Van namaken hoeft China het niet meer te hebben

Innovatie in China Van kampioen namaken wil China nu koning van de vernieuwing worden. De Communistische Partij steekt duizenden miljarden in wetenschapsparken, laboratoria en start-ups.

Foto iStock

‘We gaan de wereld overspoelen met onze innovaties, de dag dat de wereld ons gaat kopiëren komt steeds dichterbij”, snoeft Tang Hai Dong, de hoogste partijbaas van de Shanghaise wijk Yangpu, grappend.

Denkt hij echt dat China, waar kopiëren doodnormaal is, zich kan hervormen tot een land van originele, creatieve vernieuwers?

Met een serieus gezicht antwoordt Tang (strakgesneden pak, eigentijdse coiffure): „Ja, want wij hebben als grote voordeel dat wij in ons socialistische systeem heel efficiënt heel veel middelen kunnen inzetten om een duidelijk doel te bereiken.”

In zijn kantoor op de 24ste verdieping wijst Tang naar de uitgestrekte stadswijk met 1,3 miljoen inwoners, 6.000 start-ups, vijf topuniversiteiten en evenveel fonkelnieuwe ‘innovatieparken’, waar ook Amerikaanse, Japanse en Duitse techbedrijven laboratoria hebben geopend. „Daar vindt onze innovatierevolutie plaats, net als op heel veel andere plaatsen in China.” Voor Tangs voor Chinese begrippen normale gepoch is enig begrip op zijn plaats. Als eerste land ter wereld lanceerde China dinsdag een zogeheten quantumsatelliet voor hack-bestendige communicatie. En binnenkort wordt de FAST-telescoop, met een doorsnee van 500 meter in bedrijf genomen. Een nieuwe supercomputer, de Sunway TaihuLight, heeft onlangs de eerste plaats ingenomen op de ranglijst van snelste computers ter wereld. „Zonder gebruik van Amerikaanse technologie”, meldde het staatspersbureau Xinhua met grote nadruk. En Chinese fabrieken, aldus financieel persbureau Bloomberg, breken deze maand records als het gaat om de aanschaf van robots. China innoveert in hoog tempo.

„We moeten van een imitatie- en maakland een innovatieland worden”, herhaalt partijman Tang een van de slogans van de Communistische Partij van China. Nu de economische groei stagneert en miljoenen arbeiders in oude industrieën hun baan kwijtraken, maakt China tempo met de hervorming van de tweede economie van de wereld. Duizenden miljarden dollars stromen naar wetenschapsparken, onderzoekslaboratoria, Chinese Silicon Valleys en sinds kort ook wijken als het Shanghaise Yangpu, eens een gebied met zware industrie. Een enkele fabrieksschoorsteen staat nog overeind als eerbetoon aan een afgesloten tijdperk.

Dit jaar geven Chinese overheden en (staats)bedrijven 411 miljard dollar uit aan onderzoek en ontwikkeling. Ter vergelijking: in de VS is dat bedrag 475 miljard dollar ) en in de EU 334 miljard dollar.

Harde noodzaak

De politieke wil die de hoogste leiders vrijwel elke dag belijden vloeit voort uit harde noodzaak. Het politbureau bestaat, op één lid na, uit ingenieurs die weten dat de oplossingen voor een groot aantal problemen in China moeten komen uit de breinen van binnen- en buitenlandse wetenschappers. Adviesbureau McKinsey heeft de Chinese leiders voorgerekend dat „echte innovatie” van producten, diensten, bedrijfsmodellen en marketing „een cruciale voorwaarde” is om de economie in de komende twintig jaar met 5 tot 6 procent te laten groeien. Die boodschap is luid en duidelijk overgekomen, blijkt uit de reacties van president Xi Jinping en premier Li Keqiang, die het over bijna niets anders hebben dan innovatie.

Vandaar ook het grote aantal initiatieven en netwerken om onderzoekers, bedrijfjes en kapitaal bij elkaar te brengen. Universiteiten spelen hierbij een sleutelrol. De jacht in het buitenland op bedrijven met technologische waarde en patenten hangt hiermee samen.

