Brexit bron voor goede grappen

Reportage Edinburgh

Op de Edinburgh Fringe, het grootste festival voor comedy en theater ter wereld, is de Brexit dit jaar het meestbesproken onderwerp.

Bridget Christie, Ahir Shah, Mark Thomas en Rob Auton Foto’s Reuters, Avalon promotions, Julian Ward ©

Comedian Bridget Christie betoogt in haar voorstelling Mortal dat het belangrijk is dat de natie zich herpakt na het referendum in juni over de vraag of Groot-Brittannië in de EU moest blijven of eruit stappen. We moeten niet gaan schelden of beledigen, zegt ze, en de beslissing van mensen om de EU te willen verlaten respecteren. Ze wil alleen dit zeggen: „Als je louter kijkt naar de getallen dan is een pedofiel die stemde voor ‘blijven’ een beter mens dan een niet-pedofiel die stemde voor ‘vertrekken’.”

Als de geschokte lach is weggeëbd, voegt Christie (1971) er met uitgestreken gezicht aan toe dat de verdeelde natie kalm en waardig moet blijven. Dan verklaart ze: „Een pedofiel zal hoogstens het leven van tientallen kinderen kunnen schaden. Vergelijk dat met een ‘leave’-stemmer: die ruïneert het leven van miljoenen kinderen.”

Het is venijnige humor die duidelijk maakt hoe hard de Brexit Christie heeft getroffen. Comedian Stewart Lee, de man van Christie, maakt in zijn voorstelling een vergelijkbaar sarcastisch statement: „Je kunt niet zeggen dat alle leave-stemmers racisten zijn…. Some of them are just cunts.” (Sommigen van hen zijn gewoon klootzakken.)

De Brexit is het meest besproken onderwerp dit jaar op de Edinburgh Fringe, het grootste festival voor comedy en theater ter wereld (vorig jaar: 2,3 miljoen verkochte kaarten voor ruim 50.000 uitvoeringen van ruim 3.000 voorstellingen in 313 zalen). De aandacht voor de Brexit is geen verrassing; zeker niet voor wie beseft hoe politiek gedreven stand-up kan zijn. In The Guardian bekende een aantal comedians dat een controversiële gebeurtenis als de Brexit weliswaar noopt tot herziening van hun materiaal, maar tevens een ‘godsgeschenk’ is.

Ook bij het publiek leeft het onderwerp sterk. Vaak volstaat een korte referentie al voor een krachtige respons. Zoals bij de flegmatieke James Acaster (1985), die vertelt over de twee touwtjes van zijn luxaflex, waarmee je de jaloezieën omlaag of omhoog trekt. Nooit lukt het hem om het goede draadje te kiezen. Waarna hij zegt: „Kiezen is moeilijk. Dat lijkt een nationaal probleem.”

De linkse comedian Mark Thomas (1963) past het onderwerp Brexit in bij zijn gedramatiseerde zoektocht naar de gebeurtenissen tijdens een mijnwerkersstaking in 1985. Eerst geeft hij de hoge percentages waarmee twee voormalige mijnwerkersdorpen voor ‘leave’ stemden. Om daarna te beginnen aan een opsomming van de problemen in die dorpen: eenderde van de volwassenen zonder diploma, 15 procent alcoholist en bijna de helft van de kinderen levend in armoede of op de grens ervan. Thomas zoekt een verklaring voor stemgedrag. Zijn cijfers zijn deel van een groter verwijt: dat de Labour Party de arbeiders heeft laten stikken.

De gepassioneerde Bridget Christie schreef na het referendum een bijna compleet nieuw programma. Een uur lang gaat ze tekeer tegen de Brexit en zijn hoofdrolspelers. Haar geestige tirade is subliem geconstrueerd rond de suggestie dat ze het alleen nog over tuinieren wil hebben. Kijken naar de natuur is geruststellend, zegt ze, en toont een fuchsia. „Deze fuchsia zit niet in de EU.” Waarna ze een metafoor uitwerkt over uitheemse plantensoorten die gedijen in Britse aarde, die geen grond van Engelse rozen innemen of de grond uitputten, maar juist de economie versterken door de toenemende vraag naar tuinmannen en potten. „Dus in plaats van te zeggen dat ze moeten oprotten naar hun eigen land zouden we ze moeten verwelkomen.”

In Mortal toont Christie, die in 2013 al de prijs kreeg voor beste comedyshow op de Fringe, waarom ze tot de beste comedians van dit moment behoort: ze is poëtisch, politiek gedreven, intelligent en zeer geestig. Een van de mooiste nummers is die waarin ze vertelt dat ze lijdt aan chronische blaasontsteking. Het is een kwaal waar 50 procent van de vrouwen volgens haar wel eens last van heeft en die verergert bij stress. En dus, stelt Christie, is premier David Cameron verantwoordelijk voor de brandende schaamlippen van duizenden vrouwen. Daarna vertelt ze dat ze de dag na het referendum in haar broek heeft geplast in de bus, omdat een moslimvrouw in niqaab heen en weer was geduwd. „David Cameron dacht dat het homohuwelijk zijn nalatenschap zou zijn, maar in plaats daarvan wordt hij herinnerd als de man die het openbaar vervoer besmeurde met racisme en pis.”

