Voorbeschouwing Vuelta: nu dan wel die Nederlander op het podium?

Steven Kruijswijk in de afgelopen Giro d'Italia. Foto Robert Vos/ANP

Een Nederlandse wielrenner op het podium van een grote wielerronde, zou het dan eindelijk weer eens gebeuren, voor het eerst sinds de derde plaats van Erik Breukink in de Tour de France van 1990? Zaterdag begint de 71ste editie van de Ronde van Spanje met een ploegentijdrit over 29,4 kilometer door de regio Galicië. Vorig jaar duurde de Vuelta één berg te lang voor Tom Dumoulin, die de eindzege net miste en uiteindelijk nog naar de zesde plaats duikelde. Dit jaar leek Steven Kruijswijk op weg naar de eerste Nederlandse eindzege in de Ronde van Italië, tot zijn dramatische val in de afdaling van de Col d’Agnello hem de leiderstrui en later ook een podiumplaats kostte. En in de Tour viel Bauke Mollema pas op twee dagen voor Parijs terug van plaats twee naar elf.

Mollema, een week na de Tour glansrijk winnaar van de Clásica San Sebastián, doet niet mee aan de Vuelta. Net als Dumoulin, die allicht vermoeid is van zijn heldendaden in Giro, Tour en Rio, waar hij achter Fabian Cancellara zilver behaalde in de tijdrit. Ook Wout Poels doet niet mee na een zwaar seizoen met winst in Luik-Bastenaken-Luik en een top-Tour in dienst van eindwinnaar Chris Froome. Waardoor de Nederlandse hoop is gevestigd op de 29-jarige Kruijswijk. Zelf loopt de kopman van Lotto-Jumbo niet weg voor zijn verantwoordelijkheid. Giro én Vuelta waren dit jaar op voorhand al zijn hoofddoelen. “Als je in de Giro één van de sterksten bent geweest, zou het gek zijn te zeggen dat je geen podiumkandidaat bent”, sprak hij in de aanloop naar de Vuelta zelfverzekerd in het tijdschrift Procycling.

Maar na een tegenvallend optreden in de olympische wegwedstrijd kampte Kruijswijk met ziekte. “Ik heb mijn trainingsschema na Rio moeten bijstellen”, vertelde de Brabantse klimmer woensdag voor zijn vertrek naar Galicië. “Het is zuur dat ik in het laatste deel van de voorbereiding te maken kreeg met ziekte. Maar op dit moment voel ik mij weer sterker worden. Nu is het belangrijk de eerste etappes door te komen.” Als dat lukt, is alles mogelijk, stelt ploegleider Addy Engels. “Het is nooit fijn als je net voor een grote ronde een dergelijke tegenslag moet verwerken. Zodra Steven weer topfit is, kan hij meedoen om het podium, zoals we in de Giro hebben gezien.”

Contador vs. Froome

In Spanje is de tegenstand van Kruijswijk op papier een stuk sterker dan eerder dit jaar in Italië. Tourwinnaar Froome aast na zijn bronzen medaille op de olympische tijdrit met een sterke Skyploeg op zijn eerste dubbel in de grote rondes. Ook zijn vaste uitdagers van het Spaanse Movistar, Nairo Quintana en Alejandro Valverde, komen na de Tour in de Vuelta aan de start. De Colombiaanse klimgeit Esteban Chaves zal willen bewijzen dat hij niet voor niets vorig jaar vijfde werd in de Vuelta en dit jaar tweede in de Giro. En dan is er nog Alberto Contador, geblesseerd uitgevallen in de Tour. De winnaar van 2008, 2012 en 2014 wil in eigen land zijn seizoen nog glans geven. “Het is mooi dat de grote klassementsrenners in de Vuelta starten”, vindt Kruijswijk. “Dan kan ik mezelf met de besten meten.”

Een ploeg rond Kruijswijk

Lotto-Jumbo kan in Spanje weer beschikken over Robert Gesink, hersteld van een val op zijn hoofd in de Ronde van Zwitserland. De nummer zes in de Vuelta van 2009 en 2012 komt aan de start zonder eigen klassementsambities en zal in dienst rijden van Kruijswijk. Na een tegenvallend voorjaar (waarin hij wel voor twee seizoenen bijtekende) en zijn val miste hij zowel Tour als Spelen. In de Tour de l’Ain volgde vorige week een onopvallende terugkeer in competitie. Naast Gesink start de Nederlandse ploeg met Bram Tankink, Jos van Emden, Martijn Keizer, Enrico Battaglin, George Bennett en de debutanten Koen Bouwman en Victor Campenaerts. “We hebben de ploeg geheel om Kruijswijk gebouwd”, zegt ploegleider Engels. “Bergop is het altijd handig om renners bij je te hebben, maar op het vlakke is dat minstens zo belangrijk.”

Na de ploegentijdrit van zaterdag en een vlakke rit op zondag speelt het grootste deel van de Vuelta zich af in het noorden van Spanje. In de veertiende etappe volgt zelfs een uitstapje naar Frankrijk, met aankomst op de Col d’Aubisque. Waren er vorig jaar liefst negen ritten met aankomst op een heuvel of col, dit jaar is dat er zelfs nog eentje meer. In totaal moeten de renners in 21 etappes 51 beklimmingen verwerken. De enige individuele tijdrit is op de laatste vrijdag, over 39 kilometer van Xàbia naar Calpe. Twee dagen later volgt volgens traditie de finish in Madrid. Met Kruijswijk op het podium?