1666: circa 2.000 doden bij Terschelling

Herdenking

Exact 350 jaar geleden verwoestten de Engelsen West-Terschelling en zo’n 150 handelsschepen bij Vlieland. De kwestie leeft nog steeds.

Kolonel Steven J. Francis tekent het gastenboek tijdens de herdenking van de zogeheten Engelse Furie in het jaar 1666. Achter hem luitenant generaal Rob Verkerk en burgemeester Bert Wassink. Foto SIESE VEENSTRA / ANP

Steven Francis, kolonel van de Britse marine, staat bij het monument in de Commandeurstraat op Terschelling. Het monument toont een donkere aslaag onder de stoep, die is ontstaan nadat de Engelse vloot in 1666 West-Terschelling in de as legde. „Het West-Terschelling van nu is gebouwd op de resten van het West-Terschelling van toen”, zegt organisator Hans Geijtenbeek. verbonden aan de stichting die een herdenking organiseert. „Alsof het nooit anders is geweest hier.”

Terschelling en Vlieland herdenken dit weekend dat precies 350 jaar geleden de Engelsen genadeloos toeslaan op de eilanden. Tijdens de Tweede Engelse Oorlog wordt op 20 augustus het plaatsje West-Terschelling in brand gezet, de actie verwoest bijna alle huizen. Een dag eerder zijn al zo’n 150 handelsschepen van de Republiek der Verenigde Nederlanden bij Vlieland in vlammen opgegaan. Dat kan niet worden voorkomen door de oorlogsvloot van de Republiek, die uiteindelijk de oorlog zal winnen, en onder leiding staat van luitenant-admiraal Michiel de Ruyter.

Volgens historicus Anne Doedens , die een boek schreef over de ramp, zijn in totaal zo’n 2.000 mensen omgekomen bij de aanval, en was de rook te zien tot in Amsterdam. Doedens vindt het onbegrijpelijk dat in de meeste Nederlandse geschiedenisboeken het voorval van 1666 ontbreekt. „In de geschiedenis is de oorlog met de Engelsen een jongensboek van Michiel de Ruyter, daar past blijkbaar geen groot verlies in. Maar bij deze gebeurtenis zijn zoveel slachtoffers gevallen, dat moet iedereen weten.”

Het is voor organisator Hans Geijtenbeek reden om, net als vijftig jaar geleden, een herdenking te organiseren. „Er zijn hier tweeduizend doden gevallen, die slachtoffers hebben recht op een plek in de geschiedenis.” Bij de herdenking bezoeken hoogwaardigheidsbekleders van de Engelse en Nederlandse marine zowel Vlieland als Terschelling. Daarnaast wordt onder andere op de vuurtoren van Terschelling een film geprojecteerd waarin acteur Frank Lammers voor de gelegenheid maar weer eens in de rol van Michiel de Ruyter kruipt.

Het gevoel dat veel Nederlanders onterecht niet weten wat er is gebeurd, leeft bij meer mensen op Terschelling. „Iedereen in Nederland weet wanneer Bonifatius is vermoord. Ja, bij Dokkum, ja, dat leert iedereen”, zegt Richard van der Veen, conservator van het lokale museum. „Maar met alle respect: dat was maar één man, over die duizenden zeelieden die hier zijn omgekomen hoor je zelden iets.”

Toch is het niet zo gek dat weinig Nederlanders bij het jaartal 1666 meteen Terschelling en Vlieland kunnen opdreunen, zegt Henk den Heijer, emeritus hoogleraar maritieme geschiedenis op de Leidse Universiteit. „Je kan moeilijk een dik schoolboek maken met alle feitjes van de geschiedenis erin. En laten we eerlijk zijn: er zijn wel meer van dit soort gebeurtenissen die alleen in gespecialiseerde boeken staan vermeld.”

Maar op Terschelling blijven ze hopen dat ‘hun’ ramp ooit ook de rest van Nederland bereikt. „Over vijftig jaar doen we dit weer”, zegt Hans Geijtenbeek, terwijl het kleine kerkje van Terschelling langzaam volstroomt voor de officiële herdenking. „Mijn taak is volbracht als we dan, in 2066, eindelijk de schoolboeken hebben gehaald. Zodat deze vergeten ramp weer zal worden herinnerd.”