Gevecht met zichzelf beloond op de Aubisque

Ronde van Spanje Tegenslagen kenmerken de carrière van Robert Gesink. Op een legendarische Franse berg behaalde hij z’n meest prestigieuze zege.

Robert Gesink rijdt solo naar de finish op de Col d’Aubisque en wint de koninginnerit van de Vuelta. Foto JOSE JORDAN/AFP ©

De mond wijd open, beide armen omhoog, de wijsvingers priemend naar de blauwe hemel. Op magistrale wijze de koninginnerit gewonnen in de Ronde van Spanje, op de top van de mythische Col d’Aubisque. Vergeten is alle ellende van de afgelopen maanden. In alle vezels van zijn afgepeigerde lichaam straalt Robert Gesink uit wat hij direct na afloop ook vertelt. „Mijn eerste overwinning in een grote ronde. Tot nu toe was het echt geen goed seizoen. Maar nu voel ik dat ik helemaal terug ben, en dat voelt goed.”

Op precies dezelfde manier juichte Gesink (30) toen hij in het prille voorjaar van 2011 op de ‘Green Mountain’ de koninginnerit won in de Ronde van Oman. Een paar maanden daarvoor was zijn vader overleden, na een ongeluk met de mountainbike. Zijn vader met wie hij een diepe passie voor wielrennen deelde. Zie in de Tour van 2010 hun glunderend oogcontact in skistation Ax-3-Domaines, toen vader Dick op de achtergrond trots toekeek hoe zijn zoon werd geïnterviewd. „Ik moest aan mijn vader denken toen ik over de finish kwam”, sprak hij zaterdag bij de NOS, een uur na de meest prestigieuze zege uit zijn carrière, op de Aubisque. „Hij is een paar jaar geleden overleden en ik mis hem heel erg.”

Opvolger van Zoetemelk

Diepe dieptes overschaduwen bij Gesink als bij weinig andere topsporters de hoogtepunten, die er in zijn carrière zeker ook waren. Al vanaf het begin van zijn profcarrière bij Rabo draagt hij als kopman de grootste Nederlandse wielerploeg, lang gold hij als gedoodverfd opvolger van Joop Zoetemelk. Hij won eendagswedstrijden, blonk uit in Vuelta en Tour. Maar altijd weer volgde tegenslag, de echt grote zege bleef uit. Was hij geen winnaar, zoals critici stelden? Zo populair als Sven Kramer, Max Verstappen of nu in zijn eigen sport Tom Dumoulin werd hij nooit, al is hij als sportman van hun niveau. Maar zijn laatste zege dateert al van 2013, zijn dappere aanval in de Tour van vorig jaar op La Pierre Saint-Martin lijkt bijna vergeten.

Angst voor stress

„Het riekt naar een probleem tussen de oren: angst voor de stress van competitie”, stond in de aanloop naar deze Vuelta over Gesink in een kritisch hoofdredactioneel artikel in het wielerblad Procycling. Zou het? „Hij haalt zijn beste niveau ooit”, vertelde trainer en vertrouwensman Louis Delahaye in april voor de klassieker Luik-Bastenaken-Luik. Maar meer dan anoniem meerijden zat er niet in, zijn plaats in de olympische selectie voor Rio raakte hij kwijt. Een val plus hersenschudding in de Ronde van Zwitserland zette een streep door Tourdeelname. Lang bleef onzeker of hij in de Vuelta kon terugkeren.

Psychische problemen, zoals Procycling veronderstelde? Zijn lichaam deed niet wat hij wilde, stelde Gesink. De ene dag goed, de volgende dag onverklaarbaar moe. Pas op het laatst besloot hij toch te starten, ‘veilig’ in de luwte achter kopman Steven Kruijswijk. Een rampseizoen om snel te vergeten voor het voormalige wondertalent, zo leek. En dat uitgerekend nu andere Nederlandse renners uitblinken. Wout Poels won Luik-Bastenaken-Luik en was volgens kenners als Movistar-ploegleider Eusebio Unzue ‘de beste klimmer in de Tour’ in dienst van zijn kopman Chris Froome.

Bauke Mollema schitterde op de Mont-Ventoux, streed lang voor een podiumplaats en won een week na de Tour de Clasica San Sebastian. Dumoulin heerste in de tijdrit en was op Arcalis de eerste Nederlandse winnaar van een bergrit sinds Michael Boogerd in 2002 op La Plagne. En dat na een Ronde van Italië waarin Nederlanders ook al een hoofdrol speelden, met proloogwinst plus zes dagen roze voor Dumoulin en Kruijswijk die pas op het laatst de eindzege verspeelde door een val.

Unieke successen, maar wel prestaties die wegbereider Gesink op een haar na al jaren eerder leverde. In de Vuelta van 2009 stond hij tot drie dagen voor het einde nog tweede, op slechts een half minuutje van de leider Valverde. Tot een ongelukkige val hem terugwierp. Er waren aanvankelijk dagen genoeg dat bergop niemand hem kon volgen. In de Ronde van Emilia (twee keer), koninginneritten in Oman, Zwitserland en Californië, Grote Prijs van Montreal en Quebec. Als boegbeeld droeg hij na het afscheid van Rabobank bij aan het vinden van nieuwe sponsors Belkin en Lotto-Jumbo.

Maar steeds opnieuw brak de lijn richting absolute top door tegenslag. Het was om gek van de worden voor Gesink. Hij rekende af met valpartijen en een beenbreuk. Sloeg zich samen met familie door privésores na het overlijden van zijn vader en complicaties bij de geboorte van een zoon. Overwon door een operatie hartritmestoornissen en de angst daarvoor.

Bekijk het allemaal maar

„Ik heb wel momenten gehad dat ik dacht: bekijk het allemaal maar”, gaf Gesink zaterdag toe in het NOS-interview na zijn ritzege op de Col d’Aubisque. Hersenschudding, rotseizoen. Om dan in de Vuelta toch weer het gevecht met zichzelf aan te gaan en nog glansrijk te winnen ook.

Vorige week maandag eerst de maar net mislukte aanval op Lagos de Covadonga, waar Nairo Quintana hem in de slotkilometers nog net voorbij stoof om de leiderstrui te heroveren. Maar de macht waarmee Gesink in de laatste meters bergop toch nog het sprintje om de tweede plaats won van Tourwinnaar Froome was al een bemoedigend teken.

Zaterdag, in een rit van 196 kilometer over vier Pyreneeënreuzen, volgt zijn meesterwerk. Met drie ploeggenoten in een vroege vlucht. Negen kilometer onder de top van de slotklim onweerstaanbaar aangaan, vanuit een achtervolgend groepje. Alles en iedereen raast hij voorbij, staand op de pedalen. Sterk genoeg om de klassementstoppers achter zich te houden en in een lange sprint af te rekenen met twee medevluchters. Als eerste over de finish op de Aubisque, zoals vele groten in de wielerhistorie. En die gedachte aan stoppen, waar hij bij de NOS over sprak? „Ik ben dertig jaar. Er zit nog heel wat in.”