En het zou de laatste asielplek zijn

Ze hadden al huisraad verzameld en de verbouwing was bezig. Hier zouden ze blijven. Maar toen werd de asielzoekers verteld dat hun centrum sluit.

Foto Olivier Middendorp

Een greep uit de opmerkingen: „Ze behandelen ons als dieren. Overal worden we heen gesleept.” „Het COA geeft niets om ons.” En:

„We hebben op de vlucht in Syrië minder moeten verhuizen dan hier in Nederland.”

Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers heeft het voor de vluchtelingen in de Gooise asielopvang Crailo definitief verbruid. Tijdens een ingelaste bijeenkomst vrijdag deelden COA-medewerkers hun mee dat de asielopvang zal dichtgaan. Over twee weken al – de datum van 2 september wordt het meest genoemd.

Het nieuws is hard aangekomen bij de vluchtelingen: zij gingen er tot vrijdag vanuit dat zij in Crailo eindelijk het eindpunt hadden bereikt van een bijna twaalf maanden durende queeste langs sporthallen en opvangcentra.

Crailo zou dit najaar uitgroeien van tijdelijke noodopvang tot een asielzoekerscentrum voor tien jaar. Het COA, Noord-Holland en de Gooise gemeenten maakten hier in maart afspraken over. Niet honderd mensen zouden er terechtkunnen, zoals vorig jaar, maar zeshonderd: de helft van de in het Gooi op te vangen asielzoekers. Nieuwe COA-medewerkers zijn de afgelopen weken nog in dienst getreden op Crailo, de verbouwing was er in volle gang.

En nu staat dat plan plots op losse schroeven. Reden, zegt landelijk COA-woordvoerder Jan Willem Anholts, is het fors gedaalde aantal vluchtelingen dat Nederland binnenkomt. Dat zijn er nog geen drieduizend per maand nu, terwijl dat er afgelopen najaar twaalfduizend per maand waren. Eind vorige maand werd al bekend dat het COA zo’n vijftien asiellocaties wil sluiten – onduidelijk bleef toen welke.

Slecht nieuws

Anholts bevestigt dat in Crailo „geen nieuwe instroom” van vluchtelingen zal plaatsvinden. Het woord ‘sluiting’ vermijdt hij: veertig van de zestig Crailo-bewoners hebben al een verblijfsvergunning en wachten op een woning. „De uitstroom naar woningen komt op stoom”, zegt Anholts. „Het kan zijn dat de wachtenden op Crailo binnenkort al een woning toegewezen krijgen.” Hij komt met een nuance: begin september starten Rijk, provincies en gemeenten nieuw overleg over de asielopvang in Nederland. Het valt niet uit te sluiten dat zij alsnóg bepalen dat in Crailo een asielzoekerscentrum komt. Maar feit blijft, bevestigt ook hij: het kleinschalige Crailo zoals het nu bestaat, stevent af op een rap einde.

Voor alle betrokkenen is dat slecht nieuws. Bijna een jaar lang zijn burgemeesters en wethouders al doende om bewoners van het Gooi te overtuigen, vaak tegen de stroom in, van de noodzaak asielzoekers op te vangen. Politici die hun nek uitsteken voor asiellocaties worden op deze manier een steeds zeldzamer soort, verwacht de Larense burgemeester Elbert Roest (D66). „Welke burgemeester zal zich nog in zo’n ongewis avontuur storten?”, vraagt hij zich af op de lokale nieuwssite belnieuws.nl.

Voor medewerkers op Crailo leidt de sluiting tot onmiddellijke werkloosheid of op z’n minst grote baan-onzekerheid. Voor beveiligers, maar ook voor opvangmedewerkers met tijdelijke contracten. „Vanaf aanstaande week wordt het volle bak solliciteren”, zegt een van hen.

En dan zijn er de asielzoekers zelf. Zaterdag, een dag na de bekendmaking van het nieuws, gingen zij uit protest de straat op in het rijke Laren. Twee universums op vijftien meter van elkaar: op de ene straathoek het gegoede, gebruinde terraspubliek van dorpscafé ’t Bonte Paard – de mannen in overhemd, de mouwen van het wollen vest losjes om de hals – en op de andere straathoek een stel Eritreeërs en Syriërs die papieren vellen met boze leuzen omhoog hielden. „Wij zijn mensen. Stop het verhuizen.”

Zesde woonplek

Drie dagen later zijn ze nog steeds ontgoocheld. De Syriër Ammar al Ali (44) zegt dat zijn zoontje van zes hem nu uitmaakt voor „leugenaar”: hij had toch beloofd dat Crailo de laatste asielplek zou zijn? Slapen doen de vluchtelingen slecht. „Dit is al mijn zesde woonplek in Nederland. Ik wil niet nog een keer verhuizen”, zegt Eritreeër Dejen Kesete (28), die eind oktober in Nederland aankwam. Syriër Imad Khalifeh (55) was op Crailo zoals vele anderen begonnen met het verzamelen van spullen – pannen, stofzuiger, ventilator – omdat ook hij geloofde dat dit de laatste stap zou zijn op weg naar een eigen woning. Hij vraagt zich of hoe hij in hemelsnaam al zijn spullen moet verkassen, als hij straks weer naar een andere locatie moet. „Per trein?”

Zijn vertrouwen in het Nederlandse asielsysteem is weg. Cynisme resteert. „Angola heeft een beter systeem dan Nederland”, zei hij afgelopen weekend tegen een COA-medewerker. „Weet je waarom?” Het antwoord gaf hij ook. „Angola hééft geen systeem.”