De Griekse eilanden zijn als een gevangenis

Vluchtelingencrisis Het aantal migranten dat aankomt in Griekenland stijgt weer. Op Samos wachten honderden tot ze verder kunnen.

Een vluchteling staat te bidden voor zijn tent. Foto AFP / Angelos Tzortzinis

Mohamed Fares (21) peutert een schelp van de kade in Vathy, de hoofdstad van het Griekse eiland Samos. Het schaaldier is aas. Het gaat aan een nylondraad terug het water in tussen de aangemeerde vissersbootjes. Van wat Fares vangt, maakt zijn vrouw in het kamp een maal. Hij heeft al een baarsje van twintig centimeter. Met een vies gezicht:

„Dan kunnen we het eten dat we krijgen weggooien.”

Het zijn kleine porties ontdooide prak, vaak macaroni zonder groenten, in aluminium bakjes. Niet te vreten, vertellen vluchtelingen unaniem. Vooral niet als je het maanden achter elkaar voorgeschoteld krijgt.

Tekst gaat verder na de video:

In het containerkamp op de helling boven de stad zitten nu 727 vluchtelingen en op verschillende plekken op het eiland nog zo’n tweehonderd. Stuk voor stuk mensen die, anders dan toeristen, daar niet willen zijn. Ze hebben geen idee hoelang ze nog moeten blijven.

Met het vluchtelingenakkoord tussen Turkije en de Europese Unie veranderden de Griekse eilanden op 20 maart van tussenstop in een voorlopig eindstation. Een groot deel van de mensen die kort na 20 maart op de stranden aankwamen, zit er nog altijd.

Foto Marloes de Koning

Mohamed Fares hoopt wat vis te vangen. Foto Marloes de Koning

Samos fungeert, net als Lesbos, Chios, Kos en Leros, als een zeef. Kansrijke asielzoekers, vooral Syriërs, Irakezen en Afghanen, mogen na een paar maanden door naar kampen in de buurt van Athene voor de verdere asielprocedure. De kanslozen blijven hangen. Dat zijn jongens uit Burundi of Kameroen. En veel Pakistanen. Ze krijgen informatie over vrijwillige terugkeer en drie maaltijden per dag. Ze vervelen zich te pletter terwijl ze van Duitsland dromen.

Als het heetst van de dag voorbij is, hangen vluchtelingen op de kade in Vathy, waar ook toeristen slenteren. Geld voor consumpties hebben ze niet. Hun schoeisel verraadt ze: afgetrapte badslippers of identieke helblauwe sportschoenen uit een gedoneerde lading.

In Duitsland krijg je een toelage, hoort Pakistaan Ali Raza (32) van zijn broer die het wel gehaald heeft. „Dan kun je tenminste spullen kopen om je te scheren.” Hij voelt zich vies. In het kamp zijn te weinig douches en er is soms dagen geen stromend water.

Met zijn jongere broer Ahmad Ali (23) en een vriend zit hij op een stuk karton in de haven. Voor hen staat een literfles goedkope witte wijn. De broers zijn inmiddels vijf maanden op Samos.

„Syriërs mogen door naar Athene. Pakistanen niet. Waarom?”

Veerboot is verboden terrein

Aanvankelijk zaten vluchtelingen vast in overvolle kampen. Na een maand moesten volgens de Griekse wet de hekken open. Vanaf dat moment werden de eilanden zelf de gevangenis. De veerboot naar Athene, die iedere dag de haven in Vathy aandoet, is verboden terrein.

Uit onderzoek door VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR op Samos in juli blijkt dat met name vrouwen en kinderen zich onveilig voelen tussen de vele mannen in het kamp. In het donker durven ze niet naar het toilet. Er zijn geregeld opstootjes tussen etnische groepen. Dan proberen Pakistanen bijvoorbeeld de ruimere containers in te pikken die vrijkomen als een Syrische familie vertrekt.

De vluchtelingen zijn geen aangespoeld probleem meer dat snel verdwijnt. De nieuwe realiteit is dat Samos er een groep tijdelijke, getraumatiseerde bewoners bij heeft gekregen.

In het stadje Kokkari, dat leeft van toeristen, circuleert onder ondernemers een petitie. Het gerucht gaat dat de eigenaren van twee vervallen hotels die over de kop zijn gegaan, overwegen een deal met de overheid te sluiten voor vluchtelingenopvang. Daar is de rest tegen.

„De sociale druk om zoiets niet te doen is enorm”, vertelt Despina Mammis (53) van restaurant Mythos in Kokkari. „Het is financieel verleidelijk, maar het is het risico niet waard.” Lokaal lig je eruit als je heult met de kant van vluchtelingen, vrijwilligers en hulporganisaties.

Die krijgen de schuld van het slechte toerismeseizoen. Terwijl de rest van Griekenland profiteert van de angst voor aanslagen in Turkije en Egypte, gaan de zaken op de eilanden waar veel vluchtelingen zitten slecht. Mammis staat dit jaar zelf in de keuken, omdat ze geen kok meer kan betalen. „Een rampjaar. Ik werk me een slag in de rondte zonder winst.”

