Leidse roeiers op WK in Maori-kano

Roeien

Vrijdag wordt in Rotterdam een Maori-kano te water gelaten. Nooit eerder bouwden Maori’s een kano voor niet-Maori’s.

De veertien meter lange Maori-kano is gemaakt uit een Kauri-boom. Foto CHRISTIAAN KROP

Opletten dat je geen biertje vasthoudt als je in de buurt van de roeiboot komt, dat was nieuw voor de leden van de Koninklijke roeivereniging Njord. Maar als ze in de buurt van hun Waka komen, houden ze zich eraan.

Ter ere van het Wereldkampioenschap Roeien dat nu in Rotterdam plaatsvindt, wordt vrijdag op de Willem-Alexander baan de Leidse Waka opnieuw te water gelaten. De veertien meter lange traditionele Maori-kano is gemaakt uit een Kauri-boom van ongeveer 700 jaar oud en draagt de naam Tahi Mana – oftwel Abel Tasman, de ontdekker van Nieuw-Zeeland. De boot werd in 2010 gemaakt voor het Museum Volkenkunde in Leiden, en had volgens de Maori’s een bemanning nodig. Dat werden (oud-)leden van Njord. En dat is uniek: nooit eerder bouwden Maori’s een Waka voor niet-Maori’s. Laat staan voor een stel corporale studenten.

In 2010 zijn leden van de Maoristam uit Nieuw-Zeeland naar Leiden gekomen om te kijken of de Leidse roeiers wel toegewijd waren. De Waka speelt een belangrijke rol in het leven van de Maori’s. Zij zien het als een bezielde of levende entiteit, als een voorvader. De nieuwe bemanning moest traditie dan ook hoog in acht nemen. „Voor ons, als corporale roeivereniging, is dat natuurlijk niet zo moeilijk”, zegt Waka-commissaris Eliza Jordaan (20 jaar).

De crew heeft een opleiding van de Maori’s achter de rug. Ook werden nieuwe leden middels Maori-rituelen ingewijd, waaronder een ‘God van de wateren’-haka, een dans die speciaal voor de Leidse roeiers geschreven is.

De studenten zijn inmiddels net zo toegewijd, vertelt Jordaan. „Het gaat niet om het hardst gaan. Het gaat om de beleving. Het heeft bijna iets spiritueels. Je behandelt de Waka dan ook met respect. Dit betekent: bidden voor het varen en geen alcohol nuttigen in de buurt van de boot.