Zonder nieuwe groei vreest de Communistische Partij respect, aanzien en uiteindelijk ook legitimiteit te verliezen bij de spectaculair gegroeide middenklasse. De angst voor de politieke gevolgen van stagnatie is groot. Waar gaan bijvoorbeeld de elf miljoen afgestudeerde technici die elk jaar de universiteiten verlaten aan het werk? Zij kunnen niet allemaal aan de slag bij de grote telecomvernieuwers Huawei en ZTE of bij witgoedgigant Haier, de overheid en het leger.

Het klinkt merkwaardig in een centraal geleid land, maar niemand heeft op dit moment een compleet overzicht van de stand van zaken. „Wij kunnen het met onze staf van duizend journalisten en onderzoekers niet meer volgen, er zijn zo veel nieuwe bedrijven, zo veel nieuwe initiatieven”, zegt Zhou Jiangong, de baas van China’s grootste particuliere mediabedrijf China Business Network.

„Ik tel alleen al in Shanghai dit jaar 15.000 start-ups, het wemelt van de verborgen draken.”

Een greep uit de succesvolle Chinese techbedrijven:

De verwarring is begrijpelijk, want elk ministerie, elke provincie, elke stad heeft eigen plannen. Er is geen metropool meer die niet de ambitie heeft wereldleider in vernieuwing te worden. Met de hardware – de stenen en de apparatuur – is het vaak dik in orde. De duizenden start-ups in Shanghai-Yangpu zitten in fraai gerenoveerde oude staal- en textielfabrieken of designkantoren met een Starbucks, Costa Coffee en 7-Eleven om de hoek. De laboratoria beschikken over de duurste apparatuur, ook om Chinese wetenschappers in het buitenland (de ‘zeeschildpadden’) te verleiden terug te keren.

Aan de Universiteitsboulevard, een straat vol bedrijfsruimtes, theehuizen en hippe cafés, hangt volgens partijman Tang „een sfeer van ondernemerschap en innovatie”. Daar is op een zomerse maandag niet veel van te merken, maar dat kan aan de hittegolf liggen. Hij voegt er in het moderne bestuurdersjargon aan toe dat hier „falen en fouten maken is toegestaan. We zijn hier om de innovatieve geest te bevorderen en zijn tolerant als een project mislukt”.

Dat kan gerust een culturele omslag genoemd worden, want bij de meeste staatsbedrijven – en binnen de Communistische Partij zelf – worden fouten doorgaans hard afgestraft. Maar op de vraag hoe groot het partijgeduld is als na jaren van gezwoeg het eurekamoment nog niet is aangebroken, blijft hij het antwoord schuldig.

Tang zegt te beseffen dat Chinezen heel goed zijn om iets te ontwikkelen „van één naar een miljoen, maar dat het nog veel moeite kost om de eerste stap te zetten, die van nul naar één”. Dat heeft te maken met het Confuciaanse onderwijssysteem, waarin studenten niet worden aangemoedigd om zelf pro-actief te denken, maar om gehoorzaam hun lessen te leren. Afwachtende volgzaamheid wordt in Yangpu niet op prijs gesteld. Mondigheid wordt juist beloond, althans dat is de bedoeling. Initiatiefrijkere slimmeriken, die een briljant „én uitvoerbaar” idee hebben, worden verwend met gratis huisvesting, kantoorruimtes, laboratoria en bakken met geld. Partijsecretaris Tang regelt voor hen dat zij hun studies mogen onderbreken zonder hun kostbare plek op de universiteit te verliezen.

„Het moeilijkst is vaak om hun ouders te overtuigen dat het in het belang van het land is dat zij hun studie tijdelijk staken om een innovatief bedrijfje te beginnen.”

De invloed van Jack Ma

Dat is gelukt bij de ouders van Adrian Xu en Ray Wang, oprichters van start-up Youdemai. Met die app kunnen fotografen hun verouderde digitale camera’s en laptops verkopen tegen leuke prijzen. De door Youdemai opgekochte apparatuur wordt óf in samenwerking met de staat en de grote cameraproducenten op milieuvriendelijke wijze vernietigd óf gerepareerd en doorverkocht aan landen als India en Pakistan. Adrian en Ray, zelf fanatieke amateurfotografen, hebben inmiddels 75 werknemers in dienst en een omzet van een miljoen dollar.

