Amerikaanse lobby heeft averechts effect in Europa

Protectionisme

Amerikaanse techbedrijven lobbyen via Washington voor meer bewegingsvrijheid in Europa. De regels lijken juist strenger te worden.

Filiaal van koffieketen Starbucks in Den Haag. Het Amerikaanse Starbucks zou in Europa belasting ontwijken. Foto ANP / JERRY LAMPEN

Heeft Europa echt zo’n hekel aan Amerikaanse bedrijven? Dat zou je denken als je de klachten van Apple, Google, Starbucks en Amazon op een rij zet. Ze worden door de Europese Commissie bestookt met rekeningen voor onterechte belastingvoordelen, ze worden verdacht van misbruik van hun dominante marktpositie en ze krijgen te horen dat de privacyvoorwaarden van hun webdiensten niet deugen.

De Europese Commissie zegt dat het aanscherpen van de belastingregels in de EU geen protectionistische maatregel is. „De Europese wet geldt voor alle bedrijven die in de EU actief zijn, niet alleen Amerikaanse multinationals”, aldus een woordvoerder.

De Commissie verdedigt zich na luider wordende klachten van het Amerikaanse ministerie van Financiën over de belastingboetes die worden opgelegd aan bedrijven als Apple, Starbucks en Amazon. Die bedrijven sluizen inkomsten naar een EU-land met een laag belastingtarief en besparen daarmee veel geld.

Woensdag verscheen een white paper met een harde toon, dat de moeizame onderhandelingen tussen Washington en Brussel samenvatte vanuit Amerikaans perspectief. Achter dit rapport zit een sterke lobby van techbedrijven en multinationals.

De Amerikanen verwijten de EU inconsequentie; achteraf andere belastingregels toepassen druist in tegen de afspraken. Daarnaast zouden Amerikaanse burgers de dupe zijn van deze strengere aanpak. Als bijvoorbeeld Apple in Europa meer belasting betaalt, hoeft Apple minder af te dragen in zijn thuisland.

Dat is klein bier vergeleken met miljarden aan kasgeld in het buitenland stallen om de vennootschapsbelasting van 40 procent in hun thuisland te omzeilen. Apple heeft 215 miljard dollar in kas, waarvan 93 procent buiten de VS. In Brussel wordt de druk vanuit de VS met schouderophalen ontvangen. Sterker nog: gisteren borrelde opnieuw een plan op om Europese mediabedrijven in staat te stellen geld te vragen voor het gebruik van fragmenten van artikelen in zoekmachines.

Deze poging Google aan banden te leggen heeft weinig kans van slagen. Beter buigt de Commissie zich over de aankondiging die Facebook donderdag deed: de door advertenties aangedreven Facebook-motor slurpt straks ook gegevens van WhatsApp-gebruikers op.

Amerikaanse techbedrijven hebben het idee dat ze in de tang zitten bij de Europese Commissie. Tegelijkertijd gebruiken Amerikaanse bedrijven het Brusselse lobbycircuit om elkaar te dwarsbomen: Oracle financiert de lobby tegen Google, Microsoft deed jarenlang hetzelfde.

De expansiedrift van Amerikaanse techbedrijven is gebaseerd op het uitrollen van one size fits all voor alle landen. De Europese markt (500 miljoen inwoners) is groter dan de Amerikaanse, maar vraagt meer maatwerk.

Wellicht komt daar verandering in. De Europese unie wil als één digitale markt opereren. Maar als de Brexit doorgaat, verliest Europa een van de meest toegankelijke technologiemarkten voor Amerikaanse bedrijven.