Studentenverenigingen horen tot cultureel erfgoed

De Nederlandse studentenverenigingscultuur wordt toegevoegd aan het immaterieel cultureel erfgoed.

De introductieweek in Leiden. John van Hamond

De ‘mores en tradities’ die de leden van studentenverenigingen al generaties lang aan elkaar doorgeven komen op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed. Die gewoonten en tradities zijn bijvoorbeeld: het verenigen van studenten van verschillende opleidingen in officiële verenigingen, het met regelmaat borrelen, de mores en de ontgroening en zelfontplooiing van de leden.

De Landelijke Kamer van Verenigingen (LKvV), vertegenwoordiger van 48 studentenverenigingen in twaalf universiteitssteden, heeft de traditie voorgedragen.

“De studentenverenigingscultuur is een levende, dynamische cultuur die de sociale cohesie bevordert en belangrijk is voor de identiteit van veel studenten in Nederland.”

In de universiteitssteden zijn deze maand de introductieweken begonnen, waar nieuwe studenten kennismaken met onder meer de studentenverenigingen.

UNESCO

In 2012 heeft Nederland het Immaterieel Erfgoedverdrag van UNESCO ondertekend. Op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed in Nederland staan inmiddels ruim honderd tradities en cultuuruitingen. De lijst wordt gecoördineerd door het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland.

Tot het Nederlands cultureel erfgoed behoren feesten en vieringen als Sinterklaas, Koningsdag, diverse bloemencorso’s, de Hoornse kermis en het Zomercarnaval in Rotterdam, maar ook ambachten als Fries houtsnijwerk en het stoken van Limburgse stroop.

Een selectie wordt voorgedragen voor de UNESCO-lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed. Vorig jaar gebeurde dat voor het eerst, met het molenaarschap. Dat wordt vooral gezien als erkenning van de traditie. Het levert geen geld op.