Terwijl Assad terugkeert in de gratie, martelt zijn regime door

Syrië Mensenrechtenorganisatie Amnesty komt op pikant moment met een rapport over marteldoden in gevangenissen.

Blinddoeken in een gevangenis in Manbij in Syrië. Foto Rodi Said/Reuters

In Syrische gevangenissen zijn sinds het begin van de burgeroorlog in 2011 17.723 mensen om het leven gekomen door martelingen en slechte leefomstandigheden.

Bron Amnesty International

Bron Amnesty International

Dat staat in een rapport dat Amnesty International donderdag heeft gepubliceerd. Volgens het rapport worden gedetineerden op systematische wijze verkracht en afgerost met metalen staven en elektriciteitskabels.

Een van de verslaggevers sprak in februari en maart zelf met een aantal voormalige gedetineerden die zijn gemarteld. Een van hen was Aisha (nu 37), die in december 2013 werd opgepakt en zeven maanden gevangenzat in Aleppo, Homs en Damascus. „Onder ons was een kamer waar ze elektrische schokken toedienden”, vertelde ze.

„Ik kon de geluiden van de martelingen horen. De jongens kwamen en gingen, in grote aantallen. Als je naar het toilet ging, rook je de geur van rottende lijken. Die lieten ze gewoon liggen.”

Deze feiten zijn niet nieuw. In 2014 werden tienduizenden foto’s van gedode Syrische gevangenen gepubliceerd. De foto’s waren gemaakt door een forensisch fotograaf van de militaire politie die was overgelopen naar de oppositie en zijn foto’s het land uit had gesmokkeld. Human Rights Watch publiceerde later een rapport waarin de verhalen achter de dode gedetineerden werden verteld.

Maar de timing van het rapport is wel opmerkelijk. Het Syrische regime raakt momenteel internationaal juist meer in de gratie. President Assad wordt door velen gezien als het ‘mindere kwaad’ in vergelijking met Islamitische Staat en andere radicaal islamitische rebellengroepen die de opstand domineren.

Na de interventie van Rusland lijken veel westerse landen zich neer te leggen bij het overleven van het regime. Zelfs Turkije, dat als een van de eerste landen het vertrek van president Assad eiste, probeert zijn relaties met Damascus te verbeteren.

Deze video publiceerde HRW eind december over de gevangenissen in Syrië:

Verantwoordelijkheid

Juist nu wijst Amnesty de internationale gemeenschap erop dat het regime nog altijd verantwoordelijk is voor de meeste doden in het conflict. En de organisatie dringt er op aan dat het regime onder druk wordt gezet om een einde te maken aan de gruwelijke praktijken in zijn gevangenissen. Vooral de speciale gezant van de Verenigde Naties en de leden van de Steungroep voor Syrië, die betrokken zijn bij het vredesoverleg in Genève, moeten wat Amnesty betreft een meer prominente rol spelen.

Bron Amnesty International

Bron Amnesty International

Ook Rusland krijgt er in het rapport van langs. Het land maakt zich volgens Amnesty schuldig aan een „beschamend verraad van de menselijkheid” door Syrië in de Veiligheidsraad te beschermen. Daar moet volgens Amnesty een einde aan komen.

Amnesty baseert het rapport onder meer op berekeningen van Human Rights Data Analysis Group en verklaringen van 65 mensen die in de Syrische gevangenissen zijn gemarteld.

Uit het onderzoek blijkt dat tussen maart 2011 en december 2015 gemiddeld circa driehonderd mensen per maand omkwamen. Dat zijn er ongeveer honderd keer meer dan Amnesty eerder dacht. De organisatie houdt er rekening mee dat het ware dodental nog hoger ligt, omdat nog eens tienduizenden mensen zijn verdwenen.

Brandbommen

De meeste overlevenden hebben volgens het rapport ‘welkomstfeestjes’ ondergaan. Meteen bij binnenkomst worden de gevangenen ernstig mishandeld, „waarbij vaak siliconen of metalen staven of stroomkabels werden gebruikt”. Direct daarna volgen „veiligheidscontroles”, waarbij met name vrouwen vaak slachtoffer worden van aanranding en verkrachting door mannelijke cipiers.

Aisha vertelde daarover:

„Ik heb gezien dat ze vrouwen seksueel lastigvallen onder de ogen van hun man. Een meisje bij ons in de cel was met haar oom. Ze namen haar mee naar een andere kamer en begonnen haar aan te raken. Dan zei de ondervrager: ‘kijk, nu leg ik mijn hand daar, straks leg ik er iets anders. Dus zeg tegen je oom dat hij moet bekennen, anders ga ik je vandaag verkrachten.’”

Ook Human Rights Watch blijft aandacht vragen voor vermeende oorlogsmisdaden door het Syrische regime. De organisatie bracht deze week een rapport uit over het toenemend gebruik van brandbommen. De afgelopen negen weken zijn dit soort wapens zeker achttien keer inzet in rebellengebieden, vooral in de buitenwijken van Damascus, in Oost-Aleppo en in de provincie Idlib. Activisten hebben veertig incidenten gemeld, maar die kon Human Rights Watch niet allemaal verifiëren.

Volgens de mensenrechtenorganisatie gaat het om bommen die zijn gevuld met thermiet en fosfor, stoffen die vreselijke brandwonden kunnen veroorzaken en hardnekkige branden kunnen aansteken. De inzet van deze wapens in dichtbevolkte gebieden is verboden volgens een akkoord dat door 113 landen, waaronder Rusland, is ondertekend. Volgens Human Rights Watch is er „sluitend bewijs” dat Rusland deze wapens toch inzet.