Rousseff verweert zich in laatste poging tegen afzetting

De geschorste Braziliaanse president wordt naar verwachting deze week nog definitief uit haar functie gezet.

Dilma Rousseff maandag verdedigde zich maandag voor het laatst tegenover de Senaat. Foto: Evaristo Sa / AFP

De geschorste Braziliaanse president Dilma Rousseff heeft zich maandag tegenover de Senaat wederom vrijgepleit van onder meer fraude met overheidsgelden. Dat meldt Reuters. De persoonlijke verdediging van Rousseff tegenover de Senaat is het laatste onderdeel in haar afzettingsprocedure.

Rousseff werd drie weken geleden door de Senaat officieel aangeklaagd voor het sjoemelen met overheidsfinanciën. Op 12 mei werd Rousseff voor 180 dagen geschorst. 55 van de 81 senatoren stemden toen in de afzettingsprocedure voort te zetten. Gedurende haar schorsing moet minimaal tweederde van de Senaat een definitief vertrek bevestigen. Dat lijkt deze week nog realiteit te worden.

Rousseff zei maandag slachtoffer te zijn van een staatsgreep en ontkende onwettig te hebben gehandeld:

“Ik heb een schoon geweten. Ik heb geen enkele misdaad begaan.”

Volgens Rousseff heeft haar negen maanden durende afzettingsprocedure de Braziliaanse politiek lamgelegd. In een laatste poging het tij te keren riep ze de senatoren op haar niet weg te sturen:

“Stem tegen de afzetting, stem voor de democratie.”

Als Rousseff wordt weggestuurd, zal ze gedurende deze regeringstermijn - tot 2018 - worden opgevolgd door Michel Temer, van de Braziliaanse Democratische Beweging Partij.