„Onze ouders waren erop tegen dat wij stopten met onze studies bedrijfskunde en computerwetenschappen aan de Fudan universiteit. Eigenlijk begrijpen zij nog steeds niet wat wij doen”, vertellen zij breed grijnzend op hun kantoortje. „Eigenlijk hebben wij het aan het succes van Jack Ma van Alibaba te danken dat onze ouders toestemming gaven”, vertelt Xu. De invloed van Jack Ma, de voormalige leraar Engels die de onlinemarktplaats Alibaba.com uitbouwde tot een mondiale onderneming is in China moeilijk te onderschatten. Hij is de goeroe van innoverend China, samen met de mannen achter Baidu, het Chinese Google, en Tencent, de maker van een van de meest gebruikte apps, WeChat. Deze vier bedrijven hebben sinds een jaar of vijf niet alleen de economische structuur van China veranderd, maar staan ook in de top-10 van grootste internetbedrijven ter wereld.

„Dankzij Jack Ma wil iedere jonge Chinees internetondernemer worden”, weet Kaiser Guo, voormalig zanger van de rockband Tang Dynasty en tot begin dit jaar internationaal directeur van Baidu. Die ondernemerslust verklaart waarom de bulk van de Chinese vernieuwing en de meeste start-ups zich op internet bevinden. „In het Westen denkt men heel vaak dat China een digitale woestijn is omdat achter de Chinese digitale muur Google, Twitter en Facebook geblokkeerd zijn. China zou, bevroren in de tijd, wachten op de grote bevrijding. Niets is minder waar, in China is een bloeiend en groeiend parallel internetuniversum aan het ontstaan”, zegt Guo.

800 miljoen smartphonebezitters

Sarcastisch voegt de Chinees-Amerikaanse Guo, ook een rolmodel voor de hippere internetters, eraan toe:

„In mijn geboorteland de VS heerst het geloof dat je geen nieuwe apps kunt maken als je niet in alle vrijheid kunt checken wat voor vreselijks er is gebeurd op het Tiananmenplein in 1989 of hoe erg het is met de mensenrechten in China. Wat een fucking nonsens.”

Feit is volgens onderzoeken van McKinsey en Morgan Stanley dat China op het gebied van onlinebankieren en internethandel al wereldleider is. Niet verwonderlijk in een land met bijna 800 miljoen smartphonebezitters, waar rijk worden de heilige graal is geworden.

Dat Baidu, Tencent en Alibaba gemodelleerd zijn naar Amazon, Google,Facebook en Twitter doet er allang niet meer toe. „Ach wat, die westerse krokodillentranen over de Chinese kopieercultuur”, zegt Guo, „de Amerikanen kopieerden in de achttiende en de negentiende eeuw de Duitsers en de Japanners en Zuid-Koreanen kopieerden in de twintigste eeuw de Amerikanen en de Europeanen. Waarom geld, tijd en energie verspillen als je technologie langs andere wegen kan verwerven om die vervolgens op alle mogelijke manieren te verbeteren?”

De fase van het geavanceerde, pijlsnelle jatwerk is duidelijk aan het aflopen. De successen in de telecomsector, e-commerce en slimme apps zijn onomstreden en hetzelfde geldt voor communicatiesatellieten, de ruimtetelescoop en zonne-energie-winning. Maar grote vernieuwingen met een wereldwijde invloed zijn tot nu toe uitgebleven, zeker op het gebied van medicijnen, kunstmatige intelligentie, vliegtuigbouw en kernfusie. De innovatie-experts Georges Haour en Max von Zedtwitz in Shanghai, auteurs van het boek Created in China leggen een verband met het politieke systeem en de corruptie. „Het politieke klimaat is sinds 2010 veranderd, het is op universiteiten en in onderzoekscentra politiek ingewikkelder geworden om vrij te denken, de controle op politiek correcte uitspraken en westerse denkbeelden is veel strenger geworden. Dat heeft zijn weerslag op het tempo van innovatie”, schrijven zij.

Yangpu-partijbaas Tang Hai Dong wil daar niets van weten, hij heeft trouwens dringender zaken aan zijn hoofd en beëindigt het gesprek. Apple-topman Tim Cook heeft net aangekondigd dat Apple voor het eerst een groot onderzoekscentrum in China wil openen. „Is er een beter bewijs van vertrouwen in ons systeem?” Tang hoopt dat Cook, die vrijwel elke maand een keer in het land is, voor Yangpu kiest.