Een dure maar nuttige G20

nrcvindt

Als twintig wereldleiders samenkomen op één podium, loont het altijd om even op te letten. Maar meestal is het nóg nuttiger om te kijken wat er in de kleine zaaltjes naast het hoofdpodium speelt. De Chinese regering had miljarden noch moeite gespaard om van de tweedaagse G20-ontmoeting, zondag en maandag in Hangzhou, een gedenkwaardige gebeurtenis te maken. De opulente opening deed denken aan de opening van een Olympische Spelen.

Dat is veel, voor een informele gespreksgroep die sinds 1999 jaarlijks bijeenkomt om bij te dragen aan een stabiele wereldeconomie – en die de G7 inmiddels heeft overvleugeld. Gastheer Xi-Jinping liet zichzelf en zijn land vieren – op eigen kosten. Mooi. Maar schoot de rest van wereld er ook iets mee op?

De slotverklaring was rijk aan beloftes, maar mager aan houvast. Terrorisme? Strijd wordt verscherpt en financiering aangepakt. Wereldeconomie? Aanzwengelen met alle beschikbare beleidsinstrumenten. Protectionisme? Afschaffen voor 2018. Immigratie en belastingparadijzen? Doorgeschoven naar de volgende gastheer, Duitsland. De top had wel een andere toonzetting dan andere jaren. Het was de deelnemers niet ontgaan dat de wrevel over globalisering en twijfel over de merites van vrijhandel in het Westen toeneemt. Er was daarom, in elk geval in woorden, aandacht voor duurzaamheid en armoede.

Eigenlijk was ‘Hangzhou’ al een bescheiden succes voordat de leiders in China aankwamen. Diplomaten hadden opmerkelijke bilateraaltjes voorbereid. Op zaterdag maakten Xi Jinping en president Obama gezamenlijk bekend dat ze het VN-klimaatverdrag van Parijs geratificeerd hebben. Daarmee is het verdrag nog niet van kracht, maar komt het wel dichterbij.

Duitse en Turkse diplomaten hadden het pad geëffend voor een ontmoeting tussen bondskanselier Merkel en president Erdogan, door de opgelaaide onenigheid over de Armeense kwestie glad te strijken. Daarmee was in elk geval één irritatie op de zo cruciale lijn Berlijn-Ankara weggewerkt.

Er kon geen doorbraak gemeld worden in de onderhandelingen tussen de VS en Rusland over gevechtspauzes in Syrië. Obama en Poetin spraken elkaar negentig minuten zonder onmiddellijk resultaat.

Maar ze spraken elkaar. En daar zit ook de winst van bijeenkomsten als deze. Diplomaten hebben een ‘natuurlijke’ deadline om naar toe te werken, moeilijke dossiers kunnen op niveau besproken worden. Dat is geen garantie voor wereldvrede, maar het helpt. Wie praat slaat niet – althans niet meteen.