Antrax in biowapen Sovjets was natuurlijk

De miltvuur-bacteriën die de Sovjet Unie eind jaren zeventig als biologisch wapen produceerde waren nog niet ‘genetisch gemanipuleerd’. Ze verschilden nauwelijks van de miltvuurbacteriën die op de Aziatische steppen zijn te vinden. Die waren ook als uitgangsmateriaal gebruikt.

Dit blijkt uit onderzoek aan geconserveerde weefselmonsters van Russen die in 1979 bij een ongeluk slachtoffer werden van de bacteriën. Onderzoekers van Northern Arizona University wisten het DNA van de bacteriën, die in monsters milt en lymfleklier waren achtergebleven, te analyseren (mBio, nog onder review). Een technisch hoogstandje, want het bacterie-DNA was na 35 jaar formaline-conservering zwaar beschadigd.

Miltvuurbacteriën (Bacillus anthracis: antrax) zijn ziekteverwekkende bacteriën die als sporen in de bodem overleven. Ze bedreigen vooral wilde dieren en vee. Op hun beurt kunnen die mensen infecteren: via de huid, het darmkanaal of de longen. Het inademen van antrax-sporen leidt, als niet op tijd antibiotica worden ingezet, meestal tot de dood.

In de Tweede Wereldoorlog ontwikkelden ook Engeland en de VS antrax als wapen, maar ze beëindigden hun programma’s in 1956 en 1969. In 1972 maakte de conventie tegen biologische wapens mondiaal een eind aan de research. Maar niet in de Sovjet Unie dat pas toen, in het geheim, op grote schaal biowapens ging ontwikkelen – met het accent op antrax, pest en pokken. Doel was de ziekteverwekkers, in geval van oorlog, met intercontinentale raketten boven steden in het Westen te verspreiden. Rond 1987 werd vijf ton antrax-poeder per jaar geproduceerd.

Door een fout ontsnapte eind maart 1979 uit een militaire antrax-fabriek in Jekaterinenburg (Sverdlovsk) een kleine hoeveelheid antrax-sporen. Minstens 66 omwonenden stierven door inademing daarvan en tot op 50 km afstand raakten dieren besmet. De Sovjets weten de uitbraak aan de clandestiene verkoop van besmet vlees, maar het Westen twijfelde. De werkelijke oorzaak werd jaren later bekend (PNAS, 1993, Science, 1994).

Uitgeweken leiders van het biowapenprogramma onthulden dat de Sovjets hun antrax-stammen genetisch manipuleerden om ze effectiever te maken. Inderdaad bleek in 1996 dat de Russen een antrax-stam resistent hadden gemaakt tegen antibiotica en dat ze ook de bescherming van een gangbaar vaccin konden doorbreken (1997). Maar kennelijk ontbrak de know-how nog in de jaren zeventig. In die tijd liep het genetisch onderzoek van de Sovjets ver achter op het Westen door de obstructie van de beruchte bioloog en ideoloog Trofim Lysenko. Die wees de moderne genetica af.