Droombeeld van Venetië in Utrecht

Het Festival Oude Muziek wekt onder de koosnaam La Serenissima het oude Venetië tot leven. Dus doet men eerbiedwaardige pogingen om TivoliVredenburg de schijn te geven van een welluidende basiliek.

Het ensemble l’Arpeggiata speelde een zoete aaneenschakeling van greatest hits van operacomponist Cavalli Foto Anna van Kooij

Een droombeeld van Venetië is niet compleet zonder gondels, carnaval en het duizelingwekkende interieur van de San Marco. Dat vond het Festival Oude Muziek ook, dat het oude Venetië onder de koosnaam La Serenissima deze 35ste editie tot leven wekt. Dus kon een gondelier worden gespot in de grachten van Utrecht, worden carnavalesk schunnige liederen gezongen en doet men eerbiedwaardige pogingen om TivoliVredenburg de schijn te geven van een welluidende basiliek.

Schoonzingerij

Ook dit jaar is het aanbod caleidoscopisch. De organisatie heeft een naam hoog te houden als het grootste oudemuziekfestival ter wereld met ruim tweehonderd concerten.

Utrecht lijkt daarbij voor elk genre een gepaste kerk te hebben. De Lutherse Kerk bleek dinsdag dankzij intieme omvang en houten dak ideaal voor het klavecimbelrecital van de jonge Francesco Corti. Met krachtig spel op een pittig Duits instrument gaf Corti een ronkend pleidooi voor Baldassare Galuppi. Deze achttiende-eeuwse Venetiaan bouwde zijn sonates graag op met milde melodieën boven gebroken akkoorden, afgewisseld door rap passagewerk. Van een geruststellende voorspelbaarheid, zeker vergeleken bij de meer complexe noten van Domenico Scarlatti die Corti trefzeker tot klinken bracht.

Utrecht heeft voor elk genre een gepaste kerk

Hoe grove liedjes soms een beetje braaf blijven, toonde ensemble Micrologus onbedoeld in het programma Carnivalesque in de bomvolle Geertekerk. De associatie met een rondreizende 15de-eeuwse muziekgroep werd versterkt door expressie boven schoonzingerij te plaatsen, en veelal uit het hoofd en multi-instrumentaal te opereren. Maar hoe prikkelend de bezongen heksen, verliefde soldaten en impotente oudjes ook waren, de soms vlakke muziek werd na ruim een uur toch wat eentonig.

Het koloniale aspect van Venetië werd afgevinkt door het omstreden Graindelavoix, dat in de galmende Domkerk de 15de-eeuwse Cypriotische muziekcultuur reconstrueerde. Natuurlijk kun je vraagtekens plaatsen bij de opvatting van leider Björn Schmelzer dat de middeleeuwse westerse polyfonie geïnterpreteerd moet worden met glissandi, microtonen en raspende bassen. Maar elk weerwoord verstomde zodra een hypnotiserende melodie werd ingezet.

Ingetogen duetten

Door de met veel versieringen gezongen motetten van de Fransman Jean Hanelle te omlijsten door Grieks- en Arabisch-Byzantijnse gezangen, werd de verwantschap tussen Oost en West spannend groot: het rooms-katholicisme als slechts een van vele occulte culturen in het Middellandse Zeegebied.

Al even omstreden is l’Arpeggiata van luitiste Christina Pluhar, het meest gelikte en populaire aller oudemuziekensembles. Na een tenenkrommend melig geënsceneerde Dido and Aeneas vorig jaar, bleef de verkleedkist nu in een avond rond operacomponist Cavalli gelukkig gesloten. Onvermijdelijk waren niettemin de jazzy kwastjes en weeïge barokharpomspelingen, die maximaal effect sorteerden maar meer klonken naar l’Arpeggiata dan naar Cavalli. Grootste troef was de sopraan Nuria Rial: je zou haar doorleefde stem willen horen in een complete Cavalli-opera, liever dan in deze zoete aaneenschakeling van greatest hits.

Het andere uiterste: Capriccio Stravagante, dat in weerwil van de naam introvert speelt. Aanvoerder Skip Sempé is geen showman, en de bedachtzame zangers van Vox Luminis voegden zich vaak wat mompelend in het geheel. Schoonheid werd gevonden in werken voor dubbelkoor van onder meer Monteverdi: subtiel reliëf in de tussenstemmen, bescheiden stereo-effecten en ingetogen duetten.