De redders in Pescara staan vooral te wachten

Reportage Apennijnen

„Het was hetzelfde gevoel als bij de beving in 2009”. Heftige aardbevingen treffen de dorpen in de Apennijnen vaker. Het dodental ligt op zeker 120.

Ravage in Amatrice, een van de dorpen waar woensdagochtend de aarde beefde. Inwoners nemen de schade op en zoeken naar mogelijke slachtoffers onder het puin. Foto’s Alessandra Tarantino, AP, Filippo Monteforte/AFP

„Deze kerktoren was erop gebouwd dat hij bij een aardbeving niet zou instorten”, zegt Daniele Mattioli (27) op het Piazza San Francesco in het dorpje Accumoli. Hij staat bij het huis van zijn oom en tante. Een paar minuten eerder tilden reddingswerkers een lichaam uit het huis.

De plafonds en vloeren van verschillende verdiepingen zijn naar beneden gekomen toen de kerktoren erop viel, ook boven op de slaapkamer van Mattioli’s oom en tante. Ze woonden er met twee kinderen: eentje van acht jaar en eentje van acht maanden. Het is niet duidelijk of de familie het heeft overleefd.

Om iets over half vier woensdagochtend werden de bergdorpjes Accumoli, Amatrice, Pescara del Tronto en Arquata, in het grensgebied tussen de regio’s Lazio en Marche, getroffen door een aardbeving met een kracht van 6,2 op de schaal van Richter. Het epicentrum van de zwaarste beving, om 03.36 uur, lag bij Accumoli. Ruim een uur later volgde een andere zware schok, van 5,5. Die lag dieper, en er waren tientallen naschokken.

Het aantal bevestigde doden staat aan het eind van de dag op 120. Gevreesd wordt dat het er meer zullen zijn.

Geen huis zonder scheuren

Rond half twee op woensdagmiddag zijn de reddingswerkers in Accumoli klaar. Op dat moment zijn de lichamen van zeven slachtoffers geborgen. Vier mensen worden nog vermist. De meeste huizen staan overeind, maar er is geen huis dat geen scheuren opliep bij de beving. Bij sommige huizen is de gevel er volledig uit geslagen.

Mattioli woont vijf kwartier rijden verderop. Hij voelde de beving daar ook. „Het was hetzelfde gevoel als bij de beving in L’Aquila”, zegt hij.

In provinciehoofdstad L’Aquila, zo’n vijftig kilometer naar het zuiden, eiste in 2009 een aardbeving ruim driehonderd levens. Die was echter groter, duurde langer en trof een veel dichter bewoond gebied.

Veel hulpverleners arriveren uit omliggende gebieden. Mensen en materieel worden verdeeld over het getroffen gebied. Mattioli is „vanochtend om acht uur hierheen gekomen, om te helpen. Mijn broer vertrok om vijf uur al van huis. We konden helaas niet veel doen, het was te gevaarlijk.”

Wegen versperd door puin en brokken

Van dat gevaar hebben de hulpdiensten ook veel last in Pescara del Tronto. Dat dorp ligt verderop tegen een helling en is tot laat in de middag vrijwel onbereikbaar. De schade daar is veel groter, en de toestand is onduidelijker: instortende gebouwen namen in hun val ook lagergelegen panden mee. Daardoor is slechts één toegangsweg begaanbaar. De andere weg is versperd door puin en brokken steen.

Hulpverleners, veelal in T-shirt en korte broek, sommigen gewapend met pikhouwelen, moeten over het puin klauteren om mensen te redden, met behulp van politiehonden.

Het afvoeren van lichamen verloopt moeizaam: een groep van zes mannen tilt, balancerend over een losse balk tussen het puin, een lichaam in een groene zak naar beneden. Zodra het lichaam per brancard is afgevoerd, wordt een nieuwe lijkenzak naar boven gebracht. Tien minuten later wordt een volgend lichaam uit het puin weggedragen.

Doordat de hulpverleners lastig hun werk kunnen doen, staan zij vooral te wachten tot er weer iets uit het puin wordt gedragen. Een vrouw is haar hond kwijt, ze wordt getroost door hulpverleners.

Journalisten en cameraploegen concentreren zich op het dorpsplein van Accumoli. In de omliggende straten is het stil. Uit sommige huizen komt gerinkel van telefoons die niet opgenomen worden. „Het is augustus”, zegt Daniele Mattioli. „Veel mensen in dit dorp zijn met vakantie.”

De Italiaanse premier Renzi heeft het rampgebied bezocht. „Maar wij hebben hem niet gezien”, zegt Mattioli. „We zagen zijn helikopter wel, maar hij vond het blijkbaar niet nodig om te landen en met ons te spreken.”

Zijn boosheid richt zich ook op de bouwers van de ingestorte kerktoren. „Het kan niet anders dan dat er te weinig goed beton en metaal in de constructie gebruikt zijn.” En dit was dan nota bene opgeleverd als aardbevings-proof, zegt Mattioli smalend. „Maffia.”

Het getroffen gebied ligt in de Apennijnen, de bergrug die van het noordoosten naar het zuidwesten van Italië loopt. In het gebied komen regelmatig aardbevingen voor.

In 1997 richtte een aardbeving in Umbrië grote schade aan historische kunstschatten in het gebied aan. Ook de kerken van Amatrice en Accumoli raakten woensdagochtend beschadigd bij de beving, maar het getroffen gebied staat minder bekend als een kunsthistorische schatkamer dan als regio die veel Romeinse toeristen trekt.

De getroffen bergdorpjes liggen op een hoogte van 850 tot 1.000 meter. Ook in het zomerseizoen kan de temperatuur daar ’s nachts dalen tot onder de tien graden. Een aantal lokale daklozen is overbracht naar Rieti, een provinciehoofdstad in de buurt. De toeristen is verzocht snel terug naar huis te gaan.