Netanyahu bezoekt een van zijn grootste vrienden

Buitenlandse Zaken

De Israëlische premier Netanyahu bezoekt Nederland. De relatie tussen de twee landen is moeizamer geworden.

Benjamin Netanyahu bij een eerder bezoek aan Nederland, in 1997 met toenmalig minister-president Wim Kok (PvdA). Foto Roel Rozenburg

Een „evergreen”. Zo betitelt Tweede Kamerlid Han ten Broeke (VVD) het altijd weer heftige en niet zelden emotionele debat in Nederland over Israël en de Palestijnen. Al jaren is het een vast gespreksonderwerp in de Tweede Kamer. Al jaren ook is het een debat dat in vaste rondjes blijft draaien zonder enig resultaat. Eigenlijk dus net zoals de gesprekken of pogingen daartoe in het Midden-Oosten zelf over het tot stand brengen van een vredesregeling tussen Israël en de Palestijnen. Daar en in Nederland liggen de standpunten onwrikbaar vast.

Dat is ook nu weer niet anders, met het tweedaagse bezoek van de Israëlische premier Netanyahu aan Nederland. Hij zal deze dinsdag onder meer worden ontvangen door minister-president Rutte en koning Willem-Alexander. Ook staat een gesprek met Kamerleden op het programma.

De toon is dit keer extra gezet door oud-premier en oud-CDA-voorman Dries van Agt, al jaren strijder voor de Palestijnse zaak. Hij vindt dat Nederland de Israëlische leider vanwege diens nederzettingenpolitiek in de bezette Palestijnse gebieden niet zou moeten ontvangen. „Er komt hier een oorlogsmisdadiger aan. We kunnen hem beter naar het Internationaal Strafhof sturen”, aldus Van Agt in een vraaggesprek met het tv-programma EenVandaag.

Het zal Netanyahu waarschijnlijk niet beletten zich net als bij eerdere gelegenheden in lovende woorden uit te laten over de betrekkingen tussen zijn land en Nederland. Van Nederlandse kant zal hetzelfde gebeuren. Vanouds heeft Nederland een hartelijke band met Israël. De toon is weliswaar kritischer geworden, maar als het erop aankomt staat Nederland net als in de jaren zestig en zeventig volop „achter Israël” – zoals de stickers achterop het snel uitdijende Nederlandse wagenpark destijds zeiden.

Ten tijde van de oorlogen die Israël toen met zijn buurlanden voerde kon het rekenen op grote sympathie van Nederland. Die ging zelfs zo ver dat minister Vredeling (Defensie, PvdA) in 1973 wapenleveranties aan Israël via Nederland liet lopen, in het grootste geheim en buiten medeweten van zijn collega’s in het kabinet-Den Uyl.

In de Arabische wereld bleef die steun niet onopgemerkt. Nederland kreeg door een aantal Arabische landen een olieboycot opgelegd die ertoe leidde dat acute energiebesparingsmaatregelen nodig waren. Benzine ging op de bon en er kwamen enkele autoloze zondagen.

Nederzettingen

Tegenwoordig staat Nederland niet meer ongeclausuleerd achter Israël. De onverzettelijke nederzettingenpolitiek van het land heeft de houding veranderd. Of „genuanceerd”, zoals politici zeggen. Het officiële Nederlandse regeringsstandpunt over een vredesregeling is dat er een zogeheten tweestatenoplossing moet komen: naast Israël moet er ook een Palestijnse staat komen. Dat is ook de opvatting van de Europese Unie.

Toch wordt in de Europese Unie Nederland van de 28 lidstaten nog altijd als een van de grootste vrienden van Israël gezien. Waar andere landen Israël hard willen aanspreken, remt Nederland af. Dat bleek vorig jaar nog eens bij de discussies over erkenning van de Palestijnse staat. Nederland voelde er, in tegenstelling tot Zweden, niets voor om die te forceren.

In de huidige coalitie is de PvdA kritischer over Israël dan de VVD. Vanuit de VVD werd vooral met argusogen naar de PvdA’er Bert Koenders gekeken toen deze twee jaar geleden zijn partijgenoot Frans Timmermans opvolgde als minister van Buitenlandse Zaken. In zijn tijd als lid van de Tweede Kamer had Koenders diverse keren zeer hard geoordeeld over Israël. Bij Koenders’ aantreden werd hij vanuit de VVD dan ook gewaarschuwd dat hij zeer nauwgezet aan het regeerakkoord zou worden gehouden.

In dit akkoord staat een uiterst afgewogen passage met zowel steun voor Israël als de Palestijnen. „Waar mogelijk draagt Nederland bij aan vrede en veiligheid in het Midden-Oosten en benut daarbij de goede banden met zowel Israël als de Palestijnse autoriteit”, zegt het akkoord.

In dit kader valt ook het bezoek van premier Netanyahu. Tijdens het eerste kabinet-Rutte besloot minister Rosenthal (Buitenlandse Zaken, VVD), om de goede betrekkingen te verstevigen, tot een „samenwerkingsforum” met Israël. Beide landen zouden hierin op diverse terreinen met elkaar samenwerken. In het kader van de evenwichtige benadering werd een soortgelijke raad met de Palestijnse autoriteit opgericht. Vandaar ook dat de Rijksvoorlichtingsdienst in de persaankondiging van het bezoek van Netanyahu nadrukkelijk stelt dat de Palestijnse president Abbas vorig najaar op bezoek was en op eenzelfde ontvangst kon rekenen van Rutte en koning Willem-Alexander. Evenwicht daar draait het om.