Het Strafhof moet oordelen over een goddelijke beeldenstorm

Timboektoe Jihadisten hielden in 2012 huis in de Malinese stad Timboektoe en sloegen eeuwenoude praalgraven aan puin. Een van de daders staat maandag terecht voor het Internationaal Strafhof, en betuigt spijt.

Een man houdt een verbrand manuscript omhoog in een van de getroffen mausolea. Foto UNESCO

Ahmad Al Faqi Al Mahdi, alias Abou Tourab, heeft deze maandag geschiedenis geschreven voor het Internationaal Strafhof in Den Haag. De ongeveer 40 jaar oude Malinees, afkomstig uit Timboektoe in het noorden van het land, is de eerste verdachte die voor een internationale rechtbank terechtstaat voor het vernietigen van cultureel erfgoed. Hij is ook de eerste islamitische jihadist in handen van het Strafhof.

En, ook een primeur, hij is de eerste verdachte die tegenover het Strafhof schuld bekent. Al Mahdi wordt de vernieling ten laste gelegd van onder andere negen eeuwenoude mausolea in de historische stad Timboektoe, de ‘Stad van de 333 Heiligen’. Aanklager Fatou Bensouda kwalificeert die daden als ‘oorlogsmisdaden’.
In een verklaring bij het begin van zijn proces zei Al Mahdi vanochtend „met diepe spijt en met grote pijn in het hart” te moeten erkennen dat de beschuldigen kloppen. Hij zei „oprecht berouw” te hebben en hij vroeg de inwoners van Timboektoe, die van Mali en de internationale gemeenschap om vergiffenis.

Zie hier een video van het Internationaal Strafhof waarin de zaak tegen Al Mahdi wordt uitgelegd (tekst gaat verder na de video):

Lees ook dit verslag uit 2012: ‘Extremisten vernietigen Timboektoe’

Een vroom man

Foto UNHCR

Herstelwerkzaamheden aan een van de getroffen mausolea. Foto UNESCO

De vernielingen in Timboektoe vonden plaats in 2012, toen extremistische groepen, opstandige Toearegs en aan Al-Qaeda gelieerde jihadisten, oprukten in Mali en grote delen van het noorden in bezit namen. Pas in januari 2013 kwam een einde aan hun opmars door ingrijpen van Franse troepen (die Al Mahdi in oktober 2014 ook arresteerden in de woestijn van buurland Niger). Momenteel is een vredesmacht van de VN in het noorden van Mali gestationeerd, waaraan ook Nederlandse militairen deelnemen.

Al Mahdi, geboren in het dorpje Agoune, zo’n honderd kilometer ten westen van Timboektoe, was altijd al een vroom man. Volgens de Malinese blogger Fatouma Harber, die nog les aan hem heeft gegeven, was hij wel actief maar niet een van de grote leiders van de jihadistische bezetting van Timboektoe. Die blijven buiten schot, schreef ze vorig jaar op haar blog.

Al Mahdi onderhield wel nauwe banden met de jihadistische leiders, met name met die van Ansar Dine (Verdedigers van het Geloof), een islamitische strijdgroep van Toearegs die streeft naar invoering van de shari’a in heel Mali. De jihadisten, ook die van Al-Qaeda, vertrouwden Al Mahdi. Wegens zijn kennis en zijn lokale prestige betrokken ze hem graag bij de organisatie van de Hisbah (de islamitische fatsoenspolitie die in de straten van Timboektoe patrouilleerde), bij de publiekelijke rechtvaardiging van lijfstraffen, bij de verspreiding van geloofspropaganda via radio en via preken in de moskee, en bij het coördineren en uitvoeren van de islamitische beeldenstorm in de stad.

De ziel van de stad is aangetast

Foto UNESCO

Foto UNESCO

Het aan puin slaan van de negen praalgraven van heiligen/filosofen in Timboektoe trok vier jaar geleden internationaal grote verontwaardiging, gezien hun belangrijke cultuurhistorische waarde in het algemeen en hun religieuze en emotionele betekenis voor de inwoners van de stad in het bijzonder. Er werden vergelijkingen getrokken met het opblazen in 2001 van de Afghaanse boedhha’s in Bamiyan door de Talibaan.

„Deze misdaad heeft de ziel van de stad, zijn identiteit en de geest van zijn bevolking geraakt”, zei aanklager Bensouda afgelopen maart op een inleidende hoorzitting, voorafgaande aan het eigenlijke proces. Ze verwees daarbij naar noodkreten die in 2012 de buitenwereld bereikten: ‘Ze hebben alles vernield wat we hebben. We kunnen ons niet verdedigen’.

Die voorbereidende zitting leverde Al Mahdi en zijn advocaten ook het podium om de contouren van zijn verdediging te schetsen. „Ik wil schuld bekennen. Er is geen druk op mij uitgeoefend. Ik ben me er volledig van bewust wat schuld bekennen inhoudt en wat de gevolgen daarvan zijn, waarmee ik waarschijnlijk word geconfronteerd”, sprak hij in het Arabisch.

Er is maar één God

Foto UNESCO

De gerestaureerde deur van de Sidi Yahia moskee in Timboektoe. Foto UNESCO

Een van Al Mahdi’s advocaten, de Luikse raadsman Jean-Louis Gilissen, legde in maart de geloofsopvatting van zijn cliënt uit. De vernielde mausolea bevatten de stoffelijke overschotten van heiligen. Hoe alom vereerd en gerespecteerd die ook worden, ze mogen niet op één lijn worden gesteld met de Almachtige God. Want dat is afgoderij.

Hij onderstreepte dat in Timboektoe geen moskeeën werden aangevallen en dat de graven zelf onberoerd werden gelaten. Slechts de ornamenten die een goddelijke status van de heiligen in de mausolea suggereren, werden afgebroken.

Slechte invloed van Al-Qaeda

Vanochtend zei Al Mahdi dat hij onder de slechte invloed van Al Qaeda en Ansar Dine verkeerd had gehandeld. Hij riep alle moslims in de wereld op niet te doen wat hij heeft gedaan. „Ik zal de straf daarvoor aanvaarden”, zei hij. Vanochtend werd gesproken over een mogelijke strafeis van negen tot elf jaar.

Met steun van Unesco, de cultuur- en onderwijsorganisatie van de VN, zijn de mausolea inmiddels gerestaureerd. Dat geldt ook voor de gedecoreerde deur van de uit de 15de eeuw daterende Sidi Yahia moskee. Volgens het volksgeloof zal die pas worden geopend op de Dag des oordeels. De aanvallers, onder leiding van Al Mahdi, wilden ook met dat bijgeloof afrekenen en braken de poort met geweld open. Daarna boden ze de imam geld aan voor een nieuw deur. Maar die weigerde. De aangerichte schade was niet in geld uit te drukken, zei hij.

De herstelwerkzaamheden aan de getroffen mausolea in beeld: