Even bellen met Aalt Fikse

Margot Poll belt met kapitein Aalt Fikse (47) van het Leger des Heils in Kampen over de modeshow van het Leger.

©

Eerst een paar feiten. Per jaar wordt door het Leger des Heils in Nederland zo’n 23 miljoen kilo aan kleren opgehaald. Dat is een voetbalstadion vol en daar zouden alle inwoners van Nederland meer dan een kilo van kunnen meenemen. Maar in werkelijkheid gaat het anders. We bellen met het Leger des Heils in Kampen die een modeshow organiseert.

Hoe gaat het in Kampen?

„Wij krijgen ongeveer tweehonderd zakken per week. Na het uitzoeken van de kleding blijft 5 tot 10 procent over voor de verkoop in de winkel. Daarnaast houden we veel kleren achter de hand voor als er zich ergens een ramp voltrekt.”

Wat gebeurt er met de 90 procent die niet naar de winkel gaat?

„Dat gaat naar het landelijk depot van het Leger en wordt opnieuw gesorteerd: de vodden worden gerecycled, een deel gaat naar ontwikkelingslanden en een deel wordt verkocht aan bedrijfjes in het buitenland die in tweedehandskleren doen.”

Is de ingezamelde kleding niet juist om weg te geven aan minder bedeelden?

„Daar hebben we ook een heel systeem voor. Mensen die geen of weinig geld hebben, mogen voor het hele gezin – zeg ter waarde van dertig euro – kleren in de winkel uitzoeken. Andere klanten betalen een zacht prijsje, en dat komt dan weer in de pot waar we projecten van betalen.”

Maar waarom dan zaterdag een modeshow?

„Omdat we alweer zakken herfstkleren binnenkrijgen, terwijl er nog veel zomerkleren zijn. We doen het ook om te laten zien dat het hier niet om vodden gaat. We hebben enthousiaste modellen, allemaal vrijwilligers, en enthousiaste klanten uit binnen- en buitenland.”

Loopt u zelf ook mee?

„Haha, nee ik denk dat wij toeschouwers zullen zijn. We hoeven ons daar niet tussen te dringen. Mijn vrouw en ik zijn vooral verantwoordelijk voor de kerk. Wij zijn op ons 22ste geroepen door God, zoals het mooi heet.”