Muziek zonder clichés is muziek zonder gemak

Ergens tussen de luie woestijnmuziek van J.J. Cale en de rafelige indiepop van Kurt Vile ligt het spoor dat Cass McCombs trekt door het Amerikaanse poplandschap. Het is eerder een karrenspoor dan een autoweg, want McCombs heeft nooit haast en zijn muziek is van een weldadige loomheid. Zijn energie steekt McCombs in het construeren van verfijnde liedjes met een knipoog naar de zoete jaren zeventigpop van Bread en Todd Rundgren. Mangy Love is zijn achtste en meest gepolijste album, met strijkjes en jazzy gitaarverrsiersels die het poëtisch absurdisme van zijn teksten omlijnen. „No more cliché songs” belooft hij in ‘Cry’, om met de psychedelische wulpsheid van ’Medusa’s Outhouse’ en het spookachtige ‘It’ de daad bij het woord te voegen. Uitdagende muziek die niettemin makkelijk wegluistert.