Mammis had tot voor kort een relatie met de Nederlander Iain Bruinvis (66), gepensioneerd fysicus. Hij bezoekt het eiland al 35 jaar en werkt mee in haar restaurant. Sinds een jaar helpt hij ook vluchtelingen. Eerst op de stranden. Daarna onder meer met de organisatie van benefietconcerten in Nederland.

Foto Marloes de Koning

De Nederlander Iain Bruinvis komt al 35 jaar op Samos. Foto Marloes de Koning

Inmiddels praat hij daar in Kokkari niet meer over, uit angst de zaak van zijn ex-vriendin te schaden. „De stemming is totaal omgeslagen”, vertelt Bruinvis in het haventje van de stad, waar geen vluchteling te bekennen is. „Vorig jaar was er veel meer compassie”.

Vergelijkbare berichten komen van andere eilanden. Op Chios probeert de lokale bevolking Spaanse vrijwilligers te intimideren die een gaarkeuken voor vluchtelingen runnen. Er zat op een dag lijm in de sloten van de gaarkeuken en ze vonden een verminkt konijn op de stoep. Op Leros gingen rechts-extremisten met stokken op vluchtelingen af die zich buiten het kamp waagden. De politie adviseert ze buiten beeld te blijven. Dat is ook het beleid op Samos. „Toerisme en vluchtelingen, dat gaat niet samen”, zegt Mammis.

„Die mensen willen hier niet zijn en wij kunnen niets voor ze doen. Ze zouden op een boot naar Athene moeten worden gezet.”

Van terugsturen komt niets terecht

Van terugsturen naar Turkije komt tot nu toe niets terecht. De Griekse asieldienst is zwaar overbelast en de juridische obstakels zijn groter dan verwacht. Tot nu toe hebben slechts zo’n vijfhonderd mensen vrijwillig Turkije boven Griekenland verkozen door geen asielaanvraag in Griekenland te doen. De overigen doen dat wel en die moeten allemaal individueel worden beoordeeld. Doorprocederen leidt tot nu toe tot asiel.

Europese landen hebben zich verplicht asielzoekers van Italië en Griekenland over te nemen om beide landen te ontlasten. Maar op een paar na stellen de EU-staten geen plekken beschikbaar. Van de ongeveer 58.000 vluchtelingen in Griekenland zijn er ruim 7.000 die al zijn goedgekeurd voor hervestiging in Europa, maar daar nog altijd geen plaats hebben.

De Griekse regering wil komende maand in een diplomatiek offensief EU-landen aan hun verplichting herinneren, vertelt minister van Migratie Yiannis Mouzalas op een persconferentie in Athene. De regering hoopt te helpen voorkomen dat het vluchtelingenakkoord met Turkije klapt. Zonder dat akkoord hadden we hier nu 150.000 tot 180.000 mensen meer gehad, schat Mouzalas.

Professionele hulporganisaties doen projecten op de eilanden, maar houden zich afzijdig van de kampen. „De aanpak van de Europese Commissie en de Griekse regering, waarbij mensen lang op eilanden blijven, is gericht op ontmoediging in plaats van individuele beoordeling”, zegt Julien Delozanne afkeurend. Hij is coördinator voor Artsen zonder Grenzen op Samos.

Begin augustus was er een campagne om mensen aan te moedigen gebruik te maken van een vrijwillige vertrekregeling, inclusief een premie van 500 euro. De vluchtelingen vonden het volgens Delozanne „een slechte grap”. Vrijwel iedereen wil nog altijd door.

Dat blijkt ook in het opvanghuis voor minderjarige alleenreizende migranten in Vathy – een voorziening waar grote behoefte aan is. 24 jongens van tussen de zestien en achttien jaar zijn uit het kamp gehaald en wonen onder begeleiding in een huis aan de rand van het centrum. Medewerkers van de Griekse ngo Praksis begeleiden ze en proberen ze te motiveren om deel te nemen aan activiteiten. Dat valt niet mee.

Oogcontact met hangende pubers

Alexandros Vallides (27) leunt over de bank en zoekt oogcontact met de hangende pubers, want het is zondag en dan staat samen koken op het programma. „Wie kookt er vandaag, en wat?” Geen antwoord. Schouderophalen. Hij probeert het met doorvragen. In het Engels. Wie heeft er vorige week gekookt? Weer geen sjoege. YouTube en de pooltafel zijn interessanter. Vallides draait zich om en grijnst. „Ik denk dat het vandaag weer de Griekse keuken wordt.”

„Ze onderkennen niet dat dit deel van hun leven is”, zegt Vallides, psycholoog in dienst van de Griekse organisatie Praksis in zijn kantoortje naast de woonkamer.

„Ze willen deze periode uitwissen en door naar de volgende stap. Er is veel druk van familie om hun doel te bereiken. En dat is niet hier.”