Assad en IS gebruikten chemische wapens

Zowel IS als het Syrische regime gebruikten gifgas bij aanvallen. Dat blijkt uit het rapport van de VN Veiligheidsraad en OPCW.

Hoofdkantoor van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, de OPCW Lex van Lieshout/ANP

Het Syrische regeringsleger en terreurgroep Islamitische Staat (IS) maken zich schuldig aan aanvallen met chemische wapens. Dat blijkt uit een rapport van de Verenigde Naties en de OPCW (de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens), in handen van persbureau AP. De twee partijen hebben zich in 2014 en 2015 schuldig gemaakt aan aanvallen met chloorgas en mosterdgas.

In september 2013 heeft het Syrische regime ingestemd met een Russisch en Amerikaans voorstel om chemische wapens af te staan en te vernietigen. De VN heeft tijdens die deal een resolutie aangenomen waarbij de organisatie zichzelf oplegt maatregelen te nemen wanneer er in Syrië chemische wapens worden gebruikt. VN-ambassadeur voor de Verenigde Staten, Samantha Power, beschuldigt het Syrische regime van het schenden van de afspraken in de conventie. Ze roept de VN op tot actie.

Chemische wapens zijn een barbaars middel. De Veiligheidsraad dient snel maatregelen te nemen.

In het VN-rapport zijn negen aanvallen onderzocht waarbij het gebruik van chemische wapens wordt vermoed. Bewezen is dat het regime in Damascus verantwoordelijk is voor twee aanvallen met chloorgas in de regio Idlib, ten zuidwesten van Aleppo. IS is verantwoordelijk voor een aanval met mosterdgas in Marea, ten noorden van Aleppo. Voor de overige aanvallen is onvoldoende bewijs gevonden.

De VN-Veiligheidsraad bespreekt het rapport op dertig augustus. Het is nog onduidelijk of en wat voor acties er tegen het gebruik van chemische wapens genomen kunnen worden. Rusland, met een vetostem in de Veiligheidsraad, blokkeert tot nu toe sancties tegen het overheidsregime van Bashar al-Assad.