Cabaret

Voorstellingen als deze van Christie logenstraffen de in Nederland nog vrij gangbare opvatting dat stand-up synoniem is voor vrijblijvend en incoherent. In wezen verschilt stand-up niet zo gek veel van Nederlandstalig cabaret. In Nederland zou Christie tot de absolute top behoren, ergens tussen Claudia de Breij en André Manuel in. Zo kun je ook het werk van Mark Thomas definiëren: een strijdbare versie van Diederik van Vleuten. Zijn The Red Shed baadt minder in nostalgie, is geëngageerder en uiteindelijk net zo ontroerend als Van Vleuten.

Het Nederlands cabaretspectrum is breed, maar elke editie van de Fringe, zelfs als je maar 25 van de ruim 1.100 comedyshows ziet, biedt voorstellingen die volstrekt afwijken van wat er in Nederland wordt gemaakt. Niet voor niets komen de cabaretiers zelf, van Micha Wertheim tot Guido Weijers, in Edinburgh hun licht opsteken. Bij de bedachtzame, wonderlijke Rob Auton bijvoorbeeld, die een intrigerend uur wijdt aan een ongebruikelijk onderwerp voor comedy: slaap.

Ook met een thema als racisme wordt op de Fringe verschillend omgegaan. Zie alleen al programmatitels als Legally Brown en Born in Britain. Het zijn voorstellingen gemaakt door comedians die door en door Brits zijn, maar alleen vanwege hun huidskleur anders benaderd worden. In Nederland wordt racisme, zoals in de Zwarte Pieten-discussie, als het even kan onder ironie bedolven, terwijl op de Fringe het onrecht even verfijnd als onverbloemd wordt verwoord.

De 25-jarige Ahir Shah kan dat als geen ander. Hij slaagt erin om eloquent en slim thema’s als de Brexit, de robotisering van de wereld en de angst voor immigratie en terrorisme te smeden tot een geestig en confronterend amalgaam. Dat doet hij niet zonder zelfspot. In zijn Machines vertelt hij dat zijn grootvader met 3 pond op zak uit India naar Groot-Brittannië kwam. En nu is zijn kleinzoon goed voor 25.000 pond: aan studieschuld en persoonlijke schulden.

Shah beschikt over een bewonderenswaardige elegantie, die blijkt uit puntige zinnen als: „Ze zeggen dat het droevigste verhaal in de Engelse taal in zes woorden komt van Ernest Hemingway: For sale: baby shoes, never worn. Ik heb een tragischer en waar zeswoordenverhaal voor u: Theresa May remains our best hope.”

Ook Shah spreekt zijn zorg uit over de verdeeldheid in de wereld, die zelfs hindoes en boeddhisten tot extremisme brengt. Hij zegt: „Het treurige is dat niets ons zo verenigt als de wil om een blok te vormen tegen de ander. In dit land is het anti-immigrantensentiment op zijn hoogste punt ooit na het referendum, met 500 gerapporteerde haat- en geweldsincidenten, nu mijn landgenoten hun nieuwe soevereiniteit willen tonen op mijn hoofd en gezicht.” Hij geeft het publiek een paar seconden om na te denken over deze wending van politiek naar persoonlijk voor hij zegt: „Ik kan niet anders dan het persoonlijk opvatten.” Waarna hij afsluit met een gelaagde grap (zowel een rechtvaardiging als spot over zijn bekakte stem en zijn neiging om almaar door te praten): „Ik ben een tweedegeneratie-immigrant, al klink ik alsof ik ben gekoloniseerd door mijn eigen stem.”

Dat het persoonlijke politiek is, is een punt waarop hij terugkomt nadat hij heeft betoogd dat de welvaartsstaat een piramidespel is: die kan alleen in stand worden gehouden door de aanvoer van nieuwe investeerders/arbeidskrachten onderop om de gepensioneerden die bovenin uitstappen te betalen. Met andere woorden: het land kan niet zonder immigranten. Maar, zegt Shah: „Er is een minderheid die liever sterft in armoede dan te moeten kijken naar een gezicht als het mijne. Hoe neem je dat niet persoonlijk?”

U hoort Lebbis, zegt u? Ja, misschien wel. Dat is geen slechte vergelijking. Ali B ook wel. Hoe dan ook: dit is comedy met grappen en gedachten die je nog lang bezighouden.