La Place groeit onder hoede van Jumbo

supermarktbedrijf

Mogelijk komen restaurants van La Place, dat in handen is van Jumbo, in de twintig warenhuizen die Hudson’s Bay in Nederland opent.

Restaurantketen La Place, sinds februari onderdeel van Jumbo, draaide de afgelopen maanden meer omzet. Foto John van Hamond

La Place is dicht bij een deal met Hudson’s Bay over het openen van restaurants in de twintig warenhuizen die dat bedrijf in Nederland gaat vestigen. Althans, daarop zinspeelde Ton van Veen, de financiële topman van Jumbo, dinsdag in een toelichting op de halfjaarcijfers van het supermarktbedrijf.

In mei liet het Canadese retailbedrijf Hudson’s Bay weten in Nederland twintig warenhuizen te willen openen. En het zag La Place als potentiële horecapartner, bleek niet veel later. La Place, dat eind vorig jaar werd meegesleept in het faillissement van warenhuisketen V&D, is sinds februari onderdeel van Jumbo.

Dinsdag zei Van Veen dat de gesprekken met Hudson’s Bay „bijzonder constructief” verlopen. „We maken goede stappen vooruit. Ik denk niet dat het heel lang duurt voordat we een aankondiging kunnen doen.”

In een interview met NRC liet La Place-directeur Bart van den Nieuwenhof vorige week al weten dat het horecabedrijf na de inkrimping die met het faillissement van V&D gepaard ging, weer flink wil uitbreiden. Van Veen voegde daar dinsdag aan toe dat het niet alleen gaat om losse nieuwe La Place-vestigingen, het is ook de bedoeling „grotere stappen” te zetten. „Misschien kunnen we delen van andere ketens overnemen.” Concreter dan dat wilde hij niet worden.

De afgelopen maanden steeg de omzet van La Place, mede dankzij zes nieuwe vestigingen, met 11 procent.

Pick-up-points

Met Jumbo zelf gaat het ook goed. In de eerste helft van dit jaar steeg de omzet van de groep met 13,4 procent tot 3,6 miljard euro. Hoeveel winst het afgelopen half jaar is gemaakt, zegt het bedrijf niet. In heel 2015 bedroeg de nettowinst 42,6 miljoen euro.

Door de overnames van Super de Boer (in 2009) en C1000 (in 2012) is Jumbo van een klein Brabants familiebedrijf uitgegroeid tot het tweede supermarktbedrijf van Nederland, na koploper Albert Heijn. Het marktaandeel van Jumbo, dat 580 winkels telt, schommelt tussen de 18,5 en 19 procent. AH zit op 35 procent.

Ook online wil Jumbo een flinke groeispurt maken. De afgelopen jaren heeft het bedrijf in een razend tempo pick-up points geopend. De teller staat op 266. AH heeft er 56. Driekwart van Jumbo’s afhaalpunten is gevestigd ín de supermarkten, de rest zijn zogeheten drive-throughs (een soort tankstations) waar klanten boodschappen met de auto oppikken.

In maart van dit jaar is Jumbo begonnen met thuisbezorging. Ongeveer zeventig pick-up points bieden die dienst nu aan, volgens Van Veen stijgt dat aantal „rap”. Net als vorig jaar komt grofweg 1,5 procent van Jumbo’s omzet via onlinebestellingen. Binnen enkele jaren moet dit zijn toegenomen tot „3 tot 5 procent”, aldus Van Veen. Of deze doelstelling reëel is en ook behaald kan worden, is voor een groot deel afhankelijk van hoe de markt voor onlineboodschappen zich in het algemeen ontwikkelt, beklemtoont hij.

De afgelopen jaren heeft Jumbo circa 50 miljoen euro geïnvesteerd in ‘online’. Dan gaat het vooral om ICT, het ontwikkelen van de app en de webwinkel, de logistieke infrastructuur en de inrichting van het e-distributiecentrum in Den Bosch. De onlineactiviteiten van Jumbo zijn nog verliesgevend. Van Veen verwacht quitte te spelen als de online-omzet stijgt tot de eerder genoemde 3 tot 5 procent.

Gehaktballen en karbonaadjes

Na jaren van overnames en enorme winkelombouwoperaties – honderden Super de Boer- en C1000-filialen moesten worden omgebouwd naar Jumbo – is het dit jaar tijd voor „optimalisatie”, zegt Van Veen. Daarbij hoort een opknapbeurt voor verouderde Jumbo-winkels. In de eerste helft van het jaar zijn dertig winkels vernieuwd, voor de tweede helft staan nog even zoveel winkels op de planning.

Bij de ‘optimalisatie’ hoort ook de verkoop van bedrijfsonderdelen die Jumbo de afgelopen jaren door de verschillende acquisities heeft verkregen, maar niet bij zijn kerntaken vindt passen.

Zoals de Centrale Slagerij in Beilen, een bijvangst van de overname van Super de Boer. Van Veen: „Toen we alle winkels hadden omgebouwd en tijd hadden om rustig na te denken, dachten we: is het wel onze taak om vlees te produceren? Nee, wij zijn een supermarktbedrijf. In het maken van gehaktballen en karbonaadjes zijn anderen beter.” Dan kun je zo’n tak maar beter verkopen, zegt hij. „Dat is ook eerlijker. Als wij één euro willen investeren, steken we die dan in een nieuw Jumbo huismerkproduct of in een nieuwe gehaktmachine? Het antwoord laat zich raden. Dat is voor de toekomst van zo’n fabriek ook niet goed.”

Voor een onbekend bedrag verkoopt Jumbo de Centrale Slagerij in Beilen nu aan Meat Friends, een Noord-Brabants vleesverwerkingsbedrijf. De 103 werknemers gaan met behoud van arbeidsvoorwaarden over naar de nieuwe eigenaar. Eerder dit jaar werd het bedrijfsonderdeel Retail Accounting, dat de financiële administratie van de franchisenemers verzorgde, al verkocht. Hetzelfde geldt ook voor B.sis, dat verantwoordelijk was voor het onderhoud van de kassa’s.