Vrijheid kinderen in zes instellingen ten onrechte beknot

De kinderen worden bij agressie tegen hun wil vastgepakt en in bedwang gehouden, bij een drugsverslaving worden zij gedwongen hun urine ter controle af te staan.

Foto ANP / Roos Koole

De vrijheid van tientallen tot enkele honderden kinderen in de jeugdzorg wordt ingeperkt zonder de wettelijk verplichte tussenkomst van de rechter. Dat blijkt uit onderzoek van de Inspectie Jeugdzorg.

De kinderen worden bij agressie tegen hun wil vastgepakt en in bedwang gehouden, bij een drugsverslaving worden zij gedwongen hun urine ter controle af te staan.

Zes jeugdzorginstellingen maken zich aan dit soort maatregelen schuldig. Twee ervan, Wilster uit Groningen en Schakenbosch uit Leidschendam, gaan een stap verder: 36 daar geplaatste kinderen kunnen het terrein van de instelling ten onrechte niet verlaten. Bovendien gaat ’s nachts – bij Wilster de eerste vier weken, bij Schakenbosch standaard – hun kamerdeur op slot.

Precieze getallen vermeldt de Inspectie niet. In de zes instellingen verblijven weliswaar opgeteld 236 kinderen zonder rechterlijke machtiging, maar dat wil niet zeggen dat de vrijheid van allemaal wordt ingeperkt. Dat kan afhangen van factoren als drugsverslaving en mate van agressief gedrag. Een ondergrens van veertig in hun vrijheid beperkte kinderen is zeker, een bovengrens van ruim tweehonderd is goed mogelijk.

Het Inspectie-onderzoek richt zich op de zogenoemde ‘gesloten jeugdzorg’, bedoeld voor kinderen met ernstige gedragsproblemen. Hun vrijheid wordt ingeperkt ten behoeve van hun behandeling. Het terrein en hun kamer zijn gesloten zodat zij niet weglopen, hun telefoon wordt gecontroleerd op contact met foute vrienden. Die maatregelen, een inbreuk op grondrechten, vereisen rechterlijke toestemming. Per kind bepaalt de rechter of gesloten zorg echt nodig is. Een advocaat verdedigt bovendien de belangen van het kind, ook tijdens het verblijf in de instelling zelf.

Geen rechter, geen advocaat

Aan de plaatsing van kinderen in de zes instellingen is rechter noch advocaat te pas gekomen, ondanks de wet. Naast Wilster en Schakenbosch zijn dat Bijzonder Jeugdwerk (Deurne), Behandelcentrum Woodbrookers, drie locaties van jeugdzorginstelling JUZT en Pluryn de Hoenderloo Groep (locatie Kop van Deelen).

De instellingen beloven alle beterschap via op te stellen ‘actieplannen’. Bij Schakenbosch en Wilster gaat de Inspectie in oktober opnieuw ter controle langs.

De misstanden zijn, zo blijkt uit het rapport, onder meer het gevolg van een te nauwe focus van de instellingen op het willen verhelpen van de problemen van het kind. Neem een jongere die het liefst wegloopt om de behandeling te mijden: opsluiten is dan een kordaat middel. Dat de instelling de jongere zonder rechterlijke machtiging niet mág opsluiten, en daarmee de Grondwet met voeten treedt, blijkt van ondergeschikt belang.

Opvallend is dat de Inspectie de misstanden al in augustus 2015 signaleerde. Zij noemde die toen „onaanvaardbaar” en kondigde „handhaving” aan per januari 2016. Die bleef echter uit. D66-Kamerlid Vera Bergkamp wil staatssecretaris Martin van Rijn (VWS, PvdA) hierover in een reeds aangevraagd debat bevragen. De staatssecretaris zelf laat weten dat het onderzoek tot „tevredenheid” stemt omdat het de rechtspositie van de jongeren verstevigt.