Doorshoppen alsof er nooit een Brexit zal komen

Brits EU-referendum De eerste gegevens over de economische gevolgen van de Britse keuze voor EU-uittreding druppelen binnen. Het beeld is wisselend: de huizenprijzen dalen, maar massawerkloosheid blijft (nog) uit.

Foto AFP

Twee maanden geleden, op 23 juni, deden de Britten iets waarvan de meeste economen hadden gezegd: niet doen. Ze stemden voor het verlaten van de Europese Unie.
Een recessie, oplopende werkloosheid, wegtrekkende bedrijven: vóór het referendum werden heel wat negatieve effecten van een Brexit voorspeld. Niet alleen door de toenmalige Britse regering en het pro-EU-kamp, maar ook door banken en vermogensbeheerders.

Hoe is de situatie twee maanden later? Eerst een nuchtere constatering. Er ís nog helemaal geen Brexit. Het Verenigd Koninkrijk is nog gewoon lid van de Europese Unie. Premier Theresa May is nog niet begonnen met onderhandelen met Brussel over uittreding. En zelfs wanneer May dat doet – partijgenoten dringen aan op begin 2017 – kan het nog jaren duren voordat haar land echt uit de Unie is.

Een deel van de vooraf voorspelde economische schade ging over de situatie ná EU-uittreding. Het belangrijkste punt daarin: de Europese interne markt. Het is heel onzeker of de Britten daarin kunnen blijven. Zo niet, dan ontstaan nieuwe handelsbarrières die de economische groei (hard) kunnen raken. Of het zover komt, weten we pas over een tijd.

Een ander deel van de voorspellingen ging over wat er meteen na het referendum zou gebeuren, als de Britten voor een Brexit zouden kiezen. Daar valt al wel voorzichtig iets over te zeggen, want er is na 23 juni wel het nodige voorgevallen. Het vooruitzicht op een Brexit heeft een hoop onzekerheid veroorzaakt. Meteen na het referendum maakte het Britse pond een flinke duikvlucht, waarvan de munt zich nog niet heeft hersteld. Ten opzichte van de euro is het pond nog steeds 13 procent minder waard. Om een recessie af te wenden verlaagde de Bank of England begin deze maand voor het eerst sinds de financiële crisis de rente.

Het effect van deze onzekerheid is nog niet te zien in economische groeicijfers. Het bruto binnenlands product (bbp) in het kwartaal na het referendum wordt pas in oktober bekend. Maar welke kant gaat het op? De eerste harde gegevens druppelen binnen. Zeven voorspellingen van vóór het referendum op een rij, plus de voorlopige effecten.

1. Britse bedrijven en banken steken nog niet massaal het Kanaal over

De voorspelling: Multinationals zouden hun hoofdkantoren naar het Europese vasteland verplaatsen. De topman van Vodafone zei zelf dat hij zijn bedrijf mogelijk zou verhuizen. Ook banken, zoals HSBC, speculeerden daarop.

Het effect tot nu toe: Vodafone bekijkt of een verhuizing uit het Verenigd Koninkrijk echt nodig is. „Vrijheid van arbeid, kapitaal en goederen is een integraal onderdeel van de werking van elk pan-Europees bedrijf”, schreef Vodafone na het referendum in een verklaring.
Cosmeticabedrijf L’Oréal, gevestigd in Parijs, heeft de verhuizing van zijn hoofdkantoor naar Londen even uitgesteld.

Ook zakenbanken met hun Europese standplaats in Londen wachten af. De geldigheid van hun bankvergunning in de Europese Unie zou een probleem voor ze kunnen opleveren. De topman van HSBC zei na het referendum dat de duizend zakenbankiers voorlopig gewoon blijven en alleen in een „extreem scenario” zullen verhuizen.

2. Bedrijven zijn een stuk pessimistischer, maar Amazon investeert

De voorspelling: „Voor een aantal jaar zal een Brexit-beslissing zo veel onzekerheid creëren dat investeringen schade zullen ondervinden”, voorspelde zakenbank JP Morgan. Dit geluid klonk breder.

Het effect tot nu toe: De waarde van nieuwe Britse investeringen in infrastructuur is in juli met 20 procent gekelderd, schreef de Financial Times onlangs op basis van gegevens van consultancybedrijf Barbour ABI. Het gaat om zowel private als publieke investeringen. Gegevens over de totale bedrijfsinvesteringen na het referendum zijn er nog niet, maar helemaal stil liggen die zeker niet. Webwinkel Amazon kondigde vorige week aan dat het volgend jaar 1.500 nieuwe Britse banen zal creëren, met de opening van een nieuw distributiecentrum in Noord-Engeland. Sinds het referendum is de Britse inkoopmanagersindex (PMI) scherp gedaald. Die indicator, waarvoor grote bedrijven worden gepolst over onder meer orders, staat nu negatief (onder de 50), op 47,8. In juni was dat nog 53,6.

3. Minder, niet meer aanvragers van uitkeringen

230816ECO_brexituitkeringen

De voorspelling: Het Britse ministerie van Financiën verwachtte een toename van de werkloosheid van zeker een half miljoen, bij een uitslag voor EU-uittreding. De Bank of England ging uit van 250.000 extra werklozen.

