De valkuilen op weg naar Rutte III

Ruttes zwaktes

Lang niet alles is goed gegaan voor de premier. En daar zal hij het liever níet over hebben.

1 Gebroken verkiezingsbeloftes

De moordenaar van Pim Fortuyn zou nooit proefverlof mogen krijgen, zei Rutte. Elke werkende Nederlander kon rekenen op duizend euro. Er ging geen cent meer naar Griekenland. Het liep allemaal anders. De afgelopen vier jaar moest Rutte telkens opnieuw toegeven dat hij zijn verkiezingsbeloftes niet kon waarmaken. En dan ging hij ook nog een coalitie aan met de ‘socialisten’ van de PvdA die hij in de campagne had afgeschilderd als een gevaar voor het land. Zijn politieke tegenstanders zullen er graag op hameren: wat heb je aan de beloftes van Mark Rutte?

2 Oekraïne-referendum

Het referendum over het associatieverdrag met Oekraïne in april dit jaar draaide uit op een fiasco voor Rutte en zijn kabinet: ruim 60 procent van de kiezers stemde tegen. Dat ‘nee’ riep Rutte misschien ook wel over zichzelf af, met zijn lauwwarme gevoelens voor de EU: die moet zich met zo weinig mogelijk bemoeien, de samenwerking is wat Rutte betreft vooral economisch. Maar politiek moet er ook veel samen worden gedaan en als landen niet goed meedoen, zoals bij de opvang van vluchtelingen, windt hij zich daar enorm over op. Geert Wilders zal hem in de campagne afschilderen als een eurofiel, voor de PvdA en D66 is Rutte juist geen échte Europeaan.

3 Zijn eigen partij

Tweede Kamerlid Mark Verheijen die onterecht declareerde. De oud-gedeputeerde in Noord-Holland en de fractievoorzitter in Stichtste Vecht die werden veroordeeld wegens witwassen en valsheid in geschrifte. Eerste Kamerlid Loek Hermans die weg moest wegens wanbestuur als toezichthouder in de zorg. De lijst integriteitskwesties rond VVD’ers lijkt oneindig. Rutte vindt dat zijn partij juist het goede voorbeeld moet geven: níet graaien, maar hard werken en eerlijk zijn. Zelf declareert hij geen cent en kwam hij nog nooit in opspraak, maar zijn tegenstanders zullen hem graag herinneren aan al die partijgenoten.

4 Veiligheid

Het pijnlijkst voor Mark Rutte was misschien wel de langlopende affaire rond het ‘het bonnetje’ van de Teeven-deal. Het ministerie van Veiligheid en Justitie, geesteskind van de VVD, bleek een puinhoop. Bewindslieden Ivo Opstelten en Fred Teeven moesten weg. Rutte zelf kreeg een motie van afkeuring aan zijn broek van de volledige oppositie. Ook in andere kwesties, zoals de problemen bij de Nationale Politie, lijken de VVD-bewindspersonen dit departement maar niet onder controle te krijgen. Nu bepleiten verschillende partijen de ontmanteling van het superministerie. Het zal voor Rutte nu veel lastiger zijn om zich bij de verkiezingen geloofwaardig te presenteren als de man van ‘law and order’.