EU dichter bij de burger in vijf stappen

Politieke invloed Merkel, Hollande en Renzi bezwoeren zondag dat Brexit „het begin van Een Nieuw Europa” betekent. Communicatieadviseur Ton Planken doet een voorzet.

illustratie Istock, bewerking NRC

Worden de begrotingsregels straks wél gehandhaafd? Vloeit er meer of minder soevereiniteit weg? Krijgt de burger inspraak als er weer belastingmiljarden naar Griekenland overgemaakt worden? Daarover hoorden we de leiders niet in hun toespraken op het Italiaanse vliegdekschip Garibaldi. Probleem is dat de EU helemaal geen machtsfactor kent die over zulke cruciale issues durft te beslissen. Zolang Brussel de vestigingslocatie van commissie, ambtenaren en parlement blijft en zolang het daar als machtscentrum faalt, blijft de publieke opinie over ‘Europa’ negatief. Beter bestuur en weg uit Brussel dus! Dat kan in 5 stappen.

Stap 1

Elke commissaris verhuist met portefeuille naar zijn eigen land. Key-ambtenaren gaan mee. Timmermans zit voortaan dus gewoon in Den Haag, Juncker in Luxemburg, enzoverder. Brussel wordt als vestigingsplaats opgeheven. De Commissie vergadert voortaan afwisselend in 1 van de 27 landen. Urgent overleg kan via teleconferencing.

Stap 2

Eurocommissarissen leggen voorgenomen Europese besluiten eerst voor aan hun nationale volksvertegenwoordiging, waar zij het voornemen verdedigen. Bij ons dus in de Tweede Kamer, nog niet in de rol van besluitvormend orgaan, maar als eerste beoordelaar. Vervolgens kan de eurocommissaris het ontwerp bijstellen.

Hoe het oordeel van die ‘lokale’ volksvertegenwoordiging ook uitvalt, het uiteindelijke voorstel gaat naar álle 27 Kamers. De (nu geheel andere) Europese Commissie mag daarna de oogst van die 27 peilingen wegen naar inwonertal, omvang economie, afgesproken veto’s en de consistentie met verdragen en richtlijnen. De Commissie schuift het voorstel met haar openbaar gemaakte advies dan door naar de Raad van Ministers en het Europese Parlement, die het afzegenen.

Hierna moet elke commissaris de uitvoering in alle lidstaten controleren. Er verschijnen in Nederland dus ook controleurs uit Estland. Zo worden we meer op elkaar betrokken, blijft alles dichtbij. Elk ‘Europees’ onderwerp gaat toch eerst langs het eigen parlement. En op elk eurothema kan de burger de eigen minister aanspreken. Elk Kamerlid is vanaf dan óók Europees Kamerlid.

Wordt die Europese burger daar blij van? Beleidsinhoudelijk waarschijnlijk niet meer of minder dan bij puur-binnenlandse besluiten van eigen regering en parlement. Maar democratisch gezien zeer zeker wél. We kunnen met deze vorm machteloze woede richting Euroleiders of vage aantijgingen (‘die technocraten in Brussel’) voorkomen. Vergeet de media niet. Als eenmaal alle pan-Europese onderwerpen in de nationale parlementen worden besproken, dwingt dat de media in alle lidstaten om ‘Europa’ dagelijks te volgen. Wat de burger nauwer betrekt.

Stap 3

Europees wordt alleen nog over die onderwerpen beslist waarvan overeengekomen is dat ze uitsluitend op Europese schaal gerealiseerd kunnen worden. De rest doen de landen (weer, of nog steeds) zelf. Soevereiniteit in eigen kring dus. Nog een paar stappen erbij en de verfoeide instellingen oude stijl zijn geheel verdwenen.

Stap 4

Eén ‘lokale’ minister wordt bij zijn benoeming ook eurocommissaris op de portefeuille die voor zijn land voor een bepaalde periode is overeengekomen. Hij voegt zijn ‘Europese’ beleidsambtenaren gewoon toe aan die van zijn eigen departement. Tezamen vormen die 27 ‘lokale’ ministers dan de nieuwe Europese Commissie. De huidige ‘Europese Commissie’ van quasi-politici kan dan worden opgeheven.

Stap 5

Ook het Europees Parlement met zijn groteske verkiezingen (tweederde van de Nederlandse kiezers bleef dan ook thuis!) kan als afzonderlijk instituut verdwijnen. De 27 parlementen tezamen vormen het waarlijk Europese Parlement. Een virtueel parlement dat uiteindelijk – met telkens een gewogen meerderheid – beslist. Dat absurde reizen en trekken tussen Brussel en Straatsburg is dan afgelopen.

De tegenwerpingen bij een dergelijk concept zullen legio zijn. Er zijn velen die belang hebben bij handhaving van de huidige situatie of bij alleen wat lapwerk. Maar laten zij wél beseffen dat de burgers de zekerheid moeten krijgen dat zij zoveel mogelijk invloed op een concreet en dichtbij ‘Europa’ hebben. Anders is het wachten op een volgend referendum.

Ton Planken is communicatieadviseur. Hij was parlementair redacteur van enkele dagbladen en de NOS-televisie.