Het effect tot nu toe: Werkloosheidscijfers zijn er alleen nog over het tweede kwartaal (april-mei-juni). Die waren goed: het aantal banen groeide en de lage werkloosheid (4,9 procent) bleef gelijk. Wat betreft juli is er al één cijfer over de Britse arbeidsmarkt en dat suggereert dat het na het Brexit-referendum alleen maar beter gaat. Het aantal mensen dat een werkloosheidsuitkering heeft aangevraagd, is iets gedaald. Volgens het Britse statistische bureau ONS lag het aantal in de maand juli op 763.600, 8.600 minder dan in juni. Maandcijfers over het aantal nieuwe aanvragen van uitkeringen zijn nogal volatiel. Begin dit jaar lagen ze lager dan afgelopen maand. Maar tot massa-ontslagen lijkt de uitslag van de volksraadpleging niet te hebben geleid.

4. Voor fusies en overnames moet je nu elders zijn

De voorspelling: Adviseurs op het gebied van fusies en overnames voorzagen bij een Brexit-uitslag een negatief effect, bleek uit een peiling van consultancy Intralink onder 1.500 adviseurs.

Het effect tot nu toe: Volgens gegevens van Intralink daalde de fusie- en overname-activiteit in het Verenigd Koninkrijk in juli met 7,4 procent. In de maanden voor het referendum was de activiteit ook al teruggelopen. In de rest van Europa steeg het aantal fusies en overnames juist. Toch gebeurt er wel het nodige op de Britse fusie- en overnamemarkt, zoals de overname van de bioscoopketen Odeon door het Amerikaanse AMC ter waarde van bijna 1 miljard pond en het overnamebod op budgetwinkelketen Poundland van bijna een half miljard pond door het Zuid-Afrikaanse Steinhoff International. De daling van het pond maakt Britse bedrijven aantrekkelijk voor buitenlandse kopers. Sommigen nemen de blijvende onzekerheid op de koop toe.

5. De Britten winkelen gewoon door en geven zelfs iets méér uit

230816ECO_brexitaankopen

De voorspelling: Denktank The Economist Intelligence Unite voorspelde dat consumenten hun uitgaven zouden uitstellen als het referendum een keuze voor een Brexit zou opleveren.

Het effect tot nu toe: Een terugval in consumentenuitgaven is tot dusver uitgebleven. Sterker nog: in juli gaven de Britten 1,4 procent méér uit dan in juni, volgens cijfers van het Office for National Statistics, het Britse statistische bureau. Op jaarbasis was de toename 5,2 procent, de sterkste stijging sinds begin dit jaar. Het gedrag van consumenten is opmerkelijk, want vertrouwensindicatoren staan op rood. De GfK-index voor consumentenvertrouwen daalde in juli van -1 naar -11, de grootste daling in 26 jaar. Mogelijk kopen mensen nog snel even consumptiegoederen voordat – door het lage pond – de prijzen stijgen, schrijft de econoom Simon Wren-Lewis van de universiteit van Oxford op zijn blog. Het is dus de vraag of de uitgaven ook de komende maanden blijven stijgen.

6. De huizenprijzen gaan omlaag, in Londen maar ook elders

De voorspelling: De huizenprijzen kunnen in twee jaar tussen 10 en 18 procent dalen na een keuze voor EU-uittreding, zei toenmalig minister van Financiën George Osborne in mei.

Het effect tot nu toe: De prijzen in Londens duurste buurten zijn het hardst gedaald in zeven jaar tijd, meldde persbureau Reuters begin deze maand. Kopers eisen korting vanwege de „politieke en economische onzekerheid” rondom Brexit, aldus een onderzoeker van makelaar Knight Frank tegen Reuters.
Volgens makelaar Haart is de gemiddelde prijs van een Londens huis met 30.000 pond (35.000 euro) gedaald in juli, schrijft The Guardian. Ook landelijk is de gemiddelde vraagprijs in juli meer dan 3.600 pond (4.200 euro) gedaald, volgens huizensite Rightmove, een soort Funda. Een kanttekening is dat de woningmarkt in de zomer vaak een kleine dip vertoont. Voor de nabije toekomst lopen de verwachtingen van makelaars uiteen.

7. De inflatie stijgt. Dat merken wijnboeren van Bourgondië tot Bordeaux

230816ECO_brexitinflatie

De voorspelling: Eén scenario van het Britse ministerie van Financiën was dat de inflatie een jaar na de keuze voor een Brexit 2,3 procent hoger zou liggen. En wijn wordt duurder, voorspelde topman Rowan Gormley van Majestic Wine, de grootste Britse wijnverkoper.

Het effect tot nu toe: In juli had het Verenigd Koninkrijk de hoogste inflatie in 20 maanden: 0,6 procent. Dat komt voor een belangrijk deel door de koersval van het pond, schrijven Britse kranten. Het goedkope pond maakt import duurder. Prijzen van geïmporteerde goederen worden hoger voor consumenten, maar ook voor de industrie die grondstoffen invoert.
Franse wijnverkopers merken dat. Het effect wordt gevoeld „van Bourgondië tot Bordeaux”, meldde Radio France Internationale in juli. De prijs van Franse wijnen in het Verenigd Koninkrijk steeg in de eerste weken na het referendum met 8 procent. Ook Nederlandse bloemenhandelaren lijden onder het lage pond.