Wie strijkt het geld voor preventie op in Italië?

Aardbeving Italië

Bij het reddingswerk laat Italië zich van zijn beste kant zien. Maar in de preventie van schade heeft het veel steken laten vallen.

©

Italië is, met Griekenland, het land met het hoogste aardbevingsrisico in Europa. Iedere paar jaar is er wel een majeure aardbeving: acht in de afgelopen veertig jaar. Maar de enige les die we hebben geleerd, schreef de Corriere delle Sera, is levens redden, achteraf. De preventie laat veel te wensen over. Bij naar schatting 70 procent van de gebouwen is geen rekening gehouden met het risico van aardbevingen.

Ook nu weer is het indrukwekkend te zien hoeveel hulptroepen en vrijwilligers op zoek zijn naar mensen onder het puin van de zware aardbeving van woensdagochtend. Tussen de chaos van verwoeste huizen wordt efficiënt gewerkt. Overal in het land zijn hartverwarmende solidariteitsacties. Maar de ravage in Amatrice, Accumoli en de andere getroffen dorpen op het grensgebied tussen de regio’s Lazio en Marche laat zien hoe kwetsbaar veel gebouwen zijn.

Die kwetsbaarheid heeft verschillende oorzaken. Veel oude huizen zijn niet aangepast aan de nieuwste inzichten omdat daar geen regels voor zijn. Bij nieuwere gebouwen is soms gesjoemeld met de voorschriften. Beschikbare fondsen blijven om bureaucratische redenen geblokkeerd. Of ze worden simpelweg niet gebruikt.

De ravage in Amatrice laat dit goed zien. Neem de school Romolo Caprinica. Die werd in 2012 feestelijk heropend, na een herstructurering waarvoor fondsen zijn gebruikt die na de aardbeving in L’Aquila in 2009 beschikbaar kwamen. Nu ligt een groot deel van de school alweer in puin.

Of kijk naar het gemeentehuis. De provincie Rieti had geld beschikbaar gesteld om het aardbevingsbestendig te maken, maar die euro’s zijn ergens anders voor gebruikt. Ook de zware schade aan de kliniek Francesco Grifoni was waarschijnlijk voorkomen als de 2 miljoen euro die waren gereserveerd voor groot onderhoud ook daadwerkelijk waren benut.

Regels en voorschriften

De aardbeving van dinsdagnacht laat zien dat het niet altijd fout gaat. Na de eerste grote schok van 6,0 op de schaal van Richter, om 03.36 uur bij Accumoli, volgden een uur later in een tijdsbestek van één minuut twee schokken, van 5,1 en 5,4. Het epicentrum daarvan lag iets naar het westen, bij de stad Norcia. Dat is een geliefde toeristenbestemming die herhaaldelijk is getroffen door aardbevingen, recentelijk nog in 1979 en 1997. Maar in Norcia, in de regio Umbrië, is de schade beperkt gebleven tot een aantal scheuren in de muren.

Waarschijnlijk komt dat, zei geoloog Tomaso Trombetti tegen La Repubblica, „doordat in Umbrië, waar veel schade is geweest bij voorgaande aardbevingen, korter geleden en met betere technieken is gerenoveerd dan in de dorpen in de omgeving.” Hij wijst er daarbij wel op dat in arme gebieden, zoals waar Amatrice en Accumoli liggen, bouwmaterialen van een slechtere kwaliteit zijn gebruikt in de oude gebouwen: ook het materiaal waarmee grote stenen aan elkaar zijn gemetseld, kan het verschil maken.

Tekst gaat door onder de afbeelding:
aardbevingshuis

Regels en voorschriften zijn er genoeg. Op 31 oktober 2002 kwamen 27 kinderen om toen hun school in de Zuid-Italiaanse stad San Giuliano di Puglia instortte bij een aardbeving. Daarna zijn er strengere regels uitgevaardigd voor openbare gebouwen. Van elk daarvan moet worden vastgesteld hoe kwetsbaar het is voor een aardbeving. En bij nieuwbouw of ingrijpende renovering moeten de strenge aardbevingsnormen voor het betrokken gebied worden gevolgd. Maar dat verhinderde niet dat een studentenhuis in L’Aquila bij de beving in 2009 instortte, met acht doden tot gevolg. En nog steeds, schrijft de Corriere, volgt de helft van de scholen in Italië de regels niet.

De aardbeving in L’Aquila liet ook de kwetsbaarheid van particuliere huizen zien. Mensen zijn niet verplicht hun eigen huis aardbevingsbestendig te maken, ook al zijn daarvoor geld en belastingvoordelen beschikbaar. Niet iedereen kan daar het benodigde eigen geld bij leggen: in de oude dorpen wonen veel bejaarden die van een karig pensioen moeten rondkomen. Bovendien werkt de bureaucratie hier vaak tegen. De 4 miljoen euro die in 2014 en 2015 in de regio Lazio beschikbaar was voor renovering, zijn geblokkeerd. In 2013 is meer dan 90 procent van de aanvragen afgewezen. In de regio Marche is het niet veel beter gegaan.

Van veel kanten wordt nu gepleit voor een geïntegreerd plan. Dat betekent onder andere: meer controle op openbare gebouwen; strakker toezicht op naleving van de geldende normen; stimuleren van het bevingsbestendig maken van particuliere woningen, met extra geld als de eigenaar het zelf niet kan betalen; minder bureaucratie; en meer juridische ruimte om de typisch Italiaanse verdeeldheid in een condominio (een soort vereniging van eigenaren) te doorbreken en een meerderheidsbesluit voor iedereen verplichtend te maken.

„Aardbevingen zijn in Italië iets normaals, waarmee we moeten leren leven”, schreef kunsthistoricus Tomaso Montanari. Italië is verdeeld in vier zones met verschillend risico, maar overal bestaat gevaar voor aardbevingen. „Dat betekent dat niemand veilig is, nergens, nooit: in de afgelopen duizend jaar heeft Italië gemiddeld iedere tien jaar een aardbeving met catastrofale effecten gehad. Als we niet in preventie investeren, worden de doden niet veroorzaakt door de aardbeving: dan doen wij dat.”