Schippers is een winnares pur sang, het type dat nederlagen slecht verteert

Dafne Schippers kwam niet naar de Olympische Spelen om te verliezen. Winnen zou ze, met name op de 200 meter.

Foto ANP

Detail voor detail nam Dafne Schippers dit jaar de sprint door. In Rio de Janeiro arriveerde ze volmaakt voorbereid. En toch was ze zaterdagnacht kansloos op de 100 meter. Woensdagnacht won ze zilver op de 200 meter. Of nee, ze verloor goud: „Ik ben absoluut niet blij met deze medaille. Ik kwam hier voor goud en niets anders.”

Sinds Schippers vorige week woensdag, tijdens een training plotseling een pijnscheut in haar lies voelde, vreesden zij en haar coach Bart Bennema even dat ze terug naar huis zou moeten. Zover kwam het niet, maar Schippers was het kwijt, zei ze mismoedig na de 200-meterrace. Ze miste de controle over haar lichaam, in het bijzonder door een verstoord coördinatievermogen. Na de voor haar onthutsende vijfde plaats op de 100 meter, leek het herstel voor de 200 meter tijdig te zijn ingetreden, dacht ze. Het bleek een vrome wens, woensdag, na een goede, maar geen perfecte race. Ze moest de gouden medaille aan haar Jamaicaanse rivale Elaine Thompson laten. Wel liep Schippers haar beste seizoenstijd van 21,88 seconden, tegen 21,78 voor de winnares.

De ontgoocheling van Schippers ten spijt was haar zilveren plak wel de tweede olympische atletiekmedaille voor Nederland sinds de Spelen van 1992 in Barcelona, waar Ellen van Langen vanuit het niets goud won op de 800 meter.

Veel oranje en Nederlandse vlaggen

Schippers liep weliswaar geen perfecte, maar wel een mooie race. Rond half elf betreedt ze de olympische baan te midden van veel in oranje geklede supporters. Het Olympisch Stadion met opvallend veel Nederlandse vlaggen is even haar terrein. Ze maakt wat huppelpasjes, zwaait naar het publiek en zoekt baan vier op.

Schippers loopt in wedstrijdtenue naar het startblok. Tegen haar zin, maar een nieuwe regel schrijft voor dat de sprintsters hun trainingspak in de callroom moeten achterlaten. Vindt ze niet fijn, onnodig lang schaars gekleed op de baan te staan. Sprinters houden de spieren graag warm.

Foto ANP

Foto ANP

De wereldkampioene inspecteert het startblok. Met passen bepaalt ze de positie ervan. De start bij de 200 meter behoeft een minder minutieuze uitvoering dan bij de 100 meter, maar een goede start is bepalend voor het verloop van de race.

Ready, set, go! Schippers schiet weg. Haar goede start voorkomt dat ze in de bocht moet corrigeren. De eerste dertig meter voluit accelereren om ‘hangend’ in de bocht zo ontspannen mogelijk te kunnen lopen. Gelukkig heeft ze in baan 4 haar twee belangrijkste concurrentes, Tori Bowie (baan 5) en Elaine Thompson (baan 6) in het vizier.

De jump lukt dit keer niet

Maar deze woensdagnacht gaat Thompson perfect van start en neemt een voorsprong. Bij het uitkomen van de bocht verhoogt Schippers haar ritme, om de middelpuntvliedende kracht te benutten. Dan is het versnellen voor het laatste rechte eind. Schippers komt dichterbij, maar die laatste jump naar de finish, die ze vorig jaar op de WK wel kon maken, redt ze niet

Schippers gooit zich naar voren en valt over de finish. Ze blijft liggen, tot de Britse Dina Asher-Smith haar overeind trekt. Schippers feliciteert Tori Bowie, de Amerikaanse die brons won, omhelst Thompson, die gehuld in een Jamaicaans vlag een feestje met landgenoten viert. In een daaropvolgend gesprek met de horde verslaggevers doet Schippers geen enkele moeite haar frustratie te verbergen.

Anderhalf uur later, tijdens de verplichte persconferentie, staat het chagrijn nog steeds op Schippers’ gezicht. Was ik hier niet, dan kwam ik hier niet, is haar houding. Ze verklaart, voor de bühne, toch wel blij te zijn met haar medaille. Haar primaire gevoel heeft ze onmiddellijk naar de race geuit. Begrijpelijk voor een sportvrouw die dacht zeker te zijn van de overwinning en de gouden medaille aan zich voorbij zag gaan. Nu moet ze weer vier jaar wachten.