utrecht

Voormalig VARA-voorzitter Cees Korvinus heeft tuchtrechtelijk verwijtbaar gehandeld in zijn optreden als advocaat van klokkenluider Ad Bos. Hij heeft zich schuldig gemaakt aan een in Nederland verboden no-cure-no-pay-afspraak, daarbij ‘excessief’ gedeclareerd en verzuimd om een fatsoenlijke administratie bij te houden.

Dat oordeelt de Amsterdamse Raad van Discipline, de tuchtrechtelijke instantie voor advocaten, naar aanleiding van een klacht van de deken van de Amsterdamse Orde van Advocaten, Pieter van Regteren Altena. De Raad heeft Korvinus dinsdag een formele berisping opgelegd.

Korvinus verdedigde klokkenluider Ad Bos, die in 2001 grootschalige fraude in de bouwsector aan de kaak stelde. Bos gold zelf tot 2008 als verdachte in die fraudepraktijken en werd daarin bijgestaan door Korvinus. In 2008 verklaarde het Gerechtshof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in vervolging van Bos en stond voor hem de weg vrij om schadevergoeding te claimen.

170.000 euro in plaats van pro deo

Bos kreeg in april 2009 1,7 miljoen euro van het ministerie van Binnenlandse Zaken. Korvinus toucheerde daar 10 procent van, 170.000 euro, terwijl hij altijd deed voorkomen dat hij Bos pro deo had bijgestaan.

Volgens de deken declareerde Korvinus excessief terwijl zijn werk voor Bos beperkt was geweest. Korvinus sprak dat percentage van 10 procent met Bos bovendien af, nadat hij via de landsadvocaat al wist dat er een groot bedrag voor de klokkenluider zat aan te komen. Volgens Bos was hij daar niet over geïnformeerd.

Bos had weliswaar ingestemd met dat percentage, maar hij bevond zich volgens de deken toen in een kwetsbare positie:

„Hij was werkloos, had schulden en woonde in een stacaravan.”

De Raad volgt die redenering van de deken. Korvinus maakte die „verboden prijsafspraak” nadat hij wist dat er een aanzienlijke vergoeding zat aan te komen en het werk ervoor zo goed als afgerond was, aldus de Raad. „Hij diende daarmee vooral zijn eigen belang op een moment dat de heer B. zich in een zeer afhankelijke en kwetsbare positie bevond.”

Gebrekkige administratie

Ook Korvinus’ gebrekkige administratie en het niet bijhouden van gewerkte uren is volgens de Raad in strijd met de gedragsregels. Dat hij bij aanvang van zijn werk voor Bos geen afspraak had gemaakt over zijn honorarium „valt verweerder tuchtrechtelijk te verwijten”, aldus de Raad. „Uitgangspunt is dat een advocaat de door hem gewerkte uren en bijbehorende werkzaamheden dient te administreren en zo nodig dient te verantwoorden.”

De Raad heeft Korvinus niet alleen een berisping opgelegd, maar hem ook veroordeeld tot de kosten van de klachtprocedure. Hij moet 1.000 euro overmaken aan de Nederlandse Orde van Advocaten. De advocaat van Korvinus, mr. Paardekooper, weigert commentaar op de uitspraak van de Raad.