De nieuwe Ben-Hur: minder homo, meer Jezus

Bijbelfilm

In de nieuwe Ben-Hur is het al na 10 minuten helder dat de hoofdrolspeler op vrouwen valt.

Rechts: Jack Huston in de versie van 2016. Onder : Charlton Heston in 1959 Foto Getty

Het grootste verschil tussen de nieuwste remake van Ben-Hur en de klassieke, met elf Oscars bekroonde versie uit 1959, is eenvoudig samen te vatten: minder homo-erotiek, meer Jezus. De advertentietekst die werd gebruikt om een eerdere verfilming van Ben-Hur in 1925 aan te prijzen, kan zo weer hergebruikt worden: „De film die iedere christen zou moeten zien!”

Anno 2016 blijken de Joodse Judah Ben-Hur en de Romein Messala geen vrienden meer, zoals in 1959, maar adoptiefbroers. Dat lijkt een bewuste keuze om gelovige kijkers, het kernpubliek bij dit soort films, niet voor het hoofd te stoten: de familieband elimineert de broeierige homo-erotiek die de eerdere Ben-Hur zo onweerstaanbaar maakte.

Met dank aan Gore Vidal, die scenarioadvies gaf. Hij voegde een cruciale ‘backstory’ toe aan het verhaal: Messala en Ben-Hur zijn voormalige geliefden die elkaar jaren later weer treffen. Messala wil de relatie hervatten, Ben-Hur wijst hem af: een verbetering ten opzichte van het boek uit 1880, dat nauwelijks uitlegt waarom de twee elkaar opeens zo haten. Vidal onthulde die ‘backstory’ jaren later in de documentaire The Celluloid Closet (1995): Messala is een afgewezen minnaar die wraak neemt op zijn oude geliefde. Op de filmset werd de oerconservatieve Charlton Heston (Ben-Hur) niet van deze subtekst op de hoogte gesteld, wat zijn scènes met Messala – veel gedoe met speren – nu uiterst komisch maken.

Seksuele ambiguïteit

De Ben-Hur uit 2016 maakt korte metten met elke seksuele ambiguïteit: al binnen tien minuten is helder dat beide hoofdrolspelers op vrouwen vallen. Messala is een Romeinse wees – zijn familie raakte in diskrediet door de moord op Caesar – die werd geadopteerd door het adellijke Joodse huis Ben-Hur. Als heiden voelt de trotse Messala zich niet helemaal senang in het Jeruzalem van 2.000 jaar geleden; hij treedt in dienst bij het Romeinse leger, keert jaren later terug als commandant en raakt in conflict met adoptiefbroer Judah Ben-Hur als die zich niet radicaal genoeg keert tegen de zeloten, Joodse opstandelingen. Als Ben-Hur per ongeluk bij een aanslag op gouverneur Pontius Pilatus betrokken raakt, steekt Messala geen vinger uit als zijn voormalige speelmakker galeislaaf wordt. Na zijn ontsnapping tijdens een zeeslag zweert Ben-Hur wraak.

Ben-Hur is een Amerikaanse klassieker. Het begon in 1880 met de bestseller Ben-Hur, A Tale of the Christ van Lew Wallace, een voormalige generaal. Dat leidde tot een langlopend toneelstuk vol spectaculaire trucage en twee stille films (uit 1907 en 1925). Ben-Hur, door Wallace bedoeld als apologie van het geloof, gaat over onderwerpen die altijd relevant zijn: slavernij, onrecht, tirannie, fundamentalisme, (religieuze) onderdrukking en de futiliteit van wraak- en haatgevoelens („Hatred is turning you to stone” aldus Esther in 1959). Het sterke van de Ben-Hur uit 1959 was dat deze zijdelings ook het ‘mccarthyisme’ aanstipte dat nog vers in het geheugen lag. „Je bent voor of tegen mij, een andere keuze is er niet”, zegt Messala tegen Ben-Hur.

Sprekende Jezus

Anno 2016 ligt de nadruk van Ben-Hur veel sterker op het geloof. Geen wonder: twee van de producenten leggen zich toe op religieuze films voor de Amerikaanse ‘bible belt’. Maar dat is een beperkte doelgroep voor een budget van 100 miljoen dollar; het magere openingsweekend in Amerika voorspelt een fiasco. Want mond-tot-mondreclame zal deze Ben-Hur niet redden: daarvoor is de film te armzalig. De weinig charismatische hoofdrolspelers worden opgezadeld met gezwollen teksten die keer op keer benadrukken dat vergeving, liefde en compassie belangrijker zijn dan haat, trots en wraak. De wonderen en preken van Jezus, die hier in tegenstelling tot de versie van 1959 vaak sprekend in beeld is, maken deze Ben-Hur weeïg, met een verstoorde balans tussen seculiere en sacrale aspecten, spektakel en vroomheid. De homoseksuele onderstroom mag dan weg zijn, het liefdesverhaal van Ben-Hur en Esther komt ook niet van de grond. Zij is in de nieuwe versie een halve heilige die zich bij Jezus aansluit en Ben-Hur smeekt om Messala te vergeven: keer hem de andere wang toe. En dat doet hij, alhoewel rijkelijk laat.

Deze Ben-Hur is zelfs met zijn 100 miljoen dollar geen echte chique versie vergeleken met de oudere versie. De stille film van 1925 kende een voor die tijd ongehoord, en onmogelijk terug te verdienen, budget van 4 miljoen dollar en de met elf Oscars bekroonde Ben-Hur uit 1959 was een prestigeproject waarvoor kosten noch moeite werden gespaard.

Er werd destijds gefilmd op een superbreed en extra scherp 65mm-formaat. De bouw van de immense sets op het terrein van de Cinecittà-studio in Rome en het naaien van duizenden kostuums namen een jaar in beslag, de opnames zelf duurden ook bijna een jaar. Het kostte tien weken om de tien minuten durende strijdwagenrace te filmen, na de spectaculaire zeeslag het hoogtepunt van elke Ben-Hur-versie. Regisseur William Wyler nam in 1959 veel shots uit de versie van 1925 rechtstreeks over: hij was indertijd regie-assistent. Begrijpelijk, want de wagenrace uit 1925 is bijna een eeuw later nog onverminderd opwindend.

Waar Wyler de spanning langzaam opbouwde en koos voor een klassieke montage, fraaie composities en terugkerende overzichtsshots, daar werpt Bekmanbetov ons anno 2016 midden in de onoverzichtelijke actie met zelfs een paar schuddende GoPro-cameraatjes. En waar Wyler in deze sequentie slechts de paardenhoeven liet spreken en de muziek liet zwijgen, is het geluid in 2016 oorverdovend, met bombastische muziek die nauwelijks boven het kabaal uitkomt.

Meer Jezus, minder kwaliteit. Hoeveel gelovigen willen de herrie, beroerde dialogen, krukkige scènes en Morgan Freeman met dreadlocks doorstaan om een glimp van de Heiland op te vangen? Er lijkt een wonder nodig om deze Ben-Hur van de ondergang te redden.