Rechter: schikking Uber en chauffeurs te laag

Uber is door een Amerikaanse rechter teruggefloten. Het bedrijf moet chauffeurs aanmerken als werknemers of een hoger schikkingsbedrag betalen.

Kai Pfaffenbach/REUTERS

Een federale rechter in de Verenigde Staten heeft een schikking van 100 miljoen dollar (88 miljoen euro) tussen taxibedrijf Uber en 380.000 van haar chauffeurs afgewezen. De federale rechter vindt het schikkingsbedrag onvoldoende. Dat meldt persbureau AP.

De chauffeurs zijn van mening dat zij uitgebuit zijn door de taxidienst, omdat zij niet als werknemers, maar als zelfstandigen behandeld worden. Daarom startten zij in september een groepsprocedure tegen Uber. De chauffeurs eisten te worden aangemerkt als fulltime werknemers in plaats van zelfstandigen. Daarmee zouden de chauffeurs een vast contract krijgen, recht op een onkostenvergoeding en sociale premies (zoals pensioen en arbeidsongeschiktheidspremies). Momenteel ontvangen Uber-chauffeurs die niet.

Teleurgesteld

Beide partijen zijn teleurgesteld dat de rechter het schikkingsvoorstel heeft afgewezen. Volgens de advocaat van de chauffeurs, Shannon Liss-Riordan, zijn er nu twee mogelijkheden: Uber komt met een hoger schikkingsbedrag, of er komt een rechtszaak. Ook Uber beraadt zich op vervolgstappen.

De groepsprocedure tegen Uber is niet de eerste tegen een taxi-startup. Begin dit jaar vocht Ubers grootste concurrent, Lyft, in de Verenigde Staten een vergelijkbare zaak uit. De rechter wees toen een eerste schikkingsbedrag van 12.5 miljoen dollar (11 miljoen euro) af. Uiteindelijk schikte het bedrijf voor 27 miljoen (24 miljoen euro) met haar chauffeurs.

Ook in Nederland kwam Uber voor de rechter: het bedrijf werd gesommeerd te stoppen met de service Uberpop. Via Uberpop konden particulieren zich zonder vergunning aanbieden als chauffeur.