‘Ik kan zeggen dat ik in de schouwburg heb gestaan!’

Spitsuur Marjolein Kooistra (55) is graag buiten, maar altijd voor even. „Het echte leven, met al zijn cultuur, ligt voor mij toch in de stad.”

Foto's David Galjaard

Slow food

Marjolein: „Ik heb altijd veel vrijwilligerswerk gedaan. Van huis uit heb ik een brede interesse meegekregen. Mijn ouders deden ook veel vrijwilligerswerk – zij waren een voorbeeld voor mij. Zo heb ik veel gedaan voor de wijk waarin ik woon, Rotterdam-Noord, een wijk die eind twintigste eeuw is ontstaan. Ik ben bestuurslid geweest, commissielid, en heb buurtfeesten georganiseerd. Als bewonersvertegenwoordiger was ik betrokken bij infrastructurele projecten rondom de wijk: eerst de aanleg van een spoortunnel, later de aanleg van de Randstad Rail en de vernieuwing van Rotterdam Centraal. Ik heb in die tijd veel vergaderd. Het was soms erg technisch, maar daar heb ik wel gevoel voor. Het vrijwilligerswerk paste heel goed bij de banen die ik toen had, bij de economische en sociale faculteiten van de Erasmus Universiteit. Ik ontmoette veel nieuwe mensen en hoorde altijd nieuwe verhalen. Van stedenbouwkundigen tot ambtenaren en architecten, heel boeiend allemaal.”

„Na al die infrastructurele projecten ben ik vrijwilligerswerk bij de Slow Foodbeweging gaan doen – een organisatie die kennis en kunde over goed, streekgebonden voedsel wil bewaren. Ik ben opgegroeid met rauwe melk en boerenkaas, zeg ik altijd, in een dorp in de Krimpenerwaard. Lange tijd bleef ik daar kaas kopen, als ik bij mijn ouders op bezoek ging. Op een dag zag ik een oproep voor vrijwilligers bij de Slow Foodbeweging en zo ben ik, in 2003, de boerenkaaswereld ingerold. Ik was een van de initiatiefnemers van het samenwerkingsverband met producenten die nog Boeren Goudse Oplegkaas maken, een kaas die minimaal twee jaar moet rijpen. Tien jaar lang heb ik me beziggehouden met het koppelen van producenten aan consumenten. Van goed voedsel, een mooie smaak en het verhaal van de producent word je gelukkiger. Het is een gevoelswereld. Dat sprak me erg aan, naast het rationele werk aan de universiteit. Inmiddels ben ik niet meer zo actief in de slowfoodbeweging, al dat georganiseer begon te veel op mijn universitaire werk te lijken. Maar als ik op mijn werk een borrel of lunch organiseer, probeer ik nog steeds slow food te introduceren. En ik ga ook een keer per maand naar de Rotterdamse Oogstmarkt, en doe boodschappen in de Groene Passage in de stad, waar allemaal verantwoorde winkels zitten. Zelf heb ik nooit de behoefte gehad voedsel te produceren of buiten te gaan wonen en een moestuin te beginnen. De stad geeft me meer vrijheid en diversiteit. Buiten zijn is lekker, maar altijd voor even. Het echte leven, met al zijn cultuur, ligt voor mij toch in de stad.”

Figurant in het theater

Marjolein: „Wat betreft vrijwilligerswerk maak ik even pas op de plaats. Ik heb het erg druk met mijn werk aan de universiteit. Ik werk meestal veertig uur of meer, omdat ik vind dat je als vrouw altijd economisch zelfstandig moet zijn. Van oorsprong ben ik bibliothecaris en documentalist. In 1982 ben ik begonnen als documentalist bij een nieuwe opleiding aan de Erasmus Universiteit. Nu werk ik vier dagen in de week als communicatieadviseur bij de Faculteit der Sociale Wetenschappen, en ben ik één dag in de week een soort tussenpersoon van de universiteit en de gemeente Rotterdam. Dat typeert mij wel, tussenpersoon zijn. Ik ben altijd bezig verbindingen te leggen tussen mensen en onderwerpen.”

„Ik zie wel of er op een dag nieuw vrijwilligerswerk voorbij komt. Als het maar niet lijkt op mijn baan aan de universiteit. Wat ik trouwens nog wel doe, is figurant zijn in het theater. Ik vond het een geweldige ervaring met veertig mensen mee te doen in De komst van Xia, het Nederlands-Vlaamse acteurscollectief Wunderbaum. Ik ontdekte dat ik altijd vrij solistisch bezig ben in mijn werk, en dat het daarom prettig was een creatief proces door te maken als onderdeel van een groep. Ik kwam als figurant bovendien terecht in de kaartenbakken van andere theatergroepen, en inmiddels heb ik meegedaan aan zo’n tien theaterstukken. Ik kan gewoon zeggen dat ik in de Rotterdamse en Amsterdamse Schouwburg en op het Holland Festival heb gestaan!”

Goed eten en kunst

Marjolein: „Goed eten en kunst zijn de dingen waar ik geld aan uitgeef. Ik koop weleens werk van jonge kunstenaars, dat is nog niet zo duur. Mijn favoriete kunstenaar is de onlangs overleden tekenaar Arie de Groot, van hem heb ik een paar werken. Ik zou ook wel graag verre reizen willen maken, maar dat is te duur. En Europa vind ik interessant genoeg. Als je in Australië 500 kilometer rijdt, zie je 500 kilometer hetzelfde. Europa is veel diverser qua landschappen, talen, culturen en historie.”

„Wat ik nooit probeer te missen, is mijn wekelijkse yogales. Als het door mijn werk niet lukt om daar op tijd te zijn, dan kan ik daar wel last van hebben. Het geeft me rust even stil te staan. Ik probeer dat thuis ook wel, maar dat lukt me niet altijd. Net als sporten, dat lukt me ook niet. Kennelijk vind ik andere dingen